Les 3: Tekststructuren

TRAJECT LEZEN

1 / 23
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNederlandsSecundair onderwijs

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

TRAJECT LEZEN

Deze slide heeft geen instructies

Les 3: Tekststructuren

Aan het einde van de les kun je de verschillende tekststructuren opnoemen en herkennen. Je kan de opbouw van elke structuur weergeven. 

Deze slide heeft geen instructies

Hoe kan je structuur aanbrengen in een tekst?

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn tekststructuren?

  • De manier waarop een tekst is georganiseerd.

  • Een goede tekststructuur geeft de tekst samenhang en maakt de tekst prettiger om te lezen. 

  • De tekst wordt makkelijker om te begrijpen.

  • Ook als je een tekst wil schrijven, kan je een tekststructuur gebruiken. 

Toon video: Wat zijn tekststructuren?

De verschillende structuren 

  • Evaluatiestructuur         evalueren = beoordelen

  • Probleemstructuur        informeren over een probleem + oplossingen

  • Maatregelstructuur       een actie die je uitvoert of een afspraak die je maakt om iets aan te pakken, te verbeteren, op te lossen of te veranderen

  • Onderzoeksstructuur       je gaat de oorzaak of reden van iets bestuderen

  • Handelingsstructuur        je gaat iemand instructies geven 

  • Chronologische structuur       wat komt er eerst en wat volgt daarna? 

  • Opsommende structuur      je geeft een reeks van elementen zonder volgorde

Deze slide heeft geen instructies

De chronologische structuur

Doel: beschrijft gebeurtenissen of stappen in de volgorde waarin ze zijn gebeurd.

Vragen:

Inleiding

o Wat is het onderwerp dat zich ontwikkelt?

Midden

o Welke stappen zijn er in de ontwikkeling?

o Welke veranderingen kent het onderwerp tijdens elke stap?

o Deze stappen gebeuren in een bepaalde volgorde.

Slot

o Bij deze structuur is er meestal geen slot.

Leestip: Let op tijdsaanduidingen en volgorde.


Deze slide heeft geen instructies

Maatregelstructuur

Doel: kondigt een maatregel aan of legt ze uit.

Vragen:

Inleiding

o Wat is de maatregel?

Midden

o Waarom is de maatregel nodig?

o Hoe wordt de maatregel uitgevoerd?

Slot

o Wat is het effect van de maatregel?

Leestip: Kijk naar wie iets beslist en wie erdoor beïnvloed wordt.



Deze slide heeft geen instructies

Evaluatiestructuur

Doel: geeft een mening of oordeel op basis van argumenten of criteria.

Vragen:

Inleiding

o Wat wordt er beoordeeld of geëvalueerd?

Midden

o Welke positieve elementen zijn er?

o Welke negatieve elementen zijn er?

Slot

o Wat is het eindoordeel (het besluit)?

Leestip: Zoek naar argumenten die het oordeel onderbouwen.


Deze slide heeft geen instructies

Handelingsstructuur

Doel: legt stap voor stap uit hoe je iets moet doen.

Vragen:

Inleiding

o Wat is het doel van de instructie of handeling?

Midden

o Welke voorwaarden zijn er om dat doel te kunnen bereiken?

o Welke deelstappen van de handeling worden er gevolgd?

Slot

o Hoe wordt het resultaat van de handeling gecontroleerd?

Leestip: Zoek naar de volgorde van handelingen en materialen.


Deze slide heeft geen instructies

Onderzoeksstructuur

Doel: bespreekt een onderzoeksvraag en het antwoord daarop.

Vragen:

Inleiding

o Wat wordt er onderzocht?

Midden

o Hoe werd het onderzoek gevoerd?

o Wat zijn de resultaten van het onderzoek?

Slot

o Wat is de conclusie of het besluit na het onderzoek?

Leestip: Zoek naar kopjes zoals 'vraagstelling', 'methode', 'resultaten'.

Deze slide heeft geen instructies

Probleemstructuur

Doel: bespreekt een probleem, de oorzaken en gevolgen.

Vragen:

Inleiding

o Wat is het probleem?

Midden

o Waarom is het een probleem?

o Wat is de oorzaak van het probleem?

Slot

o Hoe kan het probleem opgelost worden?

Leestip: Probeer oorzaak en gevolg goed uit elkaar te houden.


Deze slide heeft geen instructies

A

probleemstructuur

B

maatregelstructuur

C

evaluatiestructuur

D

handelingsstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

handelingsstructuur

B

evaluatiestructuur

C

chronologische structuur

D

maatregelstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

maatregelstructuur

B

evaluatiestructuur

C

chronologische structuur

D

probleemstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

handelingsstructuur

B

evaluatiestructuur

C

chronologische structuur

D

maatregelstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

maatregelstructuur

B

evaluatiestructuur

C

chronologische structuur

D

probleemstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

handelingsstructuur

B

evaluatiestructuur

C

chronologische structuur

D

maatregelstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

maatregelstructuur

B

evaluatiestructuur

C

chronologische structuur

D

probleemstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

maatregelstructuur

B

evaluatiestructuur

C

chronologische structuur

D

probleemstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

handelingsstructuur

B

evaluatiestructuur

C

probleemstructuur

D

maatregelstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

handelingsstructuur

B

evaluatiestructuur

C

probleemstructuur

D

maatregelstructuur

Deze slide heeft geen instructies

A

handelingsstructuur

B

evaluatiestructuur

C

probleemstructuur

D

maatregelstructuur

Deze slide heeft geen instructies

Oefenen

Maak de Bookwidgetoefeningen uit de cursus.

Deze slide heeft geen instructies