cross

Week 2: Gilden, de landbouw en de Hanze

Tijdvak 4: Steden en Staten
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

Tijdvak 4: Steden en Staten

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we doen vandaag?
Lesdoelen
Hoe zat het ook alweer?
De Hanze
Gildes in de stad
Ontwikkelingen in de landbouw
Check lesdoelen
Vragenrondje

Zelf aan de slag!

Slide 2 - Tekstslide

Lesdoelen
Aan het einde van de les kun je...
  • de begrippen: gilde, meesterproef, drieslagstelsel, ontginnen, Hanze en samenwerkingsverbond uitleggen
  • kun je twee voorbeelden geven van de handelsproducten die werden verhandeld tijdens de Hanze
  • kun je het verband uitleggen tussen de ontwikkelingen in de landbouw en de opkomst van de handel
  • een oorzaak noemen voor de bevolkingsgroei in West-Europa

Slide 3 - Tekstslide

Hoe zat het ook alweer met de Middeleeuwen?
  • De tijd na het Romeinse Rijk (Oudheid) en vóór de Nieuwe Tijd.

  • Het ligt in het midden van die twee perioden: tussenperiode

  • Ongeveer tussen 500 en 1500

  • Vroege Middeleeuwen: 500-1000
  • Late Middeleeuwen: 1000-1500

Slide 4 - Tekstslide

De Hanze

Slide 5 - Tekstslide


De Hanze
  • Bestaan: 1356 - 1862
  • De meeste steden hadden een plein, waarop markten werden gehouden.
  • De belangrijkste markt was de jaarmarkt, die een paar weken duurde.
  • Veel handelaren reisden van jaarmarkt naar jaarmarkt.
  • Een groep steden in Europa werkte samen om meer handel te krijgen. 
  • Ze noemden hun vereniging de Hanze.
Dit is een plattegrond van Deventer, een van de Hanze-steden.

Slide 6 - Tekstslide

Oftewel...
  • Een samenwerkingsverbond tussen West-Europese steden omtrent de handel
  • Doel: samen veilig kunnen handelen
  • 200 steden waren lid
  • 'Moedernegotie': de 'moeder' van alle handel
  • Handelsproducten: vis,  glas, aardewerk

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Wat is GEEN Nederlandse Hanzestad?
A
Rotterdam
B
Amsterdam
C
Harderwijk
D
Deventer

Slide 9 - Quizvraag

Gilden

Slide 10 - Tekstslide


Werken in een gilde
  • Omdat de oogst groter wordt, hoeft niet iedereen meer boer te zijn: er ontstaan andere beroepen: ambachten
  • Mensen met hetzelfde ambacht zitten in een gilde.
  • Het gilde controleerde ook de kwaliteit van de producten en stelde de verkoopprijs vast.
  • Bij ziekte en overlijden kreeg het gezin hulp van het gilde.

Slide 11 - Tekstslide

Vroege middeleeuwen: de handel was bijna verdwenen (steden werden onveilig)
Een gilde:
  • Een beroepsvereniging
  • Bedoeld om kennis en ervaring te delen
  • Personen met hetzelfde beroep volgen via gilden een opleiding. Zo werden ze vakmensen
  • Vader op zoon
  • Monopolie

Ze kwamen voor elkaar op:
  • Een soort spaarpot voor wanneer iemsnd ziek werd
  • Zorgen voor voedsel
  • Nazorg voor overledenen
Afbeelding: Gevels in Dordrecht als meesterproef voor het metselaarsgilde

Slide 12 - Tekstslide

Ontwikkelingen in de landbouw

Slide 13 - Tekstslide

Het drieslagstelsel

  • ca. 750 n. Chr
  • Een nieuwe landbouwmethode
  • Een cyclus van 3 jaar

Slide 14 - Tekstslide

Een 3-jarige cyclus:
  • Wintergraan: (broodgraan, tarwe/rogge)
  • Zomergraan: (brouwgraan, gerst, haver, veevoer)
  • Braakliggende grond (hier gebeurt niets mee)

Slide 15 - Tekstslide

Gevolg:
Er wordt meer graan verbouwd -> een hogere opbrengst -> mensen worden rijker -> de dorpen/steden kunnen groeien
Daarnaast: de Vikinginvallen stoppen en de steden worden dus veiliger :)

Slide 16 - Tekstslide

Check lesdoelen

Slide 17 - Tekstslide


Rond het jaar 1000 groeiden de oogsten snel. Welke oorzaak had dat?
A
De boeren hadden geleerd het land te bemesten.
B
De boeren lieten hun kinderen meehelpen op het land.
C
Er kwamen steeds meer boeren, omdat de mensen in steden ook moesten eten
D
De boeren gebruikten betere werktuigen.

Slide 18 - Quizvraag


Het gilde controleert de kwaliteit en de prijs van de producten die de gildeleden maken.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 19 - Quizvraag


Als een gildelid ziek is, zorgen de andere leden voor hem en zijn gezin.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 20 - Quizvraag

Een meesterproef kun je goed vergelijken met een examen
A
Waar
B
Niet waar

Slide 21 - Quizvraag

Leg uit: hoe komt het dat, met de ontwikkelingen in de landbouw, de steden konden groeien?

Slide 22 - Open vraag

Vragenrondje: hebben jullie nog iets van mij nodig?

Slide 23 - Open vraag

Slide 24 - Tekstslide