Geschiedenisleraar.nl
Dé link tussen verleden en heden

Vrijheid en gelijkheid

Tijdens de periode van de Verlichting begonnen sommige mensen steeds meer na te denken over begrippen als Vrijheid en Gelijkheid. Want als mensen vrij zijn geboren, waarom moeten zijn dan toch horigen zijn van een heer...?
Lesplan met 6 lessen
Vrijheid en gelijkheid
Tijdvak van Pruiken en Revoluties
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo, mavo, havo, vwoLeerjaar 1-6
Waarover gaat deze serie?
Als Lodewijk XIV als 22-jarige definitief de Franse kroon gaat dragen begint de centralisatiepolitiek van zijn belangrijkste raadgever en mentor, de inmiddels overleden kardinaal Mazarin, vruchten af te werpen. Lodewijk rekent definitief af met het feodalisme en maakt Parijs het centrum van het koninkrijk.Lodewijk is een absolute monarch: zijn wil is wet. Of zoals hij het zelf formuleerde: "L'état, c'est moi." ("De staat, dat ben ik”). Historisch niet helemaal correct overigens, maar wel passend bij het beeld dat de geschiedenis heeft bij de goddelijke en absolute monarch. En de leerlingen vinden het een prachtige quote!De opvolgers van Lodewijk XV en Lodewijk XVI konden schijnbaar moeiteloos deze politiek blijven doorgaan. Schijnbaar, want er veranderde wel het één en ander. Niet zozeer in de weelde van het paleis van Versailles, maar wel in de straten en salons van de Franse steden. De Verlichting met ideeën over vrijheid en gelijkheid zette de bourgeoisie, de rijke burgers, aan het denken. De gebeurtenissen tijdens de Franse Revolutie hebben ook invloed gehad op de staatsinrichting van Nederland. Een nieuwe grondwet, de scheiding der machten en uiteindelijk een beperking van de macht van de monarch. Hoewel dat laatste overigens pas later kwam, tijdens het Revolutiejaar 1848.De Franse Revolutie is niet perse een makkelijk onderwerp. Maar met de nodige anekdotes over het leven aan het hof van Versailles en de werking van de guilliotine tijdens de Terreur, blijkt dit achteraf één van de meest gewaardeerde onderwerpen.
Een oneerlijke verdeling
De middeleeuwse maatschappijpiramide stond in het Frankrijk van de 18e eeuw nog stevig overeind. De goddelijke monarch die met het Droit Divine, het goddelijke recht, was boven de drie standen verheven. De eerste- en tweede stand: de geestelijkheid en de adel, bij elkaar goed voor ongeveer 500.000 Fransen, maar in het bezit van ongeveer 75% van alle grond. In slide 5 van deze les zit een 360º-video waarmee leerlingen op hun device kunnen ‘rondlopen’ in het paleis van Versailles. De video is lineair: de leerlingen kunnen naar een volgende ruimte gaan door de video vooruit te spoelen.En dan de derde stand, met rond de 20 miljoen Fransen. Die derde stand was een enorm diverse groep: van de allerarmste boeren tot de rijke bourgeoisie met rijkdommen die zelfs het vermogen van de verarmde adel overstegen.Binnen die derde stand broeit het: de ideeën van de Verlichting voeren de boventoon tijdens gesprekken in de salons van Parijs. De motor van de Revolutie begint zich warm te draaien, alleen 'het chassis', het Franse volk, is nog niet in beweging gekomen. Dat verandert na nieuwe belastingen en misoogsten in 1788/1789. De derde stand-troepen, gedreven door honger, worden gemobiliseerd met spotprenten gemaakt door de bourgeoisie. De Bastille, wapendepot en gevangenis, wordt bestormd!Onderwerpen:arm en rijk in Frankrijkde oorzaken van de Franse Revolutiede bestorming van de BastillePersonen:Lodewijk XIVLodewijk XVIVideo's:
Geschiedenisleraar.nlGeschiedenisleraar.nl