lesson plan

SCORE Rekenen Proeftoets 2A

Ready to use this lesson plan? Use the button below to save a copy of this lesson plan in your account. After doing so, you will be able to modify the lessons as you wish.

Nu online! Speciaal voor leerlingen die opgaan voor de 2A-Rekentoets, stellen we hier een oefentoets beschikbaar. Net als het rekenexamen 2F kent het rekenexamen 2A twee delen.
Beide delen kunnen contextloze en contextopgaven bevatten.

2A PROEFTOETS Deel 1 en Deel 2

Deze proeftoets bevat 45 opgaven:
- 18 opgaven in deel 1 (zonder rekenmachine). Dit deel betaalt voor circa 1/3 het eindcijfer (34 van de 100 punten).
- 27 opgaven in deel 2 (rekenmachine is toegestaan). Dit deel bepaalt voor 2/3 het eindcijfer (66 punten te halen).

Tijdsduur: 1 uur
Wij adviseren een dubbel lesuur te reserveren (inclusief afnametijd en antwoorden).

Antwoorden
De test bevat alle antwoorden.
PDF

2A: Alternatief voor vmbo bb en mbo 1-2

De rekentoets 2A is een eenvoudigere variant van de rekentoets 2F. Deze is haalbaarder en maakbaarder voor de leerlingen in vmbo BB en voor studenten in het mbo (Entree en mbo niveau-2).

De rekenexamens 2A en 2F hebben beide tot doel te toetsen in hoeverre kandidaten beschikken over (parate) rekenkennis en -vaardigheid en in hoeverre ze in staat zijn deze kennis en vaardigheid te gebruiken om problemen op te lossen in werkelijke situaties. 

Inhoudelijk zijn de verschillen tussen 2A en 2F niet heel groot. Het verschil zit vooral in de complexiteit van de opgaven en in andere opgavekarakteristieken.
  • De activiteiten die tot een oplossing van een opgave leiden zijn vaak eenvoudiger.
  • De probleemsituaties staan in het algemeen dichter bij de kandidaten.
  • Abstracte noties komen minder vaak voor dan in 2F.
  • Een opgave kan vaker in de context opgelost worden.
  • Vaker kan betekenisvol gerekend blijven worden.
  • Er is meer ruimte voor het gebruik van concrete en informele oplossingsstrategieën.

Verschillen tussen 2A en de ER-toets
ER staat voor 'ernstig rekenprobleem'. Een leerling met dyscalculie of een ernstig rekenprobleem mag een ER-toets maken, waarin het rekenhandwerk eenvoudiger is en waarin voor alle opgaven hulpmiddelen zijn toegestaan, zoals de rekenmachine. De complexiteit van de rekenproblemen tussen een gewone toets en een ER-toets verschilt niet.

De vmbo bb-leerling met dyscalculie of een ernstig rekenprobleem kan de rekentoets 2A-ER maken als hij vanwege zijn beperking niet in staat blijkt om met de rekentoets 2A te laten zien waartoe hij in staat is. Ook de vmbo bb-leerling die op de rekentoets 2ER niet voldoende kan laten zien, heeft ook de mogelijkheid de rekentoets 2A-ER te maken.

soorten opgaven

Het rekenexamen 2A kent net als het 2F drie soorten opgaven:
(1) contextloze opgaven
(2) opgaven met eenvoudige context
(3) contextopgaven om het functioneel gebruik van rekenkennis/-vaardigheid te toetsen.

Verschil 2A-2F per domein

DOMEIN GETALLEN

-    Minder opgaven vragen om een afronding.
-    Opgaven met geldbedragen komen automatisch uit op maximaal twee decimalen.
-    Benoemde decimale getallen in opgaven stellen bij voorkeur geldbedragen of afstandsmaten voor.
-    Geen vermenigvuldigingen van decimale getallen met andere decimale getallen. (Wel: vermenigvuldiging van decimale getallen met eenvoudige gehele getallen.)
-    Geen herleiding van decimale getallen groter dan 1 tot een gemengd getal, zoals in: '3,5 is 3'.
- Geen machtsverheffingen en worteltrekkingen.
- Geen contextloze opgaven met onbenoemde negatieve getallen.
- Geen berekeningen en formules met haakjes.

DOMEIN VERHOUDINGEN

- Geen uitdrukking 'op de', zoals in '1 op de 4 mensen draagt een bril'. (Wel mogelijk is een uitdrukking als: '1 van de 4 mensen draagt een bril').
- Wel weten dat een kwart hetzelfde is als 1/4 deel en als 25%, maar hoeft geen omrekeningen van dit type uit te voeren in een opgave. 
- Geen berekeningen waarin de afmetingen van een meetkundige figuur in verhouding vergroot of verkleind worden.

DOMEIN VERBANDEN
- Bij grafieken en diagrammen alleen waarden aflezen als het overeenkomstige punt in het assenstelsel een roosterpunt is en/of samenvalt met een rasterlijn in de schaalverdeling.
- Geen patroon herkennen in een tabel of in woorden of een patroon beschrijven met een (woord)formule.

DOMEIN METEN & MEETKUNDE

- Minder eenheden kennen en gebruiken. Niet van toepassing voor 2A zijn: hm, mm2, cm3, cc.
- Alleen omtrek, oppervlakte en inhoud berekenen van figuren waarvan alle hoeken recht zijn.
- Alleen de oppervlakte van rechthoekige driehoeken kunnen berekenen als de wordt voorgesteld als de helft van een rechthoek (zonder formule).
- Geen ruiten, parallellogrammen en prisma’s benoemen en herkennen.
- Wel kennis nodig van de diameter, maar niet van het begrip straal.