bijdrage gletsjers aan de afbraak en de opbouw van landschap
kenmerken van de bovenloop van de Rijn
hoe de waterval van Schaffhausen is ontstaan
Slide 2 - Tekstslide
Geologische tijdschaal
Slide 3 - Tekstslide
Het grote plaatje
Gedurende de ijstijden was soms wel 25% van het landoppervlak bedekt met ijs, tegenover 10% nu.
De zeespiegel stond toen dan ook veel lager dan tegenwoordig, soms wel 120 m.
Slide 4 - Tekstslide
Het grote plaatje
Gedurende de ijstijden was soms wel 25% van het landoppervlak bedekt met ijs, tegenover 10% nu. De zeespiegel stond toen dan ook veel lager dan tegenwoordig, soms wel 120 m.
Slide 5 - Tekstslide
Verschillende ijstijden
Slide 6 - Tekstslide
Verschillende ijstijden
Saalien
Slide 7 - Tekstslide
Interglaciaal
Warmere periode tussen ijstijden in.
Holoceen is een interglaciaal.
Vorige glaciaal was warmer, het Eemien.
Slide 8 - Tekstslide
Verschillende ijstijden
Weichselien
Slide 9 - Tekstslide
Het kleine plaatje
Slide 10 - Tekstslide
Ligging van de continenten
IJskappen kunnen alleen ontstaan op continenten. Een voorwaarde voor een ijstijd is dus dat er (veel) land in de buurt van de polen ligt.
Slide 11 - Tekstslide
Ontstaan van een Gletsjer
Duizend jaar geleden waren de alpen bedenkt met enorme Gletsjers.
Alleen de bergen hoger dan 2000 meter kwamen boven het ijs uit.
Slide 12 - Tekstslide
Slide 13 - Tekstslide
Firn
Firn hoopt zich op in iets lagergelegen dalen.
Dat is het begin van een gletsjer,
Vanuit hier glijdt de Gletsjer langzaam naar beneden.
Slide 14 - Tekstslide
Restanten van gletsjer alleen nog hoog in de bergen.
Slide 15 - Tekstslide
Morenen
Morenen zijn landvormen die gevormd zijn door gletsjers.
Zijmorenen
Grondmorenen
Eindmorenen
Gevormd door verweringsmateriaal.
Slide 16 - Tekstslide
V-Dal
Rivier
U-Dal
Gletsjer
Slide 17 - Tekstslide
Slide 18 - Tekstslide
Het einde van een gletsjer
Lager in het dal is het warmer dus smelt de Gletsjer.
Bij het einde van een gletsjer zien we drie dingen: