4M week 46 les één

1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

What are we going to do today?
- Who is here?
- Studying/reading
- Homework check/test check
- Used to
- Exercises
- End of lesson

Slide 2 - Tekstslide

Write me words!
A E T R
K P L O
I M S N
H U D F

Slide 3 - Tekstslide

timer
10:00
Study CH3: words under A, B, C, D

Slide 4 - Tekstslide

What did we do the previous lesson?

Slide 5 - Tekstslide

-> Used to
-> Opdrachten

Slide 6 - Tekstslide

"For today,

- Do exercise 25 and 26
- Study the words under A, B, C, D"

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Used to
1. Wanneer gebruik ik 'used to'?

2. Hoe gebruik ik 'used to'?

Slide 9 - Tekstslide

We ... (dance) all night long

Slide 10 - Open vraag

My sister ... (play) basketball

Slide 11 - Open vraag

My neighbor's dog ... (bark) a lot

Slide 12 - Open vraag

Slide 13 - Tekstslide

One and ones
Go to page forty-three in your textbook please

Slide 14 - Tekstslide

One and ones
Je gebruikt one of ones wanneer je een zelfstandig naamwoord verderop in een in wil herhalen. Het zelfstandig naamwoord is dan zelf al eerder in de zin genoemd.

Do you prefer the red shoes or the black ones?
A used car is much cheaper than a new one

Slide 15 - Tekstslide

One and ones
Je gebruikt one/ones om een zelfstandig naamwoord te vervangen:
- na een bijvoeglijk naamwoord (gele, rode, blije...)
- na which
- na this, that these en those
- als zelfstandig naamwoord

Slide 16 - Tekstslide

One and ones
Je gebruikt one wanneer je terugverwijst naar iets dat in het enkelvoud staat:
I have to read a book. Which one should I pick?

Je gebruikt ones als je naar iets verwijst dat in het meervoud staat:
Muffins? I like the ones with the chocolate best

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Which is your car? The blue ... or the red ... ?

Slide 19 - Open vraag

Q: Can I see the photos?

A: Do you mean the ... from Egypt?

Slide 20 - Open vraag

Q: Can I have my coat please?

A: Sure! Which ... is it?

Slide 21 - Open vraag

These shoes are very old. Maybe I should buy new ...

Slide 22 - Open vraag

Slide 23 - Tekstslide

Work!
Do exercises 27 and 28 on page seventy-three in your workbook

Done?
    - Exercise 21 on p. 93
- Read/study
timer
1:00

Slide 24 - Tekstslide

Any questions?

Slide 25 - Tekstslide

Goodbye!
Homework:

Do exercises 27 and 28 on page seventy-three in your workbook

Slide 26 - Tekstslide