COM periode 2 les 6 en 7

Communicatie 
Lesweek 6
5-1-2026 

Matthijs 

1 / 40
volgende
Slide 1: Tekstslide
CommunicatieMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 40 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Communicatie 
Lesweek 6
5-1-2026 

Matthijs 

Slide 1 - Tekstslide

Lesplanning 
- Terugblik vorige hoofdstuk
- Instructie module 8, hoofdstuk 2 (samenwerken in een team)
- Zelfstandig werken

Slide 2 - Tekstslide

Eindopdracht 

19 jan inleveren! 

Slide 3 - Tekstslide

Module 8 Samenwerken
Hoofdstuk 2

Slide 4 - Tekstslide

1. Communiceren in teamverband
Effectieve communicatie is het vermogen om je boodschap duidelijk en doeltreffend over te brengen aan een ander of een groep mensen.

Wat heb je daar voor nodig?

Slide 5 - Tekstslide

Zelfbewustzijn
Herken je eigen gedachten, gevoelens en fysieke reacties om beter te communiceren.

Slide 6 - Tekstslide

Aandachtspunten voor communicatie
  1. Luisteren met aandacht: Minder praten, meer luisteren. 
  2. Rechtstreeks communiceren: Face-to-face communicatie heeft de voorkeur vanwege non-verbale signalen.
  3. Vragen stellen: Laat zien dat je luistert en de ander begrijpt.
  4. Geen veronderstellingen maken: Vermijd oordelen en stel vragen om de ander beter te begrijpen.
  5. Voorkeursstijl herkennen: Ken de communicatiestijl van je collega’s en pas je aan.
  6. Constructieve feedback geven: Specifiek gedrag benoemen en respectvol confronteren.

Slide 7 - Tekstslide

Wat moet je vermijden om de ander beter te begrijpen?





A
Vragen stellen
B
Oordelen en veronderstellingen maken
C
Actief luisteren
D
Non-verbale signalen gebruiken

Slide 8 - Quizvraag

Waarom is het belangrijk om de communicatiestijl van je collega’s te kennen?


A
Om je eigen stijl te behouden
B
Om conflicten te vermijden
C
Om je aan te passen en effectiever te communiceren
D
Om sneller te kunnen werken

Slide 9 - Quizvraag

Wat is een kenmerk van constructieve feedback geven?





A
Algemene opmerkingen maken
B
Specifiek gedrag benoemen en respectvol confronteren
C
Alleen negatieve punten benoemen
D
Feedback vermijden

Slide 10 - Quizvraag

2. Verschillende overlegvormmen 
Cliëntgericht overleg: 
Begeleidingsplanbespreking
Multidisciplinair overleg
Teambespreking
Casuïstiekbespreking 
Overdracht

Slide 11 - Tekstslide

Wat wordt besproken tijdens een casuïstiekbespreking?

A
De financiële situatie van de organisatie
B
De marketingstrategie van de organisatie
C
De jaarlijkse teamuitjes
D
Specifieke cliëntcasussen om van elkaar te leren en de zorg te verbeteren

Slide 12 - Quizvraag

Wat is het doel van een overdracht in de zorg?
A
Het plannen van de jaarlijkse evaluatiegesprekken
B
Het organiseren van een feest voor cliënten
C
Het overdragen van informatie over cliënten aan het volgende dienstdoende team
D
Het overdragen van administratieve taken aan een nieuwe medewerker

Slide 13 - Quizvraag

Wat houdt een multidisciplinair overleg in?


A
Een vergadering tussen verschillende afdelingen van een bedrijf
B
Een overleg waarbij professionals uit verschillende specialismen samenwerken aan de zorg voor een cliënt
C
Een bijeenkomst om nieuwe medewerkers te introduceren
D
Een training voor teamleiders van verschillend disciplines

Slide 14 - Quizvraag

Samenwerkingsgericht overleg
Werkoverleg
Afdelingsoverleg/teamoverleg
Intervisie
Teambuilding

Slide 15 - Tekstslide

Wat is het doel van intervisie?

A
Het bespreken van casussen en het leren van elkaars ervaringen en inzichten
B
Het bespreken van verschillende specialismen die samenwerken aan de zorg voor een cliënt
C
Het evalueren van nieuwe medewerkers

Slide 16 - Quizvraag

Wat is een belangrijk aspect van teambuilding?

A
Het verbeteren van de individuele prestaties van medewerkers
B
Het versterken van de samenwerking en de onderlinge relaties binnen het team
C
Het verminderen van de werkdruk
D
Het verhogen van de salarissen

Slide 17 - Quizvraag

Wat is het belangrijkste doel van een werkoverleg?
A
Het bespreken van dagelijkse werkzaamheden en het oplossen van operationele problemen
B
Het organiseren van sociale evenementen
C
Het evalueren van de prestaties van het management
D
Het plannen van vakanties voor medewerkers

Slide 18 - Quizvraag

Aan de slag!
Starten met de eindopdracht 

Digitale leeromgeving
- Licentie Communicatie & Ondersteunen, module 8, hoofdstuk 2
- Opdracht tm 12 maken in de licentie. 

Slide 19 - Tekstslide

Les 7 Communicatie 


12-1 

Slide 20 - Tekstslide

3. Verbeteren van communicatie in het team

Slide 21 - Tekstslide

Leg het verschil uit tussen teamoverleg en intervisie

Slide 22 - Open vraag

Wat wordt besproken tijdens een casuïstiekbespreking?

A
De financiële situatie van de organisatie
B
De marketingstrategie van de organisatie
C
De jaarlijkse teamuitjes
D
Specifieke cliëntcasussen om van elkaar te leren en de zorg te verbeteren

Slide 23 - Quizvraag

Wat betekent MDO? En wat houdt het in?

Slide 24 - Open vraag

Wat is een kenmerk van constructieve feedback geven?





A
Algemene opmerkingen maken
B
Specifiek gedrag benoemen en respectvol confronteren
C
Alleen negatieve punten benoemen
D
Feedback vermijden

Slide 25 - Quizvraag

Communicatie in het team verbeteren
Feedback geven (gedrag, gevolg, gevoel, gewenst)
Ontvangen van feedback
Complimenten geven en ontvangen
Reflecteren
Proactief gedrag

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Hoe ga jij om met het ontvangen van feedback of een compliment?

Slide 28 - Open vraag

Tijd nemen voor evaluatie / reflectie

Slide 29 - Tekstslide

Tijd nemen voor evaluatie / reflectie

Slide 30 - Tekstslide

Aan de slag!
Digitale leeromgeving
- Licentie Communicatie & Ondersteunen, module 8, hoofdstuk 2
- Opdracht t/m 14
- Praktijksituatie Ted maken, zijn 10 vragen. Kijk eens hoever je komt. 

Daarna verder met de eindopdracht! 

Slide 31 - Tekstslide

Les 8 communicatie 

19-1

Slide 32 - Tekstslide

4. Besluitvorming in een team
Terugblik
Instructie
Zelfstandig werken

Slide 33 - Tekstslide

Wat is het verschil tussen proactief en reactief reageren?

Slide 34 - Open vraag

Reflecteren op eigen gedrag is een manier om de communicatie in het team te verbeteren
A
Juist
B
Onjuist

Slide 35 - Quizvraag

Wat is belangrijk bij het geven van feedback?

Slide 36 - Open vraag

Wat is geen kenmerk van het goed ontvangen van feedback?




A
Vertel wat feedback met je doet
B
Stel je open voor de feedback
C
Verdedig jezelf en leg uit waarom je het er wel/niet mee eens bent
D
Bedank de feedbackgever

Slide 37 - Quizvraag

Besluitvormingsproces
Besluiten nemen met veel mensen is een uitdaging

Om besluitvorming eerlijk en transparant te laten verlopen is het handig besluiten te nemen volgens een vaste opbouw


Slide 38 - Tekstslide

Beslisboom
Verspilling: stoppen.

Noodzakelijke activiteit/taak: meestal behouden.

Waarde toevoegende activiteit/taak: behouden. Het voegt waarde toe voor de cliënt of voor het team/organisatie. Het draagt bij aan het realiseren van onze missie en het sluit aan bij de kernwaarden van het team/organisatie.

Slide 39 - Tekstslide

Opdrachten maken

  1. H1 en H2
  2. Praktijksituatie Ted
  3. Zelftoets

Eindopdracht

Slide 40 - Tekstslide