Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening Herhalingsles (hoofdstuk 1-6)

Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening

Herhalingsles hoofdstuk 1-6

Sylvester Vanden Eede

26/03/2026

1 / 34
volgende
Slide 1: Slide
newEditorVerpleegkundeHoger onderwijsStudiejaar 3

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 100 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening

Herhalingsles hoofdstuk 1-6

Sylvester Vanden Eede

26/03/2026

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen

Na deze les:


  • Begrijp je hoe medicatie werkt

  • Kan je sympaticus vs parasympaticus uitleggen

  • Kan je medicatie koppelen aan ziektebeelden

Deze slide heeft geen instructies

Casus

Je werkt op de spoedgevallen afdeling.

Een 22- jarige vrouw komt binnen met kortademigheid. Ze zit rechtop, ademt snel en zegt:

"Ik krijg geen lucht..."


Observaties:

  • Ademfrequentie: 32/ minuut

  • Saturatie: 89%

  • HR: 120/ minuut

  • Je hoort piepende ademhaling (wheezing)

Deze slide heeft geen instructies

Aan welke aandoening denk je? Wat observeer je?

Verwacht:

- Kortademigheid

- Tachypnoe

- Lage saturatie

- Stress / angst

Wat gebeurt er in de longen?

Luchtwegen vernauwen (bronchoconstrictie)

Welk systeem van het zenuwstelsel willen we activeren?

B: Sympaticus

Wat willen we bereiken bij deze vrouw?

Bronchodilatatie

Welke medicatie gaan we geven?

- B2 mimeticum Bijvoorbeeld Ventolin

Waarom mogen we geen bètablokker geven in deze casus?

Blokkeert B2- receptoren

==> bronchoconstrictie

==> Gevaarlijk bij astma

KERNBOODSCHAP

  • Astma = vernauwing

  • Oplossing = sympaticus stimuleren

  • Medicatie = B2- mimeticum

Deze slide heeft geen instructies

Casus

Je werkt op de afdeling interne geneeskunde. Een 68- jarige man komt op controle.

Hij klaagt over:

  • Hartkloppingen

  • Vermoeidheid

  • Hoofdpijn


Observaties:

  • Bloeddruk: 180/95 mmHg

  • Hartslag: 105/ minuut

Deze slide heeft geen instructies

Aan welke aandoening denk je? Wat observeer je?

Hypertensie

Het hart werkt te hard

Wat willen we in deze casus bereiken?

Hartslag dalen

Bloeddruk dalen

Welke medicatie gaan we hier geven?

- Anti hypertensiva

Bètablokker

Bijv. bisoprolol

Wat doet een bètablokker?

Negatief chronotroop ==> hartslag daalt

Negatief inotroop ==> kracht daalt dus bloeddruk daalt

Wat is het gevolg voor het hart?

Hart gebruikt minder zuurstof

Minder belasting op het hart

KERNBOODSCHAP

  • Bètablokker = rem op het hart

  • Gebruikt bij hypertensie / hartritmestoornissen

Deze slide heeft geen instructies

Casus

Je werkt op de spoed. Een 74-jarige vrouw wordt binnengebracht. Haar man zegt: "Plots kon ze niet meer spreken en haar arm hing slap".


Observaties:

  • Scheve mond

  • Verlamming rechterarm

  • Spraakproblemen

  • Symptomen sinds 30 minuten

Deze slide heeft geen instructies

Wat denk je dat er aan de hand is? Wat observeer je?

Hypertensie

Het hart werkt te hard

Wat is het probleem bij deze aandoening?

Trombose

Wat moet er gebeuren?

Trombose moet oplossen

Welke medicatie gaan we daarvoor toedienen?

Trombolytica

Bijvoorbeeld Actilyse

Waarom moet dit snel toegediend worden?

Hersencellen sterven af zonder zuurstof.

Tijd = hersenen

Wat is het verschil tussen: anti-aggregantia, anticoagulantia en trombolytica?

Anti- aggregantia: voorkomen

Anticoagulantie: remmen

Trombolytica: oplossen

KERNBOODSCHAP

  • Ischemisch CVA = trombose

  • Oplossing: trombolyse

  • Snelheid is belangrijk

Deze slide heeft geen instructies

Casus

Je werkt op de recovery na een operatie. Een 742- jarige man komt terug van de OK na een buikoperatie. Na 15 minuten merk je dat hij: suf wordt, klaagt van duizeligheid en hij zegt dat hij zich raar voelt.


Observaties:

  • HR: 38/ minuut

  • Bloeddruk: 85/50 mmHg

  • Saturatie: 96%

  • Huid: bleek en klam

Deze slide heeft geen instructies

Wat denk je dat er aan de hand is? Wat observeer je?

Bradycardie, hypotensie, tekenen van slechte perfusie, patiënt is instabiel

Hypovolemie (bloeding)

Waarom is dit gevaarlijk?

Te trage hartslag ==> minder perfusie naar organen

Risico op shock/ bewustzijnsdaling

Welk systeem in het zenuwstelsel is hier te actief?

Parasympaticus = rem

Hartslag daalt

Bloeddruk daalt

Welke medicatie gaan we geven?

Atropine

Waarom gaan we die medicatie geven?

Parasympaticolyticum

Blokkeert acetylcholine

Rem wordt weggenomen

Sympaticus krijgt meer effect


Gevolg:

Hartslag en bloeddruk stijgen

Waarom zou deze patiënt bradycardie hebben na de operatie?

Vagale reactie (parasympaticus)

Medicatie (anethesie)

Pijn/ prikkeling

Hypoxie

Welke medicatie gaan we zeker niet geven en waarom?N

Betablokker ==> hart zal nog trager werken ==> levensgevaarlijk!

KERNBOODSCHAP

  • Bradycardie = Lage HR

  • Vaak door parasympaticus

  • Oplossing = atropine

  • Rem verdwijnt en HR stijgt

Deze slide heeft geen instructies