LV 1.1 - Introductieles

Nederlands
in de brugklas
1 / 12
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

Cette leçon contient 12 diapositives, avec quiz interactif, diapositives de texte et 1 vidéo.

time-iconLa durée de la leçon est: 50 min

Éléments de cette leçon

Nederlands
in de brugklas

Slide 1 - Diapositive

Lesdoelen
Als het goed is, weet je aan het eind van deze les:
- wat we dit jaar gaan doen bij het vak Nederlands;
- wat er dit jaar van je wordt verwacht.

Slide 2 - Diapositive

Slide 3 - Diapositive

Maar eerst...
Zorg ervoor dat je altijd een leesboek bij je hebt.

Twijfel je of een boek geschikt is? Vraag het dan bij mij of aan de medewerkers van de mediatheek.


Slide 4 - Diapositive

Waar denk je aan bij
het vak Nederlands?

Slide 5 - Carte mentale

Het boek
We werken aan de hand van de methode 'KERN Nederlands'.
Hierop kun je ook digitaal inloggen via Magister.

Verder maken we hierbij ook gebruik van de 'drillster app' die je op je telefoon kunt downloaden en die ook via internet te gebruiken is.

Slide 6 - Diapositive

Jaarplanning
Dit jaar gaan we verschillende onderdelen van KERN Nederlands behandelen. Jullie krijgen een toets over de volgende onderdelen:
- Oktober: taalverzorging
- November: leesvaardigheid
- December: grammatica
- April: taalverzorging
- Juni: grammatica
- Juli: leesvaardigheid


Slide 7 - Diapositive

En verder...
Daarnaast krijgen jullie gedurende het jaar verschillende schrijfopdrachten en maken jullie boekverslagen. 

Slide 8 - Diapositive

Afspraken
- Bij het binnenkomen van het lokaal, gaat de telefoon in de telefoontas; 
- Je hebt altijd je Nederlands boek en een schrift bij je. We werken in een schrift. 
- In het lokaal eten we niet, tenzij er wordt aangegeven dat het wel kan; 
- Tijdens de les behandelen we elkaar met respect en is er maar één iemand tegelijk aan het woord. 

Slide 9 - Diapositive

Slide 10 - Vidéo

We beginnen met taalverzorging
Overleg met je buurman of buurvrouw over het antwoord op de volgende vragen:

- Wat verstaan we onder een meervoud?
- Van wat voor soort woorden kunnen we meervouden maken?
- Welke manieren ken je om van die woorden een meervoud te maken?

Slide 11 - Diapositive

Volgende les
Zorg ervoor dat je de volgende les je Nederlands
boek, een schrift en je leesboek bij je hebt.

Slide 12 - Diapositive