selectieve perceptie, beeldvorming en referentie kader en framing

1 / 22
volgende
Slide 1: Video
MaatschappijkundeVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

In deze les zitten 22 slides, met tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat is framing?
Framing is het gebruiken van woorden die positieve of negatieve associaties oproepen. Op die manier kan het standpunt van iemand worden beïnvloed. Framing is vaak storytelling in één woord. In het woord zit een heel verhaal verborgen met een held een slachtoffer en gevaar. (Bron: debatinstituut)<div><br><div></div><div>Voorbeelden zijn gelukszoekers, klimaatdrammers en coronawappies.&nbsp;</div><div>
</div></div>
Bekijk hier het fragment van SchoolTV waarin helder wordt uitgelegd wat framing is.
Foto:  Zachary Keimig

Slide 3 - Tekstslide

Bekijk het fragment van SchoolTV waarin kort wordt uitgelegd wat framing is. Aan de hand van een aantal voorbeelden van framing met woordgebruik wordt dit duidelijk. 

Wat is framing - SchoolTV
00:21-01:20
https://schooltv.nl/video/wat-is-framing-woorden-zorgen-voor-een-beeld/ 
Woordkeuze
De oorlog op de Gazastrook heeft voor veel verdeeldheid en verwarring gezorgd in de wereld. Aan wiens kant sta je en welke woorden gebruik je?
Bekijk het onderstaande fragment over gebruik van de naam Hamas...
Mediastorm - Human 2023
Foto: Mohammed al Bardawil 

Slide 4 - Tekstslide

Voor nieuwsmedia is het belangrijk dat ze goed nadenken over hun woordkeus. Vooral bij gepolariseerde en gevoelige onderwerpen kan dit lastig zijn. Het taalgebruik heeft namelijk direct invloed op de beeldvorming van het onderwerp. 
Bijvoorbeeld bij het Israël-Palestina conflict. In dit fragment van Mediastorm vertellen journalisten over hun woordkeuze rondom Hamas. 

Spot jij framing?
Je weet nu wat framing door woordkeuze is. 
Zoek in de krantenkoppen de woorden die framen.

Slide 5 - Tekstslide

Leerlingen weten nu wat framing door woordkeuze is en mogen nu zelf aan de slag met het spotten van framing door woordkeuze in krantenkoppen over de wolf. 

Antwoorden: 
De Telegraaf: Romantiek. bloedbaden
De Volkskrant: Té goed
Reformatorisch dagblad: Snackbar
De Standaard: Grimmig
De Telegraaf: Moordende 
Dagblad van het Noorden: Hoort thuis



GELIJKWAARDIGE FRAMING

60% is gezakt
OF
40% is geslaagd
=
Beide zinnen vertellen hetzelfde verhaal, maar geven een andere indruk.
Framing ontstaat ook door accenten
NADRUKKELIJKE FRAMING

Je hebt en 8 en een 4 teruggekregen. 
MAAR
Je vertelt alleen over de 8. 
= 
Deel van het verhaal wordt benadrukt en een ander deel wordt genegeerd.
Het verhaal is niet compleet.

Gelijkwaardige framing
Nadrukkelijke framing
Framing in beelden
Framing door woordkeuze

Slide 6 - Tekstslide

Framing zit niet altijd direct in woorden, twee vormen waarbij framing wat lastiger te spotten is zijn ‘gelijkwaardige framing’ en ‘nadrukkelijke framing’. 
  • Gelijkwaardige framing houdt in dat er verschillende weergaven zijn van gelijke scenario’s. Je kan kiezen om het scenario negatief of positief uit te drukken. Je kan bijvoorbeeld schrijven dat ‘60% is gezakt’ of dat ‘40% is geslaagd’. Beide scenario’s vertellen hetzelfde verhaal, maar geven een andere indruk. 
  • Met nadrukkelijke framing wordt een deel van het verhaal benadrukt en een ander deel genegeerd. Het verhaal is daardoor niet compleet. Je hebt bijvoorbeeld zowel een 8 als een 4 teruggekregen als cijfers op school, maar je vertelt alleen over de 8. 
Het verschil tussen gelijkwaardige en nadrukkelijke framing is dus dat bij gelijkwaardige framing het verhaal nog wel compleet is, maar het positief of negatief wordt belicht en bij nadrukkelijke framing het verhaal incompleet is. 

Afbeeldingen: 
  • Eén ster voor beter leven OF twee sterren voor slechter leven = gelijkwaardige framing
  • Er wordt geprotesteerd zonder problemen MAAR er is één relschopper die uitgelicht wordt = nadrukkelijke framing



Dus wat wil je laten zien?
Foto: Deviantart.com
Foto: flickr
Foto: flickr

Slide 7 - Tekstslide

Bespreek wat voor beeld van de wolf wordt neergezet. 
  • Lief en schattig 
  • Ondeugende dief
  • Moordende wolf

Geert Wilders sprak in 2009 over een belasting voor hoofddoekjes en noemde het de 'kopvoddentax'. Dit woord staat inmiddels in verschillende woordenboeken. Hoe zou dat komen? Bekijk het fragment en geef een antwoord op deze vraag.
De kracht van de herhaling
Bron: Netwerk EO 2009

Slide 8 - Tekstslide

De journalisten gebruiken het woord een aantal keer, de politici niet. Maar doordat journalisten het blijven herhalen, wordt het uiteindelijk een echt woord.
Voorbeeld Framing
Voorbeeld Framing

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Framing
Een frame verandert ons perspectief op de werkelijkheid.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Referentiekader
Het geheel van kennis, ideeën, ervaringen en overtuigingen
van waaruit iemand denkt en handelt. Een referentiekader wordt ook wel een ‘sociale
 
bril’ genoemd

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nieuwsselectie
Selectie kan tot gevolg hebben dat er bij het publiek een bepaalde (onjuiste) beeldvorming ontstaat. Bij het tot stand komen van nieuws en andere mediaboodschappen  spelen selectieve perceptie en het referentiekader van journalisten een rol. 

  • Selectieve perceptie: mensen nemen niet alles waar. Ze stellen zich niet open voor alle informatie, maar kiezen en selecteren welke informatie zij opnemen. 
  • Referentiekader: mensen nemen waar vanuit hun eigen 'achtergrond': waarden, normen, opvattingen, maatschappelijke positie en ervaringen. 

Journalisten selecteren dus (onbewust) nieuws op basis van hun eigen perceptie en referentiekader. Maakt dat het nieuws wel zo 'objectief' mogelijk? 

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Video

Deze slide heeft geen instructies

timer
5:00

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies