Les 1: bloed

Les 1: bloed
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Les 1: bloed

Slide 1 - Tekstslide

Planning van vandaag
  • Introductie thema: ademhaling, bloedsomloop en immuunsysteem 
  • starten onderdeel bloed en bloedvaten
  • Opdracht  

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Aan het einde van de les kun je de functie van bloed benoemen 
  • Aan het einde van de les kun je alle onderdelen van het bloed benoemen en de functie hiervan uitleggen  
  • Aan het einde van de les kun je drie soorten bloedvaten benoemen en de kenmerken hiervan

Slide 3 - Tekstslide

Waarom is bloed zo belangrijk in ons lichaam?

Slide 4 - Woordweb

Bloed

Slide 5 - Tekstslide

Bloed
Wat is de functie van bloed?

Slide 6 - Tekstslide

Samenstelling van bloed
  • Bloedcellen = rode bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes 
  • Plasma = water, stollingseiwitten, zouten en andere opgeloste stoffen 


Slide 7 - Tekstslide

Bloedcellen 
  • Wat zou de functie van rode bloedcellen zijn?

  • Rode bloedcellen vervoeren zuurstof met behulp van het eiwit hemoglobine (rode stof).

  • Rode bloedcellen hebben geen celkern  

Slide 8 - Tekstslide

Bloedcellen 
  • Wat zou de functie van witte bloedcellen zijn? 

  • Witte bloedcellen zijn belangrijk tegen de afweer van ziekteverwekkers
  • Er zijn verschillende soorten witte bloedcellen 
  • Witte bloedcellen hebben geen vaste vorm, wel een celkern 

Slide 9 - Tekstslide

Bloedcellen
Wat zou de functie van bloedplaatjes zijn?

  • Belangrijke functie bij het stollen van het bloed 
  • Doormiddel van fibrinogeen 
  • Bloedplaatje plakt aan wond --> scheurt open --> fibrinogeen draden komen vrij en vangen andere bloedplaatjes en bloedcellen op --> dichten wond = bloedstolling 

Slide 10 - Tekstslide

Plasma
  • Bloed bestaat voor 55% uit plasma
  • grotendeels water, waarin stollingseiwitten, zouten, voedingsstoffen en afvalstoffen in vervoerd worden. 


Slide 11 - Tekstslide

Bloedvaten

Slide 12 - Tekstslide

Bloedvaten
Welke 3 hoofdsoorten bloedvaten kennen wij? 

  • ader 
  • slagader 
  • haarvaten

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Check 
Schrijf voor jezelf de antwoorden op van de volgende vragen:

1. Hoe vervoeren de rode bloedcellen het zuurstof naar de organen toe?
2. Wat is de functie van fibrinogeen?
3. Noem 2 kenmerken van de slagader 
4. Waarom heeft een ader kleppen?

Slide 18 - Tekstslide

Check
1. Rode bloedcellen hebben een eiwit genaamd hemoglobine waaraan zuurstof (O2) kan binden. 
2. Fibrinogeen zit in bloedplaatjes en zorgt voor de bloedstolling. Fibrinogeen zorgt ervoor dat bloedcellen aan het fibrinogeen plakt en een propje vormt dat de wond dicht. 
3. Dikke spierwand, hoge druk, diep in het lichaam, van het hart af
4. Aderen hebben een lage druk, kleppen zorgen ervoor dat het bloed niet terug kan stromen.

Slide 19 - Tekstslide

Groep 1: zelfstandig werken
W: Verdiepende opdracht
H: werkblad
H: Je klasgenoten  of reader 
T: 10 minuten
U: Extra verdieping op de lesstof 
K: Kies een ander scenario 

Slide 20 - Tekstslide

Groep 2: verlengde instructie
Welk onderdeel vind je het lastigst: bloedcellen, plasma of bloedvaten?

Slide 21 - Tekstslide

Check
1. Welk bloedvat heeft kleppen en waarom?

2. Welke bloedcel vervoert zuurstof?

3. Waarom is een haarvat zo dun?

Slide 22 - Tekstslide

Aan de slag

Slide 23 - Tekstslide