Digitale geletterdheid groep 5 dag 2 deel A

Digitale geletterdheid
Groep 5 - Les 2 A
1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide
ProgrammerenBasisschoolGroep 8

In deze les zitten 10 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Digitale geletterdheid
Groep 5 - Les 2 A

Slide 1 - Tekstslide

A= Eerste deel ochtend
B= Tweede deel ochtend
C= Middag
AFSPRAKEN
  • Niet lopen met je laptop!

  • Hand omhoog als je iets wil vragen

  • Als iemand aan het woord is, is de rest stil

  • Geluid uit of oortjes in 

  • Je gebruikt je eigen naam!

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe voel je je vandaag?
😒🙁😐🙂😃

Slide 3 - Poll

Deze slide geeft je de kans om te oefenen met hoe Lesson up werkt, en tegelijkertijd de stemming van de leerlingen te meten.
  • Dagopening
  • Waarin zit een computer?
  • Tuinierspel
  • Scratch: oefenen met als...dan
  • Copycat
  • Turing test
  • Foto's delen
  • Spel maken in Scratch
  • Dagafsluiting, evaluatie
Wat gaan we doen vandaag?

Slide 4 - Tekstslide

Dia verbergen als je geen heel dagprogramma draait
In deze les leren we....
  • Dat computers in veel meer apparaten en dingen zitten dan je denkt!
  • Hoe je een LOOP gebruikt om een aantal opdrachten telkens opnieuw te laten doen

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schuif het plaatje naar het juiste antwoord
Hier zit WEL een computer in!
Hier zit GEEN computer in!

Slide 6 - Sleepvraag

Lesdoel: Leerlingen worden zich bewust van het feit dat computers overal om hen heel zijn, als kan je ze niet altijd zien.
Leerlingen weten wat de kenmerken van een computer zijn.
Vraag: Wat is een computer eigenlijk?
Korte discussie met de klas.
Een computer is de combinatie van een apparaat en een instructie (iets wat je zegt wat het apparaat moet doen), die samen een taak uit kunnen voeren. Het is dus niet alleen een computer zoals wij die kennen, een laptop van je moeder of het digibord op school, maar computers zitten in allerlei dingen. Kunnen jullie dingen bedenken waar een computer in zit?
Bespreek een aantal voorbeelden die de kinderen benoemen, en vul aan met eigen voorbeelden, zoals een Robot, een Nintendo Switch en een kassa bij de Albert Heijn. Benoem ook dat er hele grote supercomputers zijn, en hele kleine computers die in het lichaam wordt geplaatst van iemand, bijvoorbeeld om iemands hart wat niet meer goed werkt te helpen.
Wat zijn kenmerken van een computer?
Heeft stroom nodig (eigenlijk technically niet, er waren ook computers die op water liepen bijvoorbeeld, maar tegenwoordig wel). Stroom zorgt dat computers kunnen luisteren en praten. Dat doen ze namelijk met stroom. Zonder stroom werkt een computer dus niet.
Een computer bestaat uit hardware (een apparaatje, soms heel klein), en software (het programma wat de hardware zegt wat hij moet doen.)
Een computer heeft input nodig (iets wat hij van buiten krijgt) en moet output geven. Output kan iets zijn wat hij doet, maar ook een plaatje, of een tekst op een beeldscherm.
Een computer doet niet elke keer hetzelfde, hij heeft regels die zeggen wat hij moet doen in verschillende situaties. Een kassacomputer bij de Albert Heijn kan bijvoorbeeld kijken welk product je hebt gekocht, en daar de prijs van opzoeken, maar hij kan ook berekenen wat je moet betalen en, als je dan betaalt met een pinpas, je betaling verwerken.
Een computer zit soms goed verstopt in een apparaat, terwijl het apparaat eigenlijk niet werkt zonder de computer. Ga één voor één de voorbeelden in de slide langs (geanimeerde slide) en bespreek (met bijvoorbeeld handen omhoog, handen omlaag of beter nog, staan en zitten): zit hier een computer in?
In sommige dingen zit geen computer, maar heeft wel versies waarin wel een computer zitten, zoals een lamp, en een kraan. Kunnen de leerlingen die bedenken?

Slide 7 - Tekstslide

doe even voor op hoe het moet op de volgende pagina. Leg uit dat de instructies bovenin in het engels zijn helaas, en dat als ze iets niet snappen ze even hun hand moeten opsteken.

Slide 8 - Link

Deze slide heeft geen instructies

We werken nu....
timer
35:00

Slide 9 - Tekstslide

Klik op de kleur voor je kleur naar keuze
Pas de timer aan voor langer of korter tijd, afhankelijk van hoeveel tijd resteert voor de pauze. Dit kan je doen door erop te klikken.
PAUZE!

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies