Week 6 Ziekenhuis (WH) - Oncologie ALG - BBL 2e jaars

What's happening - 
ziekenhuis
Week 6: Oncologie 
Inhoud 
werking cellen/weefsels
algemene principes achter het ontstaan van oncologie
verschillende vormen
behandelingsopties
behandelingsdoelen

Voor de liefhebber: Quizz
1 / 34
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

What's happening - 
ziekenhuis
Week 6: Oncologie 
Inhoud 
werking cellen/weefsels
algemene principes achter het ontstaan van oncologie
verschillende vormen
behandelingsopties
behandelingsdoelen

Voor de liefhebber: Quizz

Slide 1 - Tekstslide

Hoofddoel
De student heeft de benodigde kennis om te kunnen zorgen voor zorgvragers met de meest voorkomende oncologische aandoeningen in het ziekenhuis. 

Slide 2 - Tekstslide

Subleerdoelen
De student kan: 
- de ligging, bouw, functie en werking van cellen en weefsels beschrijven - de algemene principes van de oncologie beschrijven 
- de oorzaken, de gevolgen, de symptomen en de behandelingen beschrijven van de meest voorkomende soorten kanker, in het specifiek: 
        o darm-, huid-, borst-, long-, prostaat- en lymfklierkanker en leukemie - beschrijven welke veelvoorkomende ingrepen uitgevoerd worden bij kanker, in het specifiek: 
        o chirurgische, radiotherapeutische, chemotherapeutische, hormonale en immunotherapie 
- behandelingen indelen in curatief, adjuvant, neo-adjuvant en palliatief 

Slide 3 - Tekstslide

Literatuur

Zorgpad, Algemeen Ziekenhuis Hoofdstuk 21. 

Eventueel verdieping: 
www.kanker.nl
https://iknl.nl

Slide 4 - Tekstslide

timer
1:00
wat is een tumor?

Slide 5 - Woordweb

Filmpje

Slide 6 - Tekstslide

Wat is oncologie?? 
Leer der tumoren. 
 
- Alles over goedaardige en kwaadaardige tumoren. 
 
- Oncologie denkt men direct aan de ziekte “kanker”. 
 
 
Wat is kanker nu eigenlijk? 
- Tumor > neoplasma 
- Nieuw groeiend weefsel. 
- Onderscheid tussen Benigne en 
                                          Maligne 

Slide 7 - Tekstslide

Cellen en weefsels (1)
goed gedifferentieerd

versus

slecht gedifferentieerd

Slide 8 - Tekstslide

Cellen en weefsels (2)- goedaardig versus kwaadaardig
Te veel startsignalen en/of te weinig stopsignalen

Slide 9 - Tekstslide

Cellen en weefsels (3)
verschillende cellen kunnen te veel gaan delen in Maligne tumoren

indeling in 3: 
1. Carcinomen
     uitgaan van dekcellen, bv epitheel, soms endotheel
     Vb: coloncarcinoom, prostaatcarcinoom, mammacarcinoom

2. sarcomen
     uitgaan van kraakbeen: chondrosarcoom
     uitgaan van skeletspieren: rhabdomyosarcoom
     uitgaan van botweefsel: osteosarcoom

3. kanker bloedbereidende organen. 
     leukemie
     ziekte van kahler
     maligne lymfomen. 

Slide 10 - Tekstslide

De typische kenmerken van kanker
- Voor groei onafhankelijk van externe stimulatie  
 
- Ongevoelig voor groeiremmende factoren 
 
- Cellen gaan niet over tot apoptose 
 
- Cellen met onbeperkte delingscapaciteit 
 
- Weefselinvasie en metastasering 
 
- Stimulering van angiogenese (bloedvatvorming) 

Slide 11 - Tekstslide

timer
1:00
oorzaken van kanker?

Slide 12 - Woordweb

Oorzaken van Kanker/risicofactoren
- erfelijkheid
     familiair
     ethniciteit
     geslacht
- geneesmiddelen, bijv cytostatica
- voedsel (verontreiniging) : 
       dierlijke vetten, alcohol, te weinig vezels.
- industriele verontreiniging :
      plastic
      asbest 
- sigaretten, meeroken
- straling: rontgen, Uv-straling
- milieuvervuiling : luchtvervuiling bijvoorbeeld. 

Slide 13 - Tekstslide

Metastase (1)
-  Lymfogene metastasering:
* via de lymfe die door het weefsel  
      loopt komt het in de lymfebanen  
      en in de rest van het lichaam.  
      regionale lymfklieren

- Hematogene metastasering:  
      * gezwel groeit door in de 
        bloedvaten die rondom het 
        weefsel liggen. (via bloedbaan  
        naar de rest van het lichaam 
        > dochtergezwellen) 

Slide 14 - Tekstslide

Metastase (2)

Slide 15 - Tekstslide

Metastase (3) - 2 ernstige vormen
peritonitis carcinomatosa
     > ascitis
 
pleuritis carcinomatosa
     pleuravocht

Slide 16 - Tekstslide

Oncologie in Cellen en weefsels - samenvatting
Verschil benigne en maligne >  zit in de verandering in Chromosomen 
- Abnormale chromosomen : goed/slecht gedifferentieerd
- Te veel start- en te weinig stopsignalen 
- Celdeling gaat 'out of controle'
 
Bundel van bloedvaatjes > toevoer van voedingsstoffen 
- Maligne cellen niet strak tegen elkaar 
- Afbreken van stukken 
      > Metastase 
          Lymfogeen vs Hematogeen….? 

Slide 17 - Tekstslide

Meest voorkomende soorten kanker
1 op de 3 mensen krijgt ooit kanker (cijfers KWF uit 2020)

- huidkanker 22.063 diagnoses
- longkanker 13.910 diagnoses
- borstkanker 13.166 diagnoses
- prostaatkanker 12.815 diagnoses
- darmkanker 11.694 diagnoses

- lymfklierkanker en leukemie
verder wordt er gewerkt met: 
de vijf-jaarsoverleving. 
in algemeen: 65% 

Slide 18 - Tekstslide

Symptomen algemeen
vaak heel vaag in het begin van een ziekte!!!!

- vermoeidheid
- lusteloos
- verminderde eetlust
- misselijkheid
- verkoudheids/griepachtige klachten
- verhoging/koorts
- gewichtsverandering zonder verklaring

Slide 19 - Tekstslide

De 9 symptomen die een rode vlag moeten geven. 
- Blijvende heesheid of hoest, bloed in opgehoest slijm. 
 
- Slikklachten: als slikken pijn doet of als het eten in de slokdarm niet goed zakt. 
 
- Moedervlekken en huidplekjes die veranderen of die nieuw zijn. 
 
- Een plekje dat schilfert, of een bobbeltje op je huid. 
 
- Een verdikking of bobbeltje ergens in je lichaam. 
 
- Bij de vrouw: ongewoon vaginaal bloedverlies, abnormale afscheiding buiten de menstruatieperiode. Bij de man: pijn of veranderingen aan de zaadballen, zoals zwelling of verharding. 
 
- Blijvende verandering in de ontlasting zonder duidelijke aanleiding, bloedverlies en/of slijm bij de ontlasting. 
 
- Veranderingen bij het plassen: moeilijker kunnen plassen, vaker moeten plassen, pijn bij het plassen of bloed in de urine. 
 
- Gewichtsverlies zonder aanleiding.  

Slide 20 - Tekstslide

Diagnostiek 
- anamnese en lichamelijk onderzoek 

- beeldvormend onderzoek: rontgen, echo, CT, MRI, fluorescentie onderzoek

- diagnose bevestigen: PA onderzoek (patholoog, onder microscoop)

Dan volgt stageringsonderzoek: TNM systeem. 
T: tumor, differentiatie, grootte en ingroei in directe omgeving (T1- T4)
N (noduli): lymfklieren waarin ook tumor weefsel zit (N0-N2) 
M: metastasen op afstand (M0-M1) 

Slide 21 - Tekstslide

Behandeling (1) - doelstellingen
Belangrijk!!! 

Curatief:  
gericht op genezing (operatief verwijderde van niet uitgezaaide tumor) 
 
Adjuvante behandeling:  
toegevoegde behandeling die wordt uitgevoerd na een curatieve behandeling. (bv chemotherapie na operatie tegen mogelijk niet waarneembare uitzaaiingen)  
 
neo-adjuvante behandeling:  
een toegevoegde behandeling die uitgevoerd wordt voor een curatieve behandeling (bv bestraling voorafgaand aan een operatie) 
 
Palliatieve behandeling:  
gericht op afremmen van de tumor of verminderen van de klachten wanneer de ziekte ongeneselijk is 

Slide 22 - Tekstslide

Behandeling (2)
Welke behandelingen zijn er? 
   - Chirurgische therapie 
   - Radiotherapie straling  
          uitwendig / inwendig
          50% palliatie > mn bij botmeta's 
   - Chemotherapie 
   - (anti-)Hormonale therapie 
   - anders: Immunotherapie, stamceltrans-
                     plantatie, hyperthermie
 
Wat zijn complicaties/bijwerkingen?? 
   - lokaal cellen. 
   - sneldelende goede cellen : beenmerg, 
      (darm)slijmvlies, geslachtscellen, haarcellen

Slide 23 - Tekstslide

Volgende keer: 

Ziekten van stofwisseling, endocriene stelsel en immuunsysteem

Ter voorbereiding/bijbehorende literatuur: 
Zorgpad, Algemeen ziekenhuis, hoofdstukken 13 en 19 

Slide 24 - Tekstslide

Speedquizz. 

vragen: 
multiple choice
30 seconden per vraag. 

Slide 25 - Tekstslide

Stelling: de meest voorkomende oorzaak van longkanker is roken
A
waar
B
niet waar

Slide 26 - Quizvraag

Stelling: een neo-adjuvante behandeling is een bestraling of chemo voorafgaand aan een curatieve behandeling tegen kanker
A
waar
B
niet waar

Slide 27 - Quizvraag

Een metastase die zich elders hecht, noem je?
A
secundaire tumor
B
dochter gezwel

Slide 28 - Quizvraag

Stelling: aan benigne tumoren ga je nooit dood
A
waar
B
niet waar

Slide 29 - Quizvraag

Oncologie betekent?
A
de Leer der Tumoren
B
de Leer der Maligniteit

Slide 30 - Quizvraag

wat is fysiologisch het verschil tussen benigne en maligne?
A
Overactieve celkern waarbij de celdeling versnelt
B
te veel START- of te weinig STOP cellen

Slide 31 - Quizvraag

stelling: een palliatieve behandeling is gericht op het genezen van de patient
A
waar
B
niet waar

Slide 32 - Quizvraag

Bij welke vorm van metastase is een maligne tumor in een verder stadium?
A
hematogene metastasering
B
lymfogene metastasering

Slide 33 - Quizvraag

Prijsuitreiking. 

Slide 34 - Tekstslide