Nederland 1948-1978: welvaart (Geschiedenis havo), les 3: Terugblik quiz

NEDERLAND 1948-2008 · 1948-1978

Quiz

Terugblik: Nederland 1948-1978: welvaart

1 / 14
suivant
Slide 1: Slide
newEditorGeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

Cette leçon contient 14 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min
Signaler cette leçon

Introduction

Terugblikquiz over wederopbouw, verzorgingsstaat, consumptiemaatschappij, ontzuiling en oliecrisis.

Éléments de cette leçon

NEDERLAND 1948-2008 · 1948-1978

Quiz

Terugblik: Nederland 1948-1978: welvaart

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Herbert Behrens / Anefo, Nationaal Archief / Wikimedia Commons, CC0

Wat was de babyboom?

A

Sterke daling van het geboortecijfer in 1973

B

Sterke geboortegroei direct na de oorlog

C

Groei van het aantal woningen in steden

D

Toename van de export na de aardgasvondst

Babyboom is geboortegroei na 1945.

Welke twee partijen vormden de rooms-rode regeringen?

A

Katholieken en sociaaldemocraten

B

Katholieken en liberalen

C

Protestanten en liberalen

D

Sociaaldemocraten en liberalen

Rooms is katholiek, rood is sociaaldemocratisch. Verwachte fout: liberalen.

Vul in

Na de invoering van de AOW in 1957 werd de verzorgingsstaat verder uitgebouwd.

AOW
1957
verzorgingsstaat
1973
consumptiemaatschappij

AOW, 1957, verzorgingsstaat.

Welk gegeven zorgde voor extra inkomsten voor Nederland, naast het Duitse herstel?

A

De vondst van olie in de Noordzee

B

De Marshallhulp na 1973

C

De vondst van aardgas in Groningen

D

De afschaffing van de geleide loonpolitiek

Aardgas uit Groningen. Verwachte fout: de Marshallhulp, die was voor de wederopbouw.

Zet op volgorde, van vroeg naar laat

1

Invoering van de AOW

2

Sterk stijgende lonen vanaf begin jaren 1960

3

Babyboom direct na de oorlog

4

Economische crisis rond 1980

Na 1945, 1957, begin jaren 1960, rond 1980.

Wat is een kenmerk van de consumptiemaatschappij?

A

Weinig koopkracht en veel zuinigheid

B

Apparaten in veel huishoudens en vakanties in het buitenland

C

Strenge regels van de zuilen over kopen

D

Beperking van mobiliteit

Hoge lonen, meer kopen en reizen.

Waarvan is Veronica een voorbeeld in de tijd van de ontzuiling?

A

Een omroep van de katholieke zuil

B

Een Amerikaanse steunorganisatie

C

Een nieuwe partij

D

Een nieuwe omroep

Veronica en D'66: nieuwe omroep en nieuwe partij. Verwachte fout: partij.

Wat betekende de Koude Oorlog voor Nederland?

A

Terugkeer naar neutraliteit

B

Een einde aan de wederopbouw

C

Een bondgenootschap met de Sovjet-Unie

D

Geen neutraliteitspolitiek meer, maar samenwerking met het Westen

Zie de Marshallhulp en de Europese samenwerking.

Leg uit waarom de verzorgingsstaat in de jaren 1950 en 1960 kon groeien.

Goed: economische groei en welvaart gaven ruimte, politici en sociale partners bouwden samen. Verwachte fout: alleen 'omdat mensen dat wilden'.

Noem twee kenmerken van de wederopbouw.

Goed: Marshallhulp, snelle groei van industrie en export, geleide loonpolitiek, babyboom. Verwachte fout: de verzuiling noemen als wederopbouw.

Wat was het gevolg van de oliecrisis van 1973?

A

Het begin van de babyboom

B

Het einde van jarenlange economische groei

C

De invoering van de AOW

D

Het herstel van de verzuiling

Verwachte fout: AOW, dat was 1957.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

NEDERLAND 1948-2008 · 1948-1978

Goed gedaan!

Je kent nu de belangrijkste lijnen van wederopbouw tot oliecrisis.

Cet élément n'a pas d'instructions