15 minuten.
Voelen: 3 leerlingen krijgen een kaart met een van de drie pictogrammen
Zorg dat elke leerling wéét welk woord er uitgebeeld wordt op de foto.
ZE gaan zitten. De leerlingen spreken een voor een het woord uit.
De rest van de klas bespreekt: klopt de zin? Geef de leerlingen de tijd. stuur eventueel alleen bij door de woorden te herhalen in de volgorde waarin ze zitten.
zijn ze eruit? hang de foto's op de gekozen volgorde op het white bord.
Vervolgens krijgen 3 leerlingen een andere kaart en gaan zitten; spreek uit; klopt de zin?
Leerlingen bespreken samen eventueel met lln in de klas. Docent blijft stil en laat de discussie zijn vrije loop.
zijn de leerlingen klaar? De rest van de klas is toeschouwer en mag nu de zin opzeggen, meedenken en herstructureren.
Dan gaan de foto's in de gekozen woordvolgorde weer aan het bord.
zo ontstaat er een rij met zinnen gemaakt van picto's.