Module muziek - periode 2 - les 1

Keuzemiddag muziek
Mevrouw Boonen
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
MuziekPraktijkonderwijsLeerjaar 1,2

In deze les zitten 20 slides, met tekstslides en 7 videos.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Keuzemiddag muziek
Mevrouw Boonen

Slide 1 - Tekstslide

Deze periode gaan we in de modulelessen muziek aan de slag met:
(leren) kennen van muziekinstrumenten, zang, ritme, noten lezen, het herkennen van verschillende muziekgenres en boomwhackers.



,

Slide 2 - Tekstslide

Aan het eind van deze les:
  • Ken je de namen van verschillende muziekinstrumenten
  • Kun je verschillende blaasinstrumenten, snaarinstrumenten, en slaginstrumenten noemen.
  • Heb je muziek gemaakt met je lijf als instrument.
  • Ken je een aantal muziekgenres

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Link

Verschillende instrumenten: blaasinstrumenten
Blaasinstrumenten zijn muziekinstrumenten die door blazen een geluid voortbrengen. Voorbeelden van  blaasinstrumenten zijn: fluit, saxofoon, trompet, hoorn, trombone.
 
Je kunt blaasinstrumenten verdelen in houtblazers en koperblazers.

Bij de fluit komt het geluid uit de gaten die in het instrument zijn gemaakt. Bij een trompet komt het geluid uit de hoorn. Je kunt verschillende tonen maken door de gaten op het instrument dicht te drukken met je vingers, of de kleppen op het instrument in te drukken. 





Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Verschillende instrumenten: snaarinstrumenten
Een snaarinstrument is een muziekinstrument waarbij het geluid veroorzaakt wordt door het trillen van snaren. Snaarinstrumenten kunnen verdeeld worden in drie groepen: strijkinstrumenten, tokkelinstrumenten en snaarinstrumenten met een klavier.

Voorbeelden van strijkinstrumenten: viool, cello
Voorbeelden van tokkelinstrumenten: gitaar, basgitaar, harp
Voorbeeld van snaarinstrument met een klavier: piano



Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Verschillende instrumenten: slaginstrumenten
Een slaginstrument of percussie-instrument is een instrument waar je door er op te slaan of te schrapen (vegen) met een klopper klanken mee kunt maken. Een voorbeeld van een slaginstrument is het drumstel.

De percussiegroep (het slagwerk) van een orkest bevat meestal instrumenten zoals de pauken, snaredrum, basdrum of grote trom, cimbalen, triangel en tamboerijn. Percussie technieken kunnen zelfs op het menselijk lichaam zelf worden gedaan, zoals bij 'body percussion'. 

Percussie-instrumenten worden meestal in twee klassen onderverdeeld: percussie- instrumenten waarmee je een melodie (bijvoorbeeld een toonladder) kunt spelen zoals een xylofoon en percussie- instrumenten waarmee je géén melodie kunt spelen, die dus enkel een noot of geluiden met een onbepaalde toonhoogte produceren. Dat zijn de meeste slaginstrumenten.



Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Welk instrument zou jij graag willen spelen?
Waarom?

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Link

Slide 13 - Video

Slide 14 - Video

Slide 15 - Video

Vooruitblik

Zelf muziek maken met boomwhackers!

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video

Maar eerst nog even zingen.....




Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

In de volgende les:

  • Ga je leren welke verschillende muziekgenres er zijn
  • Gaan we oefenen met de boomwhackers
  • En natuurlijk ook nog even zingen




Slide 20 - Tekstslide