Neurale regulatie (Biologie havo), les 3: Terugblik quiz

ZELFREGULATIE · ZENUWSTELSEL

Quiz

Terugblik: Neurale regulatie

1 / 13
suivant
Slide 1: Slide
newEditorBiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

Cette leçon contient 13 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min
Signaler cette leçon

Introduction

Terugblik met tien vragen over het hele onderwerp neurale regulatie: hersendelen, zenuwcellen, myeline, synaps, reflexboog en receptoren.

Éléments de cette leçon

ZELFREGULATIE · ZENUWSTELSEL

Quiz

Terugblik: Neurale regulatie

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: NIAID, Ryan Kissinger / Wikimedia Commons, publiek domein

Welke delen vormen samen het centraal zenuwstelsel?

A

De hersenen en alle zenuwen

B

Het ruggenmerg en alle zenuwen

C

De hersenen en het ruggenmerg

D

De hersenen en de zintuigen

CZS is hersenen plus ruggenmerg. Verwachte fout: de zenuwen meetellen.

Vul in

Een pijnreceptor vangt een prikkel op en zet die om in een impuls in een gevoelszenuwcel.

pijnreceptor
prikkel
impuls
synaps
reflex

Receptor zet prikkel om in impuls. Verwachte fout: prikkel en impuls omwisselen.

In welk deel liggen de centra voor zien en horen?

A

In de hersenstam

B

In de kleine hersenen

C

In de hersenschors

D

In het ruggenmerg

Zintuigcentra liggen in de hersenschors. Verwachte fout: de hersenstam kiezen.

Zet de overdracht in een synaps op volgorde

1

Blaasjes geven neurotransmitter af

2

Impuls bereikt het uiteinde

3

De volgende cel krijgt een nieuwe impuls

4

Neurotransmitter bindt aan receptoreiwit

Volgorde: impuls, blaasjes, binding, nieuwe impuls. Verwachte fout: de binding voor het vrijkomen zetten.

Wat is de taak van de cellen van Schwann?

A

Ze vormen de myelineschede om de axon

B

Ze maken neurotransmitter voor de synaps

C

Ze nemen prikkels op uit de omgeving

D

Ze geven impulsen door in het ruggenmerg

Cellen van Schwann vormen de myelineschede. Verwachte fout: ze zien als receptoren of zenuwcellen.

Welke handeling hoort bij het animale zenuwstelsel?

A

De pupil kleiner maken bij fel licht

B

Het hart sneller laten kloppen

C

Voedsel door de darm voortduwen

D

Bewust een deur openen met je hand

Bewuste handelingen zijn animaal. Verwachte fout: de pupilreactie kiezen omdat hij met een spier gebeurt.

Wat is de functie van een schakelzenuwcel?

Goed antwoord: signalen in het CZS verwerken en doorgeven aan een bewegingszenuwcel. Verwachte fout: zeggen dat hij de prikkel opvangt.

Welk onderdeel van een regelkring verwerkt de signalen?

A

De receptor

B

Het centraal zenuwstelsel

C

De bewegingszenuwcel

D

De spier of klier

Het CZS verwerkt. Verwachte fout: de receptor kiezen omdat die meet.

Je loopt de kou in. Welke receptor merkt dat op?

A

Temperatuurreceptor

B

Lichtreceptor

C

Tastreceptor

D

Pijnreceptor

Temperatuurveranderingen worden door temperatuurreceptoren opgevangen. Verwachte fout: pijnreceptor.

Een bewegingszenuwcel naar je voet is erg lang. Waarom?

A

Zo kan de receptor in de voet de impuls maken

B

Een lange axon verwerkt meer signalen tegelijk

C

De impuls moet van het ruggenmerg tot de voetspier

D

Zo ligt het cellichaam in de voet

Het cellichaam ligt in het CZS en de axon reikt tot de spier. Verwachte fout: denken dat de cel ook signalen verwerkt.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

ZELFREGULATIE · ZENUWSTELSEL

Goed gedaan!

Je kent nu de bouw en werking van het zenuwstelsel: van prikkel tot reactie.

Cet élément n'a pas d'instructions