Chemiecomplex Chemelot in Sittard-Geleen, vanuit de lucht (foto: NED2011, CC BY 3.0)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Examentraining
Industrie en groene chemie: zo pak je examenvragen aan
Chemiecomplex Chemelot in Sittard-Geleen, vanuit de lucht (foto: NED2011, CC BY 3.0)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Examentraining
Industrie en groene chemie: zo pak je examenvragen aan
Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: NED2011 / Wikimedia Commons, CC BY 3.0
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Wat ga je kunnen?
Ik kan een blokschema lezen, atoomeconomie en E-factor berekenen en een keuze in een proces toelichten.
Cet élément n'a pas d'instructions
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Zo pak je een examenvraag aan
1. Lees: wat is het proces, welke gegevens en welke vraag staan er?
2. Zoek: volg de stofstromen in het schema of schrijf de reactievergelijking op.
3. Reken of redeneer: gebruik de formule of noem keuze, effect en afweging.
4. Controleer: eenheden, afronding en of je antwoord bij de vraag past.
Cet élément n'a pas d'instructions
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Vraagtype 1: een blokschema lezen
Het schema hoort bij de synthese van methanol: CO + 2 H₂ → CH₃OH.
Elk blok is een apparaat, elke genummerde pijl een stofstroom.
Volg per pijl welke stoffen erlangs gaan en waar ze heen gaan.
Syllabus T1.2 en T1.1 (blokschema, stofstromen, recirculatie). Vergelijking gecontroleerd: links C 1, O 1, H 4; rechts C 1, O 1, H 4.
Welke stoffen stromen door pijl 3?
Methanol, op weg naar de opslag
Onomgezet CO en H₂, terug naar de reactor
Afval, op weg naar de verbranding
Alleen water dat de scheider verlaat
Syllabus T1.1 (recirculatie). Pijl 3 loopt van de scheider terug naar de ingang: dat is onomgezette beginstof. Verwachte fout: het product kiezen, dat verlaat het proces via pijl 4. Image credit: Eigen figuur
Pijl 3 wordt afgevoerd als afval. Wat is het gevolg?
De atoomeconomie van de reactie daalt
Er ontstaat minder afval
Er is meer grondstof nodig per kg methanol
De scheider heeft minder werk
Syllabus T1.1 en T1.4. Zonder recirculatie gaat onomgezette beginstof verloren, dus meer grondstof en meer afval per kg product. De atoomeconomie volgt uit de reactievergelijking en verandert niet. Verwachte fout: de atoomeconomie kiezen. Image credit: Eigen figuur
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Vraagtype 2: atoomeconomie en E-factor
Vergisting van glucose: C₆H₁₂O₆ → 2 C₂H₅OH + 2 CO₂. Gewenst product: ethanol.
Molaire massa's: glucose 180,16; ethanol 46,07; koolstofdioxide 44,01 g mol⁻¹.
Atoomeconomie = massa gewenst product / massa alle beginstoffen × 100%.
E-factor = massa afval / massa gewenst product. De rest van de beginstoffen is afval.
Syllabus T1.5. Vergelijking gecontroleerd: links C 6, H 12, O 6; rechts C 4 + 2, H 12, O 2 + 4. De formules staan in een examenvraag bij de vraag.
Wat is de atoomeconomie van deze vergisting voor ethanol?
51,1%
25,6%
48,9%
67,7%
2 × 46,07 = 92,14 g ethanol (92,136). Beginstoffen: 180,16 g glucose. 92,14 / 180,16 × 100% = 51,1%. Controle: de CO₂ is 2 × 44,01 = 88,02; 92,14 + 88,02 = 180,16. 25,6% komt van de coëfficiënt 2 vergeten (46,07 / 180,16), 48,9% is het deel dat CO₂ wordt (88,02 / 180,16), 67,7% komt van 92,14 / (92,14 + 44,01).
2,0 ton beginstoffen geeft 0,80 ton ethanol. E-factor?
Afval = 2,0 − 0,80 = 1,2 ton. E-factor = 1,2 / 0,80 = 1,5 (twee significante cijfers). Controle: 1,5 × 0,80 = 1,2. Verwachte fouten: 2,5 (2,0 / 0,80, delen door de beginstoffen) en 0,67 (0,80 / 1,2, breuk omgedraaid).
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Vraagtype 3: een keuze toelichten
Een toelichting heeft drie delen: de keuze, het effect en de afweging.
Voorbeeld: een katalysator laat de reactie bij lagere temperatuur snel genoeg gaan, dus is er minder energie nodig.
Noem ook een nadeel of een beperking als de vraag om een afweging vraagt.
Syllabus T1.3 en T1.4 (reactieomstandigheden, ondermaat/overmaat, kwalitatieve energiebeschouwing).
Beginstof A is goedkoop, B is duur. De fabriek neemt A in overmaat. Waarom?
De atoomeconomie van de reactie stijgt
De dure beginstof reageert bijna volledig
Er blijft na de reactie niets over
De reactie geeft dan meer warmte af
Syllabus T1.4 (ondermaat/overmaat). Met overmaat A reageert vrijwel alle B. Er blijft wel A over, dat is te scheiden en terug te voeren. De atoomeconomie volgt uit de vergelijking en verandert niet. Verwachte fout: kiezen dat er niets overblijft.
Een katalysator laat het proces bij lagere temperatuur lopen. Groen voordeel?
Er ontstaan geen nevenreacties meer
Het rendement wordt altijd 100%
De beginstoffen worden hernieuwbaar
Er is minder energie nodig
Syllabus T1.3 en T1.4 (reactieomstandigheden, energie). Lagere temperatuur betekent minder verwarmingsenergie. Een katalysator geeft geen garantie op 100% rendement of het verdwijnen van alle nevenreacties.
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Vraagtype 4: een proces beoordelen
Bij een beoordeling gebruik je gegevens: atoomeconomie, E-factor, grondstof, energie en afval.
Atoomeconomie volgt uit de reactievergelijking, de E-factor uit wat er in de fabriek echt gebeurt.
Recycling en recirculatie lijken op elkaar, maar recirculatie blijft binnen één proces.
Syllabus T1.4, T1.5 en T1.6. Vraagtype uit het examen: een gegeven proces beoordelen op groene chemie en een voorstel doen voor aanpassing.
De atoomeconomie is 100%, maar de E-factor is 3,0. Hoe kan dat?
In de praktijk ontstaat afval door nevenreacties en onvolledige omzetting
Atoomeconomie en E-factor meten dezelfde afval, dus dit kan niet
Een hoge atoomeconomie betekent altijd een laag rendement
De E-factor gaat alleen over energiegebruik
Syllabus T1.5. Atoomeconomie kijkt alleen naar de vergelijking, de E-factor naar al het afval in de praktijk, ook door nevenreacties, onvolledige omzetting en hulpstoffen. De afleiders zijn typische misvattingen: de twee grootheden zijn niet gelijk, en E-factor gaat niet over energie.
Oude PET-flessen worden omgesmolten tot korrels voor nieuwe producten. Welk begrip?
Recirculatie
Nevenreactie
Recycling
Onvolledige omzetting
Syllabus T1.6 en T1.4 (recycling). Gebruikte producten worden grondstof voor nieuwe. Verwachte fout: recirculatie, maar dat is terugvoeren binnen één proces.
Welk vraagtype vind jij het lastigst?
Een blokschema lezen
Atoomeconomie en E-factor
Een keuze toelichten
Een proces beoordelen
Cet élément n'a pas d'instructions
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · INDUSTRIE · GROENE CHEMIE
Tips voor op het examen
Teken of volg bij een blokschema elke stofstroom met je vinger: wat gaat erin, wat komt eruit?
Reken atoomeconomie altijd met de coëfficiënten uit de kloppende vergelijking.
Schrijf bij een toelichting de drie delen op: keuze, effect, afweging.
Cet élément n'a pas d'instructions