De Filmfabriek, gr 7/8, les 4

GROEP 7/8
LES 4: Acteren

1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
MediawijsheidBasisschoolGroep 7,8

In deze les zitten 12 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

GROEP 7/8
LES 4: Acteren

Slide 1 - Tekstslide

hoihoi
Vraag
Informatie
Opdracht
Kijk
Benodigdheden
Tip

Slide 2 - Tekstslide

Les 2
Storyboard
Les 1
Verhaal
Les 3
Reclame
Les 4
Acteren
Les 5
Art direction
Les 6
Muziek & geluid
Les 7
Filmen
Les 8
Montage

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

Introductie
Wat moet er in een auditiefilmpje aan bod komen?

Slide 5 - Tekstslide

Casting
Acteurs (mannen) en actrices (vrouwen) moeten vaak auditie doen voor een bepaalde (hoofd)rol. In de filmwereld heet die auditie 'casting'. 
Castingdirector
Degene die de casting (de auditie) regelt heet de 'casting director'. 
Rolverdeling
Uiteindelijk bepaalt de regisseur van de film samen met o.a. de casting director wie welke rol krijgt. Er wordt gekeken naar het uiterlijk (wat voor type past bij de rol?) en uiteraard hoe goed iemand acteert.

Slide 6 - Tekstslide

Voordat een acteur auditie mag doen, moet hij/zij eerst het volgende opsturen naar de casting director:

CV
Dit is een document met persoonlijke gegevens en werkervaring.
Headshot
Dit is een foto van het hoofd. De castingdirector en regisseur kunnen daardoor zien wat voor type je bent. 
Filmpje
In het selfie-filmpje (mediumshot) vertelt de acteur persoonlijke informatie en laat hij zien hoe goed hij kan acteren.  
Als de casting director denkt dat de acteur geschikt zou kunnen zijn voor een bepaalde rol in de film, nodigt hij de acteur uit voor de auditie. Tijdens deze auditie gaan verschillende acteurs met elkaar een scène spelen. 

Slide 7 - Tekstslide

Iedereen van jullie is aangenomen voor jullie film! Maar wie past bij welke rol?
Als je een bepaalde rol wil in de film, neem dan een kort selfiefilmpje op en laat zien dat jij geschikt bent voor die rol. Doe dit eventueel in kleine groepjes.   


Wie zijn de castingdirectors en regisseur van de film? Deze leerlingen bekijken samen met de juf/meester de auditiefilmpjes en bepalen wie welke rol krijgt.
Tijdens de audities kunnen de andere leerlingen het verhaal afschrijven of de poster afmaken. 

Slide 8 - Tekstslide

Lees het filmverhaal door. 

Bedenk zelf hoe jouw personage loopt en spreekt, en welke emotie bij het personage past. 

Oefen klassikaal of in groepjes het filmverhaal of een scène. Bekijk na elke scène wat beter kan. Denk aan de mimiek (gezichtsuitdrukking), houding (lichaam) en stem. 

Bepaal wie welke scène gaat opnemen. Laat deze cameramannen/-vrouwen alvast de scènes filmen, zodat zij kunnen oefenen. 
Let op; acteurs mogen niet in de camera kijken!
1.

2.

4.

3.

Slide 9 - Tekstslide

Blijf jezelf
Denk aan iets wat je zelf echt hebt meegemaakt, om je rol met meer overtuiging te kunnen spelen. Blijf jezelf. 
Niet overdrijven
Op het toneel moet je overdrijven, zodat de achterste bezoekers in de zaal de mimiek van de acteur goed kunnen zien. Filmacteurs moeten juist niet overdrijven, omdat een camera de mimiek van acteurs goed kan vastleggen (o.a. door het gebruik van een close-up). 
Niet in camera kijken
Kijk tijdens het acteren niet in de camera. 
Mimiek, houding en stem
Let bij het acteren op je mimiek (gezichtsuitdrukking), houding (lichaam) en stem. Praat luid, duidelijk en niet te snel.
Actie & cut
Als een regisseur ‘actie’ zegt, mag je beginnen met acteren. ‘Cut’ betekent stoppen.  

Slide 10 - Tekstslide

Afsluiting
Welke emotie en/of welk personage was het moeilijkste om te spelen? En wat was het leukst om te acteren? Waarom? Hoe komt dat?

Slide 11 - Tekstslide

Gemaakt door: 







Gefinancierd door:
Met dank aan:

Slide 12 - Tekstslide