p.12
p.12
Lesdoelen
Ik kan de onderdelen van een elektrische stroomkring benoemen: stroombron, geleider, verbruiker en schakelaar.
Ik kan uitleggen hoe een eenvoudige elektrische stroomkring werkt.
Ik kan de belangrijkste elektrische symbolen herkennen en gebruiken in een stroomschema.
Ik kan een eenvoudig stroomschema tekenen met de correcte symbolen.
Ik kan uitleggen wat spanning en vermogen betekenen en weet in welke eenheden deze worden uitgedrukt (Volt en Watt).
Ik weet welke onderdelen nodig zijn om een lampje te laten branden.
Ik kan een elektrische stroomkring tekenen met de juiste symbolen.
Ik weet wat Volt en Watt betekenen.
Ik kan uitleggen waarom we zuinig moeten omgaan met elektriciteit.
Ik weet het verschil tussen gelijkstroom en wisselstroom.
3. De elektrische stroomkring
geleiders
stroombron
verbruiker
schakelaar
3. De elektrische stroomkring
p.12
p.13
4.1 Elektrische symbolen van onze stroomkring
let op!
een stroomschema teken je steeds met potlood en lat met horizontale en verticale lijnen
link: Kunstlicht | Schooltv
Opdracht 5: → Bekijk het filmpje over energie p.15
Invuloefening p15
Lees aandachtig de tekst en vul aan:
kies uit: Volt / spanning / W / vermogen / zuinig / V /kostbaar / duurzame / Watt.
De hoeveelheid energie die een toestel verbruikt noemt men het vermogen en drukken dit uit in watt of afgekort W De nodige energie die aanwezig is noemt men de spanningen we drukken dit uit in Volt of afgekort V.Elektrische energie is kostbaar , daarom is het belangrijk dat je er zuinig mee omspringt en bewust kiest voor energiezuinige enduurzame apparaten.
4.3 gelijkstroom en wisselstroom
4.3 gelijkstroom en wisselstroom
4.3 gelijkstroom en wisselstroom
4.4 Batterijen en polariteit p.16
welke soort batterijen ken jij?
4.4 Batterijen en polariteit
4.4 Batterijen en polariteit
-
4.4 Batterijen en polariteit
Wat doe je met lege en gebruikte batterijen?
4.4 Batterijen en polariteit
4.5 De werking van de led en weerstand
Wat is een weerstand? p.17
4.5 De werking van de led en weerstand p.17
De kleurcode bepaalt de waarde van de weerstand.
Band 1: getal
Band 2: getal
Band 3: aantal nullen
(vermenigvuldigingsfactor)
Band 4: toleratie = afwijking
> Goud: plus of min 5 procent
> Zilver: plus of min 10 procent
Opdracht 7:
4.5 De werking van de led en weerstand p.18
Opdracht 8:
4.5 De werking van de led en weerstand
4.6 De werking van de schakelaar p.19
4.6 De werking van de schakelaar
Opdracht 12:
opdracht: 11-12-13 de werking van de schakelaar
Maken in werkboek + 4X printscreen Phet in uploadzone
Dokter Bibber/oef 11-12-13
weet jij wat een sensor is?
4.7 De sensor als schakelaar
Geen rook waargenomen?
Stroomkring open
De zoemer werkt niet
Rook waargenomen?
Sensor = schakelaar sluit de stroomkring
De zoemer werkt