Waarom doen mensen aan sport?

Waarom doen mensen aan sport?
1 / 13
next
Slide 1: Slide
BSMMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Waarom doen mensen aan sport?

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Leerdoel
Aan het einde van de les kun je uitleggen waarom mensen aan sport doen.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wat weet je al over waarom mensen aan sport doen?

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

Slide 1
Wat is BSM?

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Slide 3
Quizvraag 1: Welke reden kan een motivatie zijn voor mensen om aan sport te doen?

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 4
Quizvraag 2: Wat is een mogelijke gezondheidsgerelateerde reden om aan sport te doen?

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 5
Quizvraag 3: Welk aspect van sport kan bijdragen aan sociaal contact?

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8
Quizvraag 6: Welk aspect van sport kan bijdragen aan plezier?

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Slide 12
Quizvraag 10: Welk aspect van sport kan bijdragen aan competitie?

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Samenvatting
We hebben geleerd dat mensen aan sport doen om verschillende redenen, zoals gezondheid, plezier, sociaal contact en competitie.

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 11 - Open question

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 12 - Open question

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 13 - Open question

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.