This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes and text slide.
Lesson duration is: 30 min
Report this lesson
Items in this lesson
Slide 1 - Slide
De marketingmix bestaat uit de volgende onderdelen....:
Slide 2 - Open question
Klanten van GreenShot kunnen via de website een chatfunctie gebruiken om vragen te stellen. GreenShot reageert ook op Instagram-comments en vraagt klanten om reviews achter te laten.
Dit is een voorbeeld van welk onderdeel van de vraaggerichte marketingmix (4C’s)?
A
Customer solution
B
Communication
C
Customer cost to satisfy
D
Customer convenience to buy
Slide 3 - Quiz
Een balans is
A
Een overzicht over een tijdvak
B
Een momentopname
C
Onevenwichtig
D
In evenwicht
Slide 4 - Quiz
Lisa heeft 12.000 Instagram-volgers. GreenShot gaat voor promotie gebruik maken van: 1. Gesponsorde Instagram-posts (Lisa’s eigen account) 2. Een affiliate-programma: bloggers krijgen een commissie per verkochte print 3. Een nieuwsbrief aan bestaande klanten Vraag 18: De nieuwsbrief die GreenShot stuurt aan bestaande klanten is een voorbeeld van...
A
Massacommunicatie via sociale media
B
Direct marketing
C
Afroompolitiek
D
Reclame
Slide 5 - Quiz
1
2
3
4
5
Definiëren Totaalmarkt
Verdelen in segmenten
Kiezen van Segment
Positioneren binnen Segment
Afstemmen van Marketingmix
Sleep deze fases even snel in de juiste volgorde ...
Slide 6 - Drag question
Stelling: je kunt de marketingmix pas effectief implementeren als je een volledig beeld van de behoeften van de klant hebt.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 7 - Quiz
Kitchencare is producent van keukenapparatuur, zowel voor inbouw als losstaand. Kitchencare is onderdeel van Philips en richt zich uitsluitend op de bovenkant van de markt. Kitchencare voert een consistent marketingbeleid op het gebied van productontwikkeling, prijsstelling, distributie en marketing. Welke marketingstrategie hanteert Kitchencare?
A
geconcentreerde marketing
B
gedifferentieerde marketing
C
ongedifferentieerde marketing
D
gecontroleerde marketing
Slide 8 - Quiz
Liquiditeiten
Eigen vermogen
Vreemd vermogen kort
Vlottende activa
Vaste activa
Vreemd vermogen lang
Slide 9 - Drag question
Zara richt zich met hun kleding op jongeren en volwassen vrouwen en mannen. Er is sprake van:
A
ongedifferentieerde marketing
B
gedifferentieerde marketing
C
consumptieve marketing
D
geconcentreerde marketing
Slide 10 - Quiz
Koppel ieder van de 4 p's aan de bijbehorende c van e-marketing
Customer's solution
Cost to consumer
Convenience
Communication
Prijs
Product
Plaats
Promotie
Slide 11 - Drag question
Vloggers en bloggers verdienen vaak geld via affiliate marketing
A
Juist
B
Onjuist
Slide 12 - Quiz
Wat is de beste strategie voor producten in de 'cash cow' categorie van de BCG-matrix?
A
De productie stoppen en nieuwe producten ontwikkelen
B
De productie verminderen en marktaandeel behouden
C
De productie verhogen en marktaandeel vergroten
D
De productie handhaven en winst maximaliseren
Slide 13 - Quiz
Als ik bij bol.com kies voor achteraf betalen, dan ben ik voor bol.com een...
A
Crediteur
B
Debiteur
C
Probleemklant
D
Geen van allen
Slide 14 - Quiz
Liquide middelen
Vaste activa
Vlottende activa
Eigen vermogen
Kort vreemd vermogen
Lang <span>vreemd vermogen</span>
Gebouw
Bedrijfsterrein
Rabobank rekening
Kas
Debiteuren
Aandelen
Lening (5 jaar)
Hypothecaire lening
Crediteuren
Lening (<1 jaar)
Slide 15 - Drag question
Liquide middelen
Vaste activa
Vlottende activa
Eigen vermogen
Kort vreemd vermogen
Lang <span>vreemd vermogen</span>
Gebouw
Bedrijfsterrein
Rabobank rekening
Kas
Debiteuren
Aandelen
Lening (5 jaar)
Hypothecaire lening
Crediteuren
Lening (<1 jaar)
Slide 16 - Drag question
Welke balansmutaties vinden er plaats? Als: De onderneming verkoopt goederen op rekening voor €14.200. De inkoopwaarde is €9.400.
A
Debiteuren +€14.200
Voorraad -€9.400
Eigen vermogen+€4.800
B
Debiteuren -€14.200
Voorraad -€9.400
Eigen vermogen+€4.800
C
Debiteuren +€14.200
Voorraad -€14.200
D
Debiteuren +14.200
Voorraad -€9.400
Eigen vermogen-€4.800
Slide 17 - Quiz
Welke balansmutaties vinden er plaats? Per kas gekocht goederen €1.400.
A
Voorraad -€1.400
Kas -€1.400
B
Voorraad +€1.400
Kas -€1.400
C
Voorraad -€1.400
Crediteuren -€1.400
D
Voorraad -€1.400
Crediteuren +€1.400
Slide 18 - Quiz
Op welke P's leggen deze bedrijven het meeste nadruk op?
Spotify
Mc Donald
Van der Valk
Action
Product
Plaats
Prijs
Promotie
Slide 19 - Drag question
Het verschil tussen gedifferentieerde marketing en geconcentreerde marketing is ... (2 antwoorden)
A
Gedifferentieerd richt zich op één deelmarkt
B
Gedifferentieerd richt zich op verschillende producten
C
Geconcentreerd richt zich op één deelmarkt
D
Geconcentreerd richt zich op verschillende producten
Slide 20 - Quiz
De producten van Philips
Question marks
Stars
Dogs
Cash cows
spaarlampen
LED-lampen
plasma TV's
tablets
Slide 21 - Drag question
Hier is sprake van ...
A
Unsought goods
B
Convenience goods
C
Shopping goods
D
Specialty goods
Slide 22 - Quiz
Convenience goods zijn:
A
B
C
Slide 23 - Quiz
Wanneer je kiest voor massacommunicatie is dit een vorm van...
A
Ongedifferentieerde marketing
B
Gedifferentieerde marketing
C
Geconcentreerde marketing
Slide 24 - Quiz
De klant doet geen moeite! Het is een automatisme-aankoop geworden
Klant denkt goed na over deze aankoop. Deze aankoop is best prijzig, maar ook duurzaam
Het is een exclusief en luxe product. De producten zijn vooral voor rijkere mensen.
Je weet dat het bestaat, maar denkt nu niet aan om het aan te schaffen. het is geen gewild product