cross
Cultuureducatie Enschede
(Ondersteunend) lesmateriaal bij culturele educatieve Enschedese activiteiten.

Klas 1, Les 4: Scènes

1 vmbo-t
Les 4: Scenario
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
MediawijsheidMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

1 vmbo-t
Les 4: Scenario

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

hoihoi
Vraag
Informatie
Opdracht
Kijk
Luister
Tip

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Filmpje Robert en Nikita

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vandaag gaan we verder met onze eigen korte film! Waar moet deze film eigenlijk aan voldoen?


1. Je bent zowel regisseur als speler. (Je mag een kleine rol hebben in je film, als je maar erin voorkomt)
2. Je film duurt minimaal 2,5 minuut. Maximaal 5 minuten.
3. In je film komen alle shots en perspectieven minstens 1 keer voor.
4. Je monteert minimaal 2 geluiden/ 2 keer muziek bij je film. (Zie onderdeel geluid) 
5. Let erop dat er horizontaal wordt gefilmd

Slide 4 - Tekstslide

Tip

Bespreek goed alle punten waar de film aan moet voldoen, vooral het horizontaal filmen is erg belangrijk, leg uit dat bij verticaal filmen er twee zwarte vlakken langs het beeld te zien zijn. Dit is filmisch niet mooi.

Vraag de leerlingen of ze duidelijk begrijpen wat er met shots en perspectieven wordt bedoeld
De shots:
Totaal, medium en close-up.
De perspectieven: 
Vogel- en kikkerperspectief.


Voordat we beginnen, een kleine opfrisser:

1. Weet je nog hoe een hoofdpersoon ook wel werd genoemd?
A
Antagonist
B
Protagonist
C
Protospeler
D
Antaspeler

Slide 5 - Quizvraag

De leerlingen kunnen meespelen met hun device.
Welke foto laat de close-up zien?
A
B
C
D

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een hoofdpersoon moet een doel hebben en dat doel een...

Slide 7 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

In de video over de camera zijn twee bewegingen besproken. Welke zijn dat?

Slide 8 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Scènes
Vandaag gaan jullie scènes verzinnen.

Een
scène is een stukje van de film, een soort hoofdstuk in je verhaal. 

Een scène bestaat uit verschillende shots,
in de les Storyboard gaan jullie hiermee aan
de slag!

Slide 9 - Tekstslide

Terugblik
Blik samen met de leerlingen kort terug op de eerste les. In de de eerste les hebben de leerlingen een verhaal bedacht voor de film

In deze les gaan de leerlingen zich bezig houden met het opdelen van hun verhaal in stukjes: scènes. 
Voorbeeld


Een verhaal opdelen in stapjes/scènes
1. Roodkapje krijgt de opdracht van haar moeder om naar oma te gaan. 
2. Roodkapje plukt bloemen en komt de wolf tegen.
3. De wolf sluipt naar oma toe, eet haar op en vermomt zich.
4. Roodkapje klopt aan bij oma's huisje en gaat naar binnen.
5. Roodkapje wordt opgegeten door de wolf.
6. De jager bevrijdt oma en roodkapje. Ze vullen de maag van wolf met stenen.
7.  De wolf wordt wakker, is dorstig en gaat naar de put.
8. De wolf valt voorover in de put.  
facultatief voorbeeld overgang van 2 scenes op beeld?

Slide 10 - Tekstslide

Voorbeeld
Roodkapje of een ander sprookje kan worden gebruikt als uitleg om de stapjes van een verhaal, het opdelen in scènes duidelijk te maken.

Tip
Vaak kondigt de verandering van een plek of een nieuwe gebeurtenis een nieuwe scène aan 
Scènes
Verder met jullie korte film, hoeveel scènes heeft jullie film?
Minimaal 5 en maximaal 10 scènes!


Stap 1: Lees jullie verhaal door, is alles nog zoals jullie willen?

Stap 2: Verzin scènes bij jullie verhaal

Stap 3: Controleer of het begin, midden en het eind goed met elkaar verbonden zijn

Slide 11 - Tekstslide

Scènes
Leg de leerlingen uit dat scènes bouwstenen zijn om je verhaal te vertellen. Voor een korte film zullen 5 tot 10 scènes moeten worden bedacht

Groepjes
De leerlingen verzinnen en de stukjes film: de scènes, met als basis hun bedachte verhaal. De leerlingen gaan in groepjes aan het werk. Ze hebben hun opgeschreven verhaal uit les 1 daarbij nodig.
Personages en locaties
Klaar met de omschrijving van alle scènes? Super! 
Door naar de personages en locaties.

> Noteer per scène de personages 
> Noteer per scène de locatie 

> Maak per personage een kleine omschrijving.
Hoe ziet je personage eruit? Wat voor kleding het personage? 
Welke eigenschappen heeft het personage?

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In deze les zijn de eerste stappen gezet tot het maken van een scenario (het script)

In de volgende slides zie je alvast hoe een scenario eruitziet
Volgende week

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het lettertype is altijd 'Courier', met lettergrootte 12


Eén pagina (A4) uit een script duurt bijna altijd 1 minuut in de film. Een script van 90 pagina's levert dus 1,5 uur film op.   

Een script beschrijft alles in de tegenwoordige tijd en in actieve vorm

                        Zo dus

                   En niet zo
Zo ziet lettertype Courier eruit. 
Miranda gilt, maar Lia hoort haar niet 
omdat ze muziek luistert.
Miranda is aan het gillen, maar Lia hoort haar niet 
omdat ze muziek aan het luisteren is.
Script

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Plaats en tijd
ieuatie en moment in Hoofdlettef
Regie aanwijzing
Algemene informatie
Personage
Personage in hoofdletters, inspringen na 9 spaties
Personage
Personage in hoofdletters, inspringen na 9 spaties
De vormgeving van een script
Regie aanwijzing
Algemene informatie

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies