Verkooptijger module 4 week 4 vaardigheden en structuur

1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
RetailMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 16 slides, met tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Wat heb je nodig om een verkooptijger te worden?
  • Vaardigheden
  • Structuur 

Slide 2 - Tekstslide

Verkoop vaardigheden 
Ken je productaanbod. Een goede verkoper kent de ins en outs van het hele assortiment dat hij verkoopt. ...
De juiste uitstraling hebben. ...
Goed luisteren. ...
Stel de juiste vragen. ...
Wees creatief. ...
Overtuigen. ...
Heb oog voor 'bijverkoop'. ...
Onderhandelen.....

Slide 3 - Tekstslide

Verkoop structuur
  • De manier waarop jij een verkoopgesprek voert is persoonlijk, maar een duidelijke structuur is sowieso onmisbaar,

  • Een structuur is een bepaalde volgorde zoals jij je verkoopgesprek ingaat. 

  • Zie de structuur in een verkoopgesprek op de volgende bladzijde

Slide 4 - Tekstslide

AIDA verkoop structuur

Slide 5 - Tekstslide

A= Attention
De eerste stap van het AIDA-model begint met attention, ofwel de aandacht trekken van de klant. Het doel is om de consument bewust te maken dat jij er als verkoopmedewerker voor de klant bent een meer persoonlijke communicatie namelijk een stuk effectiever!
  • Begroeten van de klant (non verbaal en verbale houding)
  • Klant voelt zich welkom in de winkel

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Slide 8 - Video

rollenspellen:    Hoe begroet jij de klant?
Een klant welkom heten is de eerste stap tot een succesvol verkoopgesprek.  Hoe begroet jij die klant? Wat doe je dan als er een klant binnen komt in de winkel?

Laten we het eens gaan oefenen?
Docent = klant
Jij bent VERKOPER!

Slide 9 - Tekstslide

I=Interest
Stap twee van het AIDA-model is interest en gaat in op de interesses van de consument. Wanneer het product niet de juiste interesse(s) van de consument benadert, kan het zijn dat de consument niet geïnteresseerd is en afhaakt. Probeer dus achter de wens/interesse van de klant te komen!
  • Klant benaderen door gesprek te beginnen d.m.v. open  vragen te stellen. Deze open vragen geven antwoord of ze geïnteresseerd zijn in het product of dienst.

Slide 10 - Tekstslide

Wat zijn open vragen?
Een open vraag is een vraag waarop meerdere antwoorden mogelijk zijn. Over het algemeen zijn de antwoorden op een open vraag wat langer, en vragen wat denkwerk. De ander kan kiezen uit meerdere opties. Het tegenovergestelde van een open vraag is een gesloten 
Deze open vragen beginnen 
altijd met een W of een H

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Video

Opdracht:  open vragen
Welke open vragen kun je aan een klant stellen zodat jij de juiste informatie krijgt van de klant en dus weet wat de interesse van de klant is.

Maak vijf open vragen die je aan de klant kan stellen:

Succes en we bespreken het zo!


Slide 13 - Tekstslide

A=Action
Het eindpunt bij AIDA is de verkoop. Je moet de klant aanzetten tot actie. Je moet hem een reden geven om te beslissen nu tot actie over te gaan.  Je moet dus als verkoper het initiatief nemen om de verkoop af te ronden.
vb. U was op zoek naar de TV met de beste beeld kwaliteit, zoals u net zelf heeft kunnen zien. Van de 4 modellen is dit de beste en ook nog voor een hele aantrekkelijke prijs! Deze maar doen? I



Slide 14 - Tekstslide

D= Desire
De drang om je aanbod te kopen = Desire. Hier moet je het verlangen opwekken van de klant om tot een aankoop over te gaan. Dit doe je door te spreken over de eindresultaten. Dus dan speel je in op de klantenwens van de klant.  Wat de klant dus wil? VB. Deze Sony TV heeft de allerbeste beeld kwaliteit wat er op dit moment te krijgen is op de markt meneer. De klant gaf eerder aan het beste beeldkwaliteit van dit moment te willen . 

Slide 15 - Tekstslide

einde

Slide 16 - Tekstslide