Feedback

Wat hebben we de vorige keer besproken?
1 / 15
volgende
Slide 1: Woordweb
WelzijnMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Wat hebben we de vorige keer besproken?

Slide 1 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
Thema 6 les 1: De 7 luisterstappen (blz. 62) 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Feedback geven en ontvangen

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is feedback?

Slide 4 - Woordweb

Feedback is  van oorsprong een engels woord.

Het betekent terugkoppeling. 

Terugkoppeling is informatie terug geven naar een ander.
KIES: Feedback is vervelend of feedback is een cadeau
A
Feedback is vervelend
B
Feedback is een cadeau

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik ben beter in ........
A
Feedback geven
B
Feedback ontvangen
C
Beide

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is feedback?
Feedback = terugkoppelen
"Feedback is het terugkoppelen van informatie van de ene persoon naar de andere, waarbij duidelijk gemaakt wordt hoe de boodschap (of het gedrag) van de een op de ander overkomt".

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Feedback: wat is het?
Feedback is een reactie op gedrag of op het werk.
Feedback kan een top zijn: het gedrag of het werk is goed. Je krijgt of geeft een compliment.
Feedback kan ook een tip zijn: het gedrag of het werk kan verbeterd worden.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat doet feedback met jou?

Slide 9 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Feedback volgens de 4G's
1. gedrag 
2. gevoel
3. gevolg
4. gewenst

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

OMGAAN MET/ REAGEREN OP KRITIEK
Juiste reacties als je kritiek/ feedback ontvangt
  1. Luister
  2. Vraag door
  3. Stem in
  4. Los op en /of maak afspraak

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verdedigingsreacties 

  1. Ontkenning ("Nee hoor, zo ging het helemaal niet")
  2. Verdringing (Niet meer kunnen herinneren)
  3. Rationalisatie ("Ja maar ik kon er niets aan doen. Want toen ik...")
  4. Projectie ("Ik heb het jou ook wel eens zien doen, als jij het eerder tegen mij had gezegd dan..")

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Taakgerichte feedback
Persoonsgerichte feedback
Je hebt de klas netjes opgeruimd
Jij bent vriendelijk
Jij hebt deze broodjes goed belegd
Je bent een harde werker

Slide 14 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies