Gesprekstechnieken

Vandaag:
Beroepstaak 1A
Gesprekstechnieken:
- actief luisteren
- luisteren, samenvatten, doorvragen
- eenzijdige en tweezijdige communicatie
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
Pedagogisch werkMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Vandaag:
Beroepstaak 1A
Gesprekstechnieken:
- actief luisteren
- luisteren, samenvatten, doorvragen
- eenzijdige en tweezijdige communicatie

Slide 1 - Tekstslide

Aan het eind van de les:
- Kun je uitleggen welke gesprekstechnieken er zijn.
- Heb je in een groepje geoefend met luisteren, samenvatten en doorvragen door middel van een casus en ben je een keer leerling, onderwijsassistent en observant geweest.
- Weet je wat je moet doen voor de opdracht #gesprekstechnieken.

Slide 2 - Tekstslide

Beroepstaak 1A

  1. Je legt uit hoe je zowel non-verbaal als verbaal communiceert.  
  2. Je legt het belang van actief luisteren uit.
  3. Je legt uit wat het verschil is tussen eenzijdige en tweezijdige communicatie bij een gesprek aan het begin van de dag.
  4. Je legt ook uit hoe je de juiste vragen stelt, samenvat en doorvraagt wanneer nodig.
Je demonstreert deze vaardigheden.

Slide 3 - Tekstslide

Wat ga je doen?
Je maakt een instructiekaart waarbij je de volgende gesprekstechnieken uitlegt:
Actief luisteren
Eenzijdige en tweezijdige communicatie
Vragen stellen
Samenvatten en doorvragen

Maak ook gebruik van voorbeelden uit de praktijk!


Slide 4 - Tekstslide

Communicatie 
= het overdragen van informatie (ook wel de boodschap) tussen zender en ontvanger
Bv. ouders en onderwijsassistent of onderwijsassistent en kind..

Slide 5 - Tekstslide

Eenzijdige communicatie: direct reageren door ontvanger van de boodschap is niet mogelijk. 

Tweezijdige communicatie: de ontvanger kan reageren op wat er wordt gezegd > wisselwerking 

Slide 6 - Tekstslide

Bij eenzijdige communicatie kan de ontvanger van de boodschap niet reageren. Wanneer is er sprake van eenzijdige communicatie?

Slide 7 - Open vraag

Verbaal en non-verbaal

De betekenis van non-verbale communicatie is: alle niet-woordelijke signalen die bepalend zijn voor hoe jouw boodschap (of hoe jijzelf) overkomt.

  • lichaamshouding
  • intonatie
  • snelheid van spreken
  • gezichtsuitdrukking
  • fysiek contact
  • handgebaren
  • spreekvolume



Verbale communicatie is een communicatievorm waarin je je uit met woorden. Dit kan face-to-face zijn, maar ook op afstand tijdens bijvoorbeeld een telefoongesprek.


Slide 8 - Tekstslide

Voorwaarden voor actief luisteren
  • geinteresseerde houding
  • oogcontact
  • korte aanmoedigingen
  • empathisch vermogen (inleven in de ander)
  • eigen emoties onder controle
  • opper geen eigen ideeën
  • samenvatten en doorvragen
  • accepteer de mening en gevoelens van een ander


Slide 9 - Tekstslide

Basisprincipes gesprekstechnieken


Door een OEN te zijn, LSD en NIVEA te gebruiken en OMA thuis te laten, ben je een prima gesprekspartner!

Slide 10 - Tekstslide

OEN = Open, Eerlijk, Nieuwsgierig

Je houding bepaalt voor een groot gedeelte het gesprek:
  • Oogcontact: Tijdens een gesprek wisselen aan- en wegkijken elkaar af.
  • Lichaamshouding: Je zit op dezelfde hoogte als de persoon en naar de     ander toegedraaid.
  • Stiltes: Omgaan met stiltes is een kunst.
  • Doorvragen: Vraag door vanuit nieuwsgierigheid, dan heeft je stem de juiste klank.




Slide 11 - Tekstslide

Nivea = Niet invullen voor een ander


Controleer of je de ander goed begrepen hebt.
Als iets niet duidelijk is, vul je snel andermans bedoelingen zelf in. Door na te vragen wat de ander bedoelt, voorkom je dit.


Slide 12 - Tekstslide

OMA = Opvattingen, Meningen en Adviezen


Gebruik OMA niet in gesprekken.

Kom niet gelijk met ideeën of met oplossingen.
Het belemmert namelijk om goed te luisteren.

Slide 13 - Tekstslide

LSD = Luisteren, Samenvatten, Doorvragen

Goed luisteren is nodig om:

  • De regie in handen te kunnen houden: je leidt het gesprek
  • Ervoor te zorgen dat je alle belangrijke informatie krijgt

Slide 14 - Tekstslide

Vragen stellen, samenvatten, doorvragen

Slide 15 - Tekstslide

timer
10:00

Slide 16 - Tekstslide