verzekeringen

Leerdoelen
  • Je weet wat een verzekering is
  • Je weet wat een verzekerde is
  • Je weet wat een verzekeringsovereenkomst is
  • Je weet wat een polis en polisvoorwaarden zijn
  • Je kunt rekenen met een eigen risico
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 2

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Leerdoelen
  • Je weet wat een verzekering is
  • Je weet wat een verzekerde is
  • Je weet wat een verzekeringsovereenkomst is
  • Je weet wat een polis en polisvoorwaarden zijn
  • Je kunt rekenen met een eigen risico

Slide 1 - Tekstslide

Waar denk je aan bij verzekeringen?

Slide 2 - Woordweb

Wat zien jullie hier?

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

Welke verzekeringen zijn verplicht?

Slide 5 - Woordweb

Waarom is een scooterverzekering verplicht?

Slide 6 - Woordweb

De volgende onderdelen gaan we in kort bespreken.

  • verzekerde
  • verzekeringsovereenkomst
  • polis
  • polisvoorwaarden
  • verzekeringspremie
  • eigen risico

Slide 7 - Tekstslide

Verzekerde
Degene die zich verzekert bij een verzekeringsmaatschappij.

Slide 8 - Tekstslide

Verzekeringsovereenkomst: een overeenkomst tussen de verzekerde en de verzekeringsmaatschappij

Slide 9 - Tekstslide

Polis
Polisvoorwaarden:
= het bewijs van de verzekering
hierin staan de rechten en plichten van de verzekerde en de verzekeraar

Slide 10 - Tekstslide

Verzekeringspremie
de premie die je betaalt aan de verzekeringsmaatschappij voor het sluiten van een verzekering.


Slide 11 - Tekstslide

Eigen risico
Een deel van de schade dat niet vergoed wordt door de verzekeraar, maar dat de verzekerde zelf betaalt.

Met een eigen risico betaal je minder premie dan bij een verzekering zonder eigen risico.

Slide 12 - Tekstslide

Voorbeeld rekenen met eigen risico.

Piet heeft zijn scooter verzekerd bij ANWB voor een bedrag van maximaal €  3.500. Zijn eigen risico bedraagt € 200.

Jan krijgt een ongeluk met zijn scooter. Het schadebedrag is 

€ 1.500. 

Hoeveel krijgt  Piet uitgekeerd van zijn verzekering?



€ 1.500 schade MIN € 200,- eigen risico = € 1.300

timer
1:00

Slide 13 - Tekstslide

Jan heeft zijn scooter verzekerd voor een bedrag van maximaal € 4.500. Zijn eigen risico bedraagt € 200. Jan krijgt een ongeluk met zijn scooter. Het schadebedrag is € 1.500.

Hoeveel krijgt Jan uitgekeerd van zijn verzekering?
A
1.500
B
1.400
C
3.000
D
1.300

Slide 14 - Quizvraag

Jan heeft zijn scooter verzekerd voor een bedrag van maximaal € 3.500. Zijn eigen risico bedraagt € 500. Jan krijgt een ongeluk met zijn scooter. Het schadebedrag is € 2.500.

Hoeveel krijgt Jan uitgekeerd van zijn verzekering?
A
2.500
B
500
C
3.000
D
2.000

Slide 15 - Quizvraag

Wat heeft geen invloed op de vraag naar verzekeringen?
A
De kans op schade
B
Het aantal verzekeraars
C
De hoogte van het inkomen
D
De hoogte van de premie

Slide 16 - Quizvraag

Wat is een polis?
A
Hierin staan de voorwaarden voor je verzekering
B
Een bedrijf die verzekeringen verkoopt.
C
Een bedrag dat je per maand moet betalen om verzekerd te zijn
D
Een bewijs dat je verzekerd bent

Slide 17 - Quizvraag

Wat is een verzekeringspremie?
A
Hierin staan de voorwaarden voor je verzekering
B
Een bedrijf die verzekeringen verkoopt.
C
De premie die je betaalt voor het sluiten van een verzekering
D
Een bewijs dat je verzekerd bent

Slide 18 - Quizvraag

Wat zijn polis voorwaarden?
A
Een bijlage bij de polis dat als bewijs dient dat je een verzekering hebt.
B
Een bijlage bij de polis waarin de rechten en plichten van de verzekerde en verzekeraar staan.
C
Een bijlage van de polis waarin staat welke verzekeringen de verzekeraar allemaal aanbiedt.

Slide 19 - Quizvraag

Wie betaalt het eigen risico?
A
de verzekeraar
B
de verzekerde

Slide 20 - Quizvraag

Wie maakt de polis?
A
De verzekeraar
B
De verzekerde

Slide 21 - Quizvraag

Ik wil mijn telefoon verzekeren en betaal ........ aan de .......
A
premie, verzekerde
B
premie, verzekeringsmaatschappij
C
schadevergoeding, verzekerde
D
schadevergoeding, verzekeraar

Slide 22 - Quizvraag

Wie betaalt de premie?
A
De verzekeraar
B
De verzekerde
C
De overheid

Slide 23 - Quizvraag

Begrippen
  • verzekerde : de persoon die verzekerd is
  • verzekeringsovereenkomst : overeenkomst tussen de verzekerde en verzekeringsmaatschappij
  • polis : schriftelijke bewijs van de verzekering
  • polisvoorwaarden: hierin staan de rechten en plichten van de verzekerde en de verzekeraar
  • verzekeringspremie: de premie die je betaalt aan de verzekeringsmaatschappij voor het sluiten van een verzekering.
  • eigen risico: een bedrag dat de verzekeraar aftrekt van de schade uitkering aan de verzekerde

Slide 24 - Tekstslide