Chemiecomplex Chemelot in Sittard-Geleen, vanuit de lucht (foto: NED2011, CC BY 3.0)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Quiz
Terugblik: Industrie en groene chemie
Chemiecomplex Chemelot in Sittard-Geleen, vanuit de lucht (foto: NED2011, CC BY 3.0)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Quiz
Terugblik: Industrie en groene chemie
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: NED2011 / Wikimedia Commons, CC BY 3.0
Welk apparaat draagt warmte over van de ene stroom naar de andere?
Een reactor
Een warmtewisselaar
Een scheidingsinstallatie
Een recirculatiepomp
Syllabus T1.1. Verwachte fout: reactor, omdat daar warmte vrijkomt of nodig is.
Vul in
Een continuproces draait doorlopend. Bij een batchproces gaat de reactor steeds weer leeg en vol.
Syllabus T1.1.
Wat maakt de fijnchemie vooral?
Grote hoeveelheden goedkope basisstoffen
Alleen brandstoffen voor transport
Alleen stoffen uit afval
Kleine hoeveelheden dure, zuivere stoffen
Syllabus T1.1 (fijnchemie). Verwachte fout: de bulkchemie omschrijving kiezen.
Zet de stappen voor de atoomeconomie op volgorde
Syllabus T1.5. Zonder kloppende vergelijking weet je de coëfficiënten niet; massa = coëfficiënt × molaire massa; daarna delen en × 100%.
Water splitsen: 2 H₂O → 2 H₂ + O₂. Atoomeconomie voor H₂?
88,8%
5,6%
22,4%
11,2%
Syllabus T1.5. Vergelijking: links H 4, O 2; rechts H 4, O 2. M(H₂) = 2,016 en M(H₂O) = 18,016 g mol⁻¹. Gewenst: 2 × 2,016 = 4,032 g; beginstof: 2 × 18,016 = 36,032 g; 4,032 / 36,032 × 100% = 11,2%. 88,8% is het zuurstofdeel, 5,6% komt van de coëfficiënt 2 vergeten, 22,4% van delen door maar één H₂O.
Per uur 750 kg beginstoffen, 480 kg product, rest afval. E-factor?
1,6
0,56
0,36
0,64
Syllabus T1.5. Afval = 750 − 480 = 270 kg; 270 / 480 = 0,5625, dus 0,56 (twee significante cijfers). 1,6 komt van 750 / 480, 0,36 van 270 / 750 en 0,64 van 480 / 750.
Vul in
In een stofkringloop wordt een stof na gebruik opnieuw gebruikt. Door elementbehoud verdwijnen atomen niet.
Syllabus T1.6 en R&A3.1.
Product kookt bij 65 °C, onomgezette beginstof bij 180 °C. Welke scheiding?
Filtreren
Extraheren
Destilleren
Bezinken
Syllabus T1.3 (scheidingsstappen toelichten) en R&A2.2: de stoffen verschillen in kookpunt, dus destilleren. Filtreren en bezinken werken met vaste deeltjes, extraheren met verschil in oplosbaarheid.
Welke energiemaatregel past bij groene chemie?
Warmte van het product gebruiken om beginstoffen te verwarmen
Alle warmte met koelwater lozen
Altijd een hogere temperatuur kiezen
De reactor extra verwarmen
Syllabus T1.1 (energiehuishouding, warmtewisselaars) en T1.4. Hergebruik van warmte bespaart energie.
Noem één voordeel van recirculatie.
Bijvoorbeeld minder afval, minder grondstof nodig per kg product, hogere benutting van de beginstoffen. Fout: alleen zeggen dat het sneller gaat.
Hoe kan een fabriek minder vers water gebruiken?
Meer water toevoegen om afval te verdunnen
Proceswater zuiveren en opnieuw gebruiken
Water na gebruik direct lozen
Alleen vers koelwater gebruiken
Syllabus T1.4 (gebruik van water). Verwachte fout: verdunnen. Dat verlaagt de concentratie maar niet de hoeveelheid afval.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Goed gedaan!
Je kunt een proces in een blokschema beschrijven, keuzes toelichten en de groenheid beoordelen met atoomeconomie en E-factor. Succes met het examen!
Cet élément n'a pas d'instructions