P2.3 N3 Moleculaire technieken

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
P2.3 N3 
1 / 15
next
Slide 1: Slide
BiologieMBOStudiejaar 2

This lesson contains 15 slides, with text slides.

Items in this lesson

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
P2.3 N3 

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
H2.4  Celtypen en celgrootte 
Welk type cellen zijn hier afgebeeld?
Links: een eukaryote cel
Rechts: een prokaryote cel
Wat is het verschil tussen dit type cel?
Eukaryote cellen zijn:
* Groter
* Hebben een celkern
* Zijn gespecialiseerder (meer organellen)

Slide 2 - Slide

Focus op: 
de celmembranen- celwanden
* plantencel- dierlijke cel 
- Celwand planten 
(polysachriden- cellulose)
- celmembraan (fosfolipiden)

* bacteriecel (peptidoglycaan# )
  # bestaat uit polysachariden die met elkaar zijn verbonden door korte  peptideketens. 

Dit zijn de barrières die doorbroken moeten worden om bij het DNA te kunnen komen. 

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
Theorie bij praktijk:  isolatie van DNA

Lees de praktijkbundel: Inleiding DNA isolatie
* beantwoord de voorbereidende vragen (2 tallen)
Technieken om celbarrieres te breken
* Enzymatishe afbraak van celwanden
* Afbraak van celmembranen m.b.v. detergentia (zeep-oplossingen)
* Osmotische shock zodat cellen knappen
* Herhaaldelijk invriezen en ontdooien
Technieken om celresten te scheiden van DNA
* Filtratie
* Centrifugatie
* Zoutprecipitatie (neerslaan)
* DNA precipitatie met ijskoude Alcohol

Slide 3 - Slide

This item has no instructions


H5 
  • Opbouw
  • Biologische eigenschappen        
Biomoleculen
Link met de praktijk:  
  • Vetten; fosfolipiden bouwstenen van membranen
  • Nucleinezuren; dragers van erfelijke informatie
Als nucleinezuren geisoleerd moeten worden, moeten barrieres worden doorbroken. Deze verschillen per celtype.
  • Bacteriecellen
  • Plantencellen
  • Dierlijke cellen
Biologie leerjaar 2 N3

Slide 4 - Slide

 


3 soorten vetten
Fosfolipiden
Fosfolipiden zijn opgebouwd uit:

  • Glycerol: C3H8O3
  • 2 vetzuurketens: lange C-ketens met aan het eind een carboxylgroep
  • 1 Fosfaatgroep
  • Bouwstenen voor de celmembraan
Triglyceriden
Triglyceriden zijn opgebouwd uit:
  • Glycerol: C3H8O3
  • 3 vetzuren: lange C-ketens met aan het eind een carboxylgroep
Steroïden
De belangrijkste steroïden in dierlijke cellen zijn:
  • Cholesterol
  • Galzuren
  • Stroïdhormonen (geslachtshormonen)
Biologie leerjaar 2 N3

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
In water keren de staarten naar elkaar toe
Celmembraan

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

H4.2 Opbouw celmembraan
2 lagen fosfolipiden

Biologie leerjaar 2 N3

Slide 7 - Slide

Draai 2 keer aan het wiel
Stel 2 vragen: 
  • De celmembraan bestaat uit fosfolipiden. Hoe zie je dat in de tekening? 
  • Uit welke onderdelen is een fosfolipide opgebouwd? 

samenvatting bouw vetten
  • Triglyceride
  • Glycerol + 3 vetzuren
  • Hydrofiele kop + hydrofobe staart
  • Fosfolipide
  • Glycerol + 2 vetzuren + fosfaat
  • Hydrofiele kop + hydrofobe staart
  • Bouwstenen celmembraan
Biologie leerjaar 2 N3

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

5.6 Nucleïnezuren
Algemeen
  • Opgebouwd uit 
  • Vooral aanwezig in de celkern
  • Bevat de code van onze 'erfelijke informatie'
  • 2 vormen nucleïnezuren


  • Het zijn polymeren van nucleotiden
DNA
Afkorting van het Engelse woord: Deoxyribonucleïc acid
In het Nederlands: Deoxyribonucleïnezuur.
  • De pentose in DNA is: Deoxyribose
RNA
Afkorting van het Engelse woord: Ribonucleïc acid
In het Nederlands: Ribonucleïnezuur.

  • De pentose in RNA is: Ribose
Nucleotiden
Nucleotiden zijn opgebouwd uit 3 onderdelen.
  1. Stikstofbase
  2. Monosacharide (pentose)
  3. Fosfaat- groep
Biologie leerjaar 2 N3

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

5.6.1 Nucleotiden en 5.6.2 DNA
RNA
  • 4 mogelijke stikstofbasen: 
  • Uracil (U), Adenine (A), Guanine (G) en Cytosine (C)
  • Het polymeer is 'enkelstrengs'. 
  • Bevat ribose

  • Nucleïnezuren ontstaan door polymerisatie van nucleotiden
  • Polymerisatie middels 
Condensatie- reacties
Chemische reactie waarbij het polymeer ontstaat door aaneenschakeling van monomeren
Bij deze reactie komt water vrij
DNA
  • 4 mogelijke stikstofbasen:  Thymine (T), Adenine (A), Guanine (G) en Cytosine (C)
  • Bevat deoxiribose
  • Het polymeer is 'dubbelstrengs'
  • De basen A-T en G-C vormen 'Basenparen (bp)' 
  • De 'treden' van de dubbele DNA wenteltrap.
  • De dubbele strengen zijn 'complementair'. 

Biologie leerjaar 2 N3

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
Resultaat DNA isolatie na praktijk
Jullie hebben DNA in handen doordat jullie de cel barrières van de verschillende celtypen hebben doorbroken.  Daarbij valt op dat de isolatieprocedure afhankelijk is van de bouw van de cel waaruit het DNA is geïsoleerd.  

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Biologie
PCR
Polymerase Chain Reaction
* Met deze techniek kan DNA / RNA worden vermenigvuldigd waardoor er genoeg DNA ontstaat om het DNA ook te kunnen analyseren. De vermenigvuldiging is hetzelfde als bij bacterien. 
Het aantal kopieen DNA neemt exponentieel toe. 

Video exponentiele groei: https://youtu.be/d6p_M_7Qwjc

Biologie leerjaar 2 N3
Theorie bij praktijk: Vermenigvuldiging van DNA 

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
Praktische workflow PCR praktijk
Template DNA
In ons geval is dit het geisoleerde DNA uit:
  • E-coli
  • Kiwi
  • Thymus
Primers
Primers zijn kleine stukjes DNA van ongeveer 20-40 nucleotiden lang. 
Ze zijn specifiek voor het template DNA. 
In ons geval zijn ze speciaal voor E-coli ontworpen. 
Alleen op dat DNA kunnen ze annealen. 

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Biologie
Biologie leerjaar 2 N3
Briljantgroen agar plaat (BGA)
Praktijkbundel: Branchetaak kip

Maak opdracht week 3.2 INDIVIDUEEL als voorbereiding op het practicum

Slide 15 - Slide

This item has no instructions