Valentijnsdag


Week van de liefde
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2Middelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les


Week van de liefde

Slide 1 - Tekstslide

Na deze les

  • weet je hoe Valentijnsdag is ontstaan
  • weet je wat verliefdheid is
  • heb je een idee van wat jij belangrijk vindt in een jongen/meisje
  • kun je een Valentijnskaart sturen 
  • kun je op de goede manier een adres op een kaart schrijven

Slide 2 - Tekstslide

Hoe wordt Valentijnsdag ook wel genoemd?

Slide 3 - Woordweb

Wanneer is het Valentijnsdag?

Slide 4 - Woordweb

Wat kun je in de winkel kopen voor Valentijn?

Slide 5 - Woordweb

Waar wordt Valentijnsdag gevierd?

Slide 6 - Woordweb

Priester
Lang geleden was er een priester in Italië. Zijn naam was Valentijn. Valentijn was een goed mens, en hielp iedereen die hulp nodig had. Valentijn gaf mensen die bij hem kwamen om hulp, altijd een bloem.  

Valentijn kreeg ruzie met de keizer van Italië. Hij 
stuurde hem daarom naar de gevangenis.

Slide 7 - Tekstslide

Vriend
 In de gevangenis waren de meeste bewakers niet aardig tegen Valentijn. Toch werd een van de bewakers zijn vriend. Deze bewaker had een dochter die blind was. Valentijn werd verliefd op haar. Hij zorgde ervoor dat het meisje weer kon zien. Iedereen vond dat een groot wonder. 

Slide 8 - Tekstslide

Liefdesbrief
Valentijn stierf op 14 februari. Vlak voor zijn dood schreef hij nog een liefdesbrief aan de dochter van de bewaker. Op het briefje stond: 'van je Valentijn...'


En zo is Valentijnsdag ontstaan! 

Slide 9 - Tekstslide

Verliefd

Slide 10 - Woordweb

Slide 11 - Video

Vlinders in je buik

Elke keer als je die leuke jongen of dat leuke meisje tegenkomt, voel je het in je buik: je bent verliefd! 
Het stofje oxytocine stroomt dan door je lijf, wat zorgt voor dat fijne gevoel.

Slide 12 - Tekstslide

Valentijnskaart schrijven
  • Je gaat een Valentijnskaart schrijven (denk aan wie je gisteren hebt bedacht voor deze opdracht)
  • Je schrijft het adres op de goede manier op (kijk in je schrift)

Slide 13 - Tekstslide

Quiz over Valentijn

Slide 14 - Tekstslide

Wat was het beroep van Valentijn?
A
priester
B
bakker
C
timmerman
D
leraar

Slide 15 - Quizvraag

Uit welk land kwam Valentijn?
A
Amerika
B
Spanje
C
Italië
D
Nederland

Slide 16 - Quizvraag

Waarom moest Valentijn naar de gevangenis?
A
Hij had wat gestolen
B
Hij kreeg ruzie met de keizer
C
Hij was verliefd
D
Hij had te hard gereden

Slide 17 - Quizvraag

Wanneer stierf Valentijn?
A
14 april
B
14 maart
C
13 februari
D
14 februari

Slide 18 - Quizvraag

Wat stond er op het briefje dat Valentijn schreef vlak voor zijn dood?
A
Van je Valentijn
B
Liefs Valentijn
C
Van je snoepje
D
Van je vriendje

Slide 19 - Quizvraag

Valentijnskaarten zijn vaak anoniem. Wat betekent dat?
A
De de afzender zijn naam er op schrijft
B
Dat de afzender zijn naam mooi versiert
C
Dat de afzender zijn naam er niet op schrijft
D
Dat de afzender niet schrijft voor wie de kaart is

Slide 20 - Quizvraag

Wie is jouw Valentijn?

Slide 21 - Open vraag

Terugblik
  • Weet je nu hoe Valentijnsdag is ontstaan?
  • Weet je nu wat verliefdheid is?
  • Heb je een idee wat je belangrijk vindt in een jongen/meisje?
  • Kun je een Valentijnskaart sturen?

Slide 22 - Tekstslide