literatuur 19e eeuw : (4) eind vd eeuw

1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

Le contexte historique
  • situeert zich in La Belle Époque (1875-1914)

==> periode van geloof in progressie dankzij techniek

==> wereldtentoonstellingen in Parijs, constructie van La tour Eiffel ( 1889)

==> periode van optimisme

==> periode van nieuwe inzichten en experminten en verzet tegen het conventionele


Le symbolisme 
  •  tijdens 'La Belle Époque' (1875-1914)
  • periode van geloof in progressie dankzij techniek
  •  wereldtentoonstellingen in Parijs, constructie van La tour Eiffel ( 1889) dankzij de uitvinding van sterk staal!
Door deze uitvinding konden makkelijker grote stalen schepen gebouwd--> reizen werd veel makkelijker.
  •  periode van optimisme
  •  periode van nieuwe inzichten en experimenten en verzet tegen het conventionele/ het gewone.



Slide 3 - Tekstslide

Le symbolisme
  • eind 19e eeuw
  • stroming in kunst, muziek en literatuur
  • oorsprong in Frankrijk, verspreidt zich ook over andere landen
  • Literatuur--> vooral poëzie --> jonge dichters beschouwden zichzelf als 'zieners' die hoog boven de gemiddelde mens verheven waren.
Le symbolisme: 
  • stroming in kunst, muziek en literatuur
  • oorsprong in Frankrijk, verspreidt zich ook over andere landen
  • Literatuur--> vooral poëzie --> jonge dichters beschouwden zichzelf als 'zieners' die hoog boven de gemiddelde mens verheven waren.
  • *zij voelden contact met een vage, mysterieuze, andere werkelijkheid!

Slide 4 - Tekstslide

  • Via de dichtkunst probeerden dichters/ schrijvers de ideale wereld te bereiken.
  • belangrijke dichters:
  • Charles Baudelaire
  • Paul Verlaine *
  • Arthur Rimbaud *
  • Zij zagen verbanden tussen beelden, klanken en geuren die rechtstreeks naar 'het hogere' verwezen--> zij voelden zich 'outcasts', niet thuis in deze wereld. Dit omschreven zij met de term Spleen (= een vaag, sterk gevoel van heimwee, melancholie).

Slide 5 - Tekstslide

Charles Baudelaire : Les fleurs du mal
  • zette de gangbare regels op zijn kop
  • bezong de schoonheid van het kwaad
  • de schoonheid van de dood
  • de schoonheid van een losbandig leven
  • hij denkt dat ieder zowel het goede als het kwaad in zich heeft. in 'Les fleurs du mal' laat hij vooral het laatste zien. In zijn gedicht L'albatros verwijst Baudelaire naar de situatie waarin hij leeft. Hij voelt zich een outsider en leeft een armoedig bestaan vol drank, drugs en criminialiteit.
  1. Wat weet je van een albatros? 
  • lis le poème 'L'Albatros' et réponds aux questions:
  • Kijk voor de vertaling van het gedicht in it's (link)

Slide 6 - Tekstslide

Wat voor indruk maakt de albatros als hij gevangen is door de bemanning van het schip? (strofe 2)

Slide 7 - Open vraag

Hoe reageert de bemanning daarop (strofe 3)?

Slide 8 - Open vraag

Baudelaire geeft de albatros twee 'koninklijke' titels, die ook op de dichter van toepassing zijn. Welke? (2 antwoorden zijn goed)
A
oiseaux des mers
B
rois de l'azur
C
prince des nuées
D
compagnons de voyage

Slide 9 - Quizvraag

In welke strofe zegt Baudelaire duidelijk dat de dichter op de albatros lijkt?
A
1
B
2
C
3
D
4

Slide 10 - Quizvraag

leg uit waarom de dichter op de albatros lijkt

Slide 11 - Open vraag

leg uit dat dit gedicht in het symbolisme past.

Slide 12 - Open vraag

Klassiek Sonnet
Een klassiek sonnet is een rijmend gedicht van 14 regels en met de volgende structuur: eerst twee kwatrijnen en daarna twee terzinen. (denk aan gedicht van Victor Hugo-> Demain dès l'aube)

Het rijmschema kan variëren, maar veel voorkomende rijmschema's zijn

  • abba abba cdc cdc
  • abba abba cde cde

Slide 13 - Tekstslide

caractéristiques littéraires du symbolisme 

Symbool

==> een manier van de dichter om een link te leggen tussen 'het hogere' en het zichtbare

Het mysterie

==> de dichter als 'ziener'/ profeet die d.m.v. symbolen toegang geeft/vertelt over dingen van een 'hogere orde'.


Slide 14 - Tekstslide

caractéristiques littéraires du symbolisme 

Correspondenties

==> alles houdt verband met elkaar, zintuiguigelijke waarnemingen vermengen zich (beelden, klanken, geuren).

Le vers libre

==> geen vaste vormregels meer, maar vrije vers. (gedicht in proza) Geen vaste rijmvorm, soms geen interpunctie, grote aandacht voor klanken! (muzikaliteit) d.m.v bijv. het metrum


Slide 15 - Tekstslide

Les poètes Maudits
Rimbaud et Verlaine
  • voelen zich onbegrepen door de 
  • maatschappij
onwil/onvermogen zich aan te passen 
aan de heersende waarden en normen
  • antiburgerlijk
  • leven in hun eigen werkelijkheid
  • lees op de volgende slide 'le dormeur du val' en luister hem hier. De vertaling kun je hier vinden. 

Slide 16 - Tekstslide

Tekst

Slide 17 - Tekstslide

Is 'le dormeur du val' geschreven volgens de klassieke regels, als sonnet of ontbreken de vaste vormregels
A
sonnet
B
vaste vormregels ontbreken

Slide 18 - Quizvraag

kijk eens naar het rijmschema. wat is het juiste schema?
A
aabb aabb cdc cdc
B
abab cdcd eef ggf
C
abba abba cde cde
D
abba bccd eff eff

Slide 19 - Quizvraag

Noteer woorden en zinsdelen die het personage beschrijven in strofen 1,2,3. Je mag een woordenboek gebruiken.

Slide 20 - Open vraag

Noteer hier woorden of zinsdelen die de natuur beschrijven in de strofen 1,2,3

Slide 21 - Open vraag

welk contrast merk je op tussen de beschrijvingen van het personage en de natuur?

Slide 22 - Open vraag

Welke verrassende informatie wordt onthuld in het laatste vers?

Slide 23 - Open vraag

Welk gevoel maakt dit einde bij jou los? wil je nu ook nog een keer het gedicht lezen?

Slide 24 - Open vraag

een personificatie is een vorm van een metafoor waarbij niet menselijke abstracte begrippen menselijke eigenschappen krijgen toegeschreven. Welke 2 zitten in dit gedicht?
A
une rivière
B
bouche
C
la lumière
D
Nature

Slide 25 - Quizvraag

Wat wil de dichter van 'le dormeur du val'volgens jou aan de kaak stellen?

Slide 26 - Open vraag

Geef hier je mening over de module literatuurgeschiedenis. Heb je nog een tip of een top, laat je bericht achter op de volgende slide
😒🙁😐🙂😃

Slide 27 - Poll

Tip/ Top voor de afgelopen module=

Slide 28 - Open vraag