2021-03-15 GM3 Grieks bijspijkerles 3

Leerdoelen
  • je kunt het verschil tussen de verbuiging van ἀγαθός en μακρός uitleggen
  • je kunt de vormen van het bnw herkennen en benoemen
  • je kunt alle functies van de naamvallen noemen en toelichten
Weektaak
      • W 11, 12, 21
      • ἀγαθός, μακρός (ΤΒ 166)
      • πολύς, μέγας (ΤΒ 166)
      • functies naamvallen (ELO)

      Oefen met
      • HB2 99-101, ergon 7-12
      • HB2 102 ergon 13

      Ga naar LessonUp: daar staat een toetsje voor je klaar.
      Of: ga naar dia 12 van deze les: vertaal de zinnen.
      Klaas, Chris, Ide en Daan:
      10e terugkomen (Drillster niet op orde)
      1 / 14
      next
      Slide 1: Slide
      GrieksMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

      This lesson contains 14 slides, with text slides.

      time-iconLesson duration is: 45 min

      Items in this lesson

      Leerdoelen
      • je kunt het verschil tussen de verbuiging van ἀγαθός en μακρός uitleggen
      • je kunt de vormen van het bnw herkennen en benoemen
      • je kunt alle functies van de naamvallen noemen en toelichten
      Weektaak
          • W 11, 12, 21
          • ἀγαθός, μακρός (ΤΒ 166)
          • πολύς, μέγας (ΤΒ 166)
          • functies naamvallen (ELO)

          Oefen met
          • HB2 99-101, ergon 7-12
          • HB2 102 ergon 13

          Ga naar LessonUp: daar staat een toetsje voor je klaar.
          Of: ga naar dia 12 van deze les: vertaal de zinnen.
          Klaas, Chris, Ide en Daan:
          10e terugkomen (Drillster niet op orde)

          Slide 1 - Slide

          Slide 2 - Slide

          De verbuiging van πολύς en μέγας (gramm. 5.4)

          Slide 3 - Slide

                αἰσχροῦ    μέγα    θαυμαστῇ     ἀθλίαι     νέας

          κακή   πολύ    ἀνδρείοι     χαλεπόν     μέγας     καθαρῶν

                ἰσχυρά   ὑψηλήν     πολλῶν     ἄλλο     μέγαν    ἀγαθόν

          καλά     κενούς     μακροῖς      ἑκάστης      μεγάλας

                    πολύν     ἡμετέρας     πολλῷ     σαῖς     φίλος

          Slide 4 - Slide

          Gevaarlijke uitgangen (1):




          -ας




          -ης




          Let op de nom. van woorden van de 3e decl.:
          ὁ Ἕλλην
          ἡ ἐσθής
          ὁ ἡγεμών/γέρων
          τὸ ὄνομα/σῶμα/πρᾶγμα
          ἡ Ἑλλάς
          ὁ λιμήν
          ὁ πούς




          1e,  nom F ev (θεά, θαλαττά)
          2e, nom/acc N mv (δῶρον)
          3e, nom/acc N mv (πρᾶγμα)
          3e, acc M/F ev (παῖς)
          1e, nom M ev (νεανιας)
          1e, gen F ev (θεά)
          1e, acc F mv (μαχη, θεά, θαλαττά)
          1e, acc M mv (δεσπότης, νεανιας)
          3e, acc MF mv (παῖς)
          1e, gen F ev (μάχη, θαλαττά)
          1e, nom M ev (δεσπότης)

          Slide 5 - Slide

          Gevaarlijke uitgangen (2):
          -ος


          -ον



          Let op de nom. van woorden van de 3e decl.:
          ὁ Ἕλλην
          ἡ ἐσθής
          ὁ ἡγεμών/γέρων
          τὸ ὄνομα/σῶμα/πρᾶγμα
          ἡ Ἑλλάς
          ὁ λιμήν
          ὁ πούς




          2e, nom M ev (θεός)
          3e, gen MFN ev (παῖς, πρᾶγμα)

          2e, acc M ev (θεός)
          2e, nom/acc N ev (δῶρον)

          3e, dat MFN ev (παῖς, πρᾶγμα)
          3e, dat MFN mv (παῖς, πρᾶγμα) (-σι(ν))

          Slide 6 - Slide

          Gevaarlijke
          uitgangen!
          -ον
          -ης
          -ας
          -ος

          Slide 7 - Slide

          Slide 8 - Slide

          NAAMVALLEN
          Nominativus
          1.
          2.
          Genitivus
          1.
          2.
          3.
          Dativus
          1.
          2.
          3.
          4.

          Accusativus
          1.
          2.

          Slide 9 - Slide

          Theseus voer met de kinderen naar Kreta. Daar moesten zij aan de Minotaurus geofferd worden. De kinderen waren bang, maar Theseus beloofde hun zijn hulp. Een bewaker bracht hen bij een trap. 'Ga hier naar beneden, dan kom je vanzelf in het labyrint.' Nadat ze naar benden waren gegaan bleef Theseus voor het labyrint staan. Aan de deurklink hing een klos touw. Die had Ariadne daar gehangen om Theseus te helpen. Theseus zei tegen de kinderen: 'Ik ga het labyrint in, jullie blijven hier wachten.' Een jongen gaf hij de klos touw van Ariadne: 'Houd deze stevig vast, tot ik weer terug ben.'

          Slide 10 - Slide

          Met zachte stappen sloop Theseus lange tijd door het labyrint. Plotseling hoorde hij gesnurk. Hij sloeg een hoek om en daar lag het monster. Snel trok Theseus het zwaard uit de schede, maar door dat geluid werd de Minotaurus wakker. Hij sprong op en kwam met luid gebrul op Theseus af. De held liet zich niet van de wijs brengen en met één grote zwaai van zijn zwaard hakte hij het hoofd van de Minotaurus af. Van vreugde maakte Theseus een rondedansje. Met de draad van Ariadne kon Theseus de uitgang weer vinden, waar de kinderen hem met gejuich begroetten. Voor hen was Theseus een held.

          Slide 11 - Slide

          Ergon 13 HB2 blz. 102

          1. Ὁ δῆμος ὁ τῶν Ἑλλήνων θαυμάζει τὸν ἀνδρεῖον ἥρωα.


          2. Πολλαὶ γυναῖκες μακρὸν λόγον περὶ πράγματος θαυμαστοῦ ἤκουον.

          NOM  GEN  DAT  ACC

          Slide 12 - Slide

          Ergon 13 HB2 blz. 102

          3. Ὁ μέγας ἥρως τὴν τύχην τὴν ἀθλίαν οὐκ ἔφυγεν.


          4. Ὁ πρὸς τὴν θάλατταν στόλος οὐ μόνον μακρός ἐστιν, ἀλλὰ καὶ καλός.
          NOM  GEN  DAT  ACC

          Slide 13 - Slide

          Ergon 13 HB2 blz. 102

          5. Διὰ τῆς νυκτὸς ὁ σὸς υἱὸς πολλάκις τὸν ὑψηλὸν οὐρανὸν σκοπεῖ.


          6. Αἰσχροὺς νόμους ὁ κακὸς ἡγεμὼν ἔταξε τῷ ἀθλίῳ δήμῳ.
          NOM  GEN  DAT  ACC

          Slide 14 - Slide