Raffinaderij met destillatiekolommen in Anacortes, Washington (foto: Walter Siegmund, CC BY 2.5)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Examentraining
Koolstofverbindingen en namen: zo pak je examenvragen aan
Raffinaderij met destillatiekolommen in Anacortes, Washington (foto: Walter Siegmund, CC BY 2.5)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Examentraining
Koolstofverbindingen en namen: zo pak je examenvragen aan
Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Walter Siegmund / Wikimedia Commons, CC BY 2.5
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Wat ga je kunnen?
Ik kan een naam bij een structuurformule geven, de formule van een stof geven, groepen herkennen en isomeren onderscheiden.
Cet élément n'a pas d'instructions
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Zo pak je een examenvraag aan
1. Lees: wat is gegeven, een naam, een formule of een groep?
2. Tel: de C-atomen in de langste keten en kijk naar de bindingen.
3. Nummer: vanaf de kant waar de groep of de C=C het laagste nummer krijgt.
4. Schrijf: stam, plaatsnummer, einde of voorvoegsel, en controleer de H-atomen.
Cet élément n'a pas d'instructions
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Vraagtype 1: de naam bij een formule
Tel de C-atomen, zoek de groep, nummer vanaf de juiste kant.
Voorbeeld: CH₃–CH₂–CH₂–CH=CH₂ is pent-1-een.
Cet élément n'a pas d'instructions
Wat is de naam van CH₃–CH₂–CH(OH)–CH₂–CH₃?
pentaan-2-ol
pentaan-1-ol
pentaan-3-ol
hexaan-3-ol
Syllabus M1.15. Vijf C-atomen, OH aan het middelste C-atoom: nummer 3 van beide kanten. Verwachte fout: 2 (de OH zit niet aan het tweede C-atoom) of een verkeerd aantal C-atomen.
Geef de naam van CH₃–CH₂–CH=CH–CH₂–CH₃.
Syllabus M1.15. Zes C-atomen, de C=C begint bij C-atoom 3 (van beide kanten): hex-3-een. Verwachte fout: hex-2-een of hexeen zonder plaatsnummer.
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Vraagtype 2: de formule bij een naam
Teken de keten en vul de H-atomen aan tot elk C-atoom vier bindingen heeft.
Of gebruik CₙH₂ₙ₊₂ voor een alkaan en CₙH₂ₙ voor een alkeen.
Cet élément n'a pas d'instructions
Wat is de molecuulformule van pent-2-een?
C₅H₁₂
C₅H₁₀
C₅H₈
C₅H₉
Syllabus M1.15. Een alkeen met vijf C-atomen heeft 2 × 5 = 10 H-atomen. Verwachte fout: C₅H₁₂ (alkaan) of C₅H₈.
Hoeveel H-atomen heeft butaanzuur?
Syllabus M1.15. Context: butaanzuur geeft ranzige boter zijn geur. Butaanzuur is CH₃–CH₂–CH₂–COOH: 3 + 2 + 2 + 1 = 8 H-atomen (C₄H₈O₂). Verwachte fout: 9 of 10, waarbij de H van COOH of het aantal C-atomen mis gaat.
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Vraagtype 3: karakteristieke groepen
Zoek de groep in de structuurformule en noem hem bij naam.
Let op: bij een ester zit een extra O tussen de C-atomen; bij COOH zit de O-H aan de C=O.
Cet élément n'a pas d'instructions
Welke twee groepen heeft NH₂–CH₂–COOH?
amino en hydroxyl
amide en carboxyl
amino en ester
amino en carboxyl
Syllabus M1.14. NH₂ is amino, COOH is carboxyl. Verwachte fout: hydroxyl (OH) zien in COOH, of de ester.
Welke groep zit in CH₃–C(=O)–O–CH₂–CH₃, een geurstof van fruit?
carboxyl
amide
hydroxyl
ester
Syllabus M1.14. De groep C(=O)–O–C is de estergroep COOC. Verwachte fout: carboxyl (COOH), omdat C(=O)–O ook in een zuur zit; maar bij een ester staat er geen H aan het O-atoom en er zit een C-atoom aan.
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Vraagtype 4: isomeren
Zelfde molecuulformule, andere structuurformule.
Plaats van de groep of een vertakking maakt een isomeer.
Cet élément n'a pas d'instructions
Welke stof is een structuurisomeer van butaan?
CH₃–CH₂–CH₂–CH₂–CH₃
CH₃–CH(CH₃)–CH₃
CH₂=CH–CH₂–CH₃
CH₃–CH₂–CH₃
Syllabus M1.16. Butaan is C₄H₁₀; CH₃–CH(CH₃)–CH₃ is ook C₄H₁₀. Pentaan is C₅H₁₂, but-1-een is C₄H₈ en propaan is C₃H₈. Verwachte fout: but-1-een kiezen omdat het ook vier C-atomen heeft.
Noem het OH-isomeer van propaan-1-ol.
Syllabus M1.16. Propaan-1-ol en propaan-2-ol zijn beide C₃H₈O, alleen de plaats van OH verschilt. Antwoord: propaan-2-ol. Verwachte fout: propanol zonder nummer of butaan-1-ol (een andere formule).
Welk vraagtype vind jij het lastigst?
De naam bij een formule
De formule bij een naam
Karakteristieke groepen
Isomeren
Bespreek met de klas het lastigste vraagtype en doe het stappenplan opnieuw op een voorbeeld.
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · KOOLSTOFVERBINDINGEN
Tips voor op het examen
Tel altijd eerst de C-atomen in de keten, ook het C-atoom van COOH.
Nummer vanaf de kant waar de groep of de C=C het laagste nummer krijgt.
Controleer je formule: elk C-atoom heeft vier bindingen; een alkaan CₙH₂ₙ₊₂, een alkeen CₙH₂ₙ.
Schrijf de volledige naam: stam, plaatsnummer en einde, met streepjes tussen cijfer en letters.
Cet élément n'a pas d'instructions