Opstart thema uiterlijk

Uiterlijk

Wat betekent dat?

Thema 10:

Uiterlijk

1 / 18
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNT2Voortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Uiterlijk

Wat betekent dat?

Thema 10:

Uiterlijk

Doel:

Je weet wat uiterlijk betekent.

Je kunt je eigen uiterlijk beschrijven.

Uiterlijk

Sta je ’s morgens lang voor de spiegel?

A

Ja

B

Nee

C


D


Is het belangrijk voor jou hoe je eruitziet?

A

Ja

B

Nee

C


D


Welke kleding draag je het liefst?

Woordjes

Je krijgt 10 nieuwe woordjes. 

Schrijf de woorden op in je woordenschrift. 

Schrijf de betekenis erbij. 

Je mag het ook in je eigen taal erbij schrijven. 

Het hoofd

Het gezicht

De hals

De schouder

twee schouders

De arm

Twee armen

De hand

twee handen

De vinger

10 vingers

De buik

De heup

twee heupen

De bil

Billen

Het been

twee benen

De knie

Twee knieën

De voet

twee voeten

De teen

10 tenen

Het oor

Twee oren

Het oog

Twee ogen

Het haar

De mond

Twee lippen

De wenkbrauw

Twee wenkbrauwen

Het voorhoofd

De baard

De kin

De neus

Opdracht: Beschrijf het uiterlijk van jezelf

Je krijgt van de docent een papier. 

Beschrijf het uiterlijk van jezelf.

Laat niemand zien wat je schrijft!


Kunnen de andere leerlingen raden over wie de beschrijving gaat?

Doel behaald?

Je weet wat uiterlijk betekent.

Je kunt je eigen uiterlijk beschrijven.