tangens

tangens  en hoeken
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3,4

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

tangens  en hoeken

Slide 1 - Tekstslide

Hellingspercentage

hellingspercentage=​horizontaleafstand​​hoogteverschil​​⋅100
hellingspercentage=​12​​5​​⋅100=42
hellings% ronden we af op helen
%

Slide 2 - Tekstslide

tangens kan je alleen gebruiken bij een rechthoekige driehoek
schuine zijde<div>(altijd tegenover de rechte hoek)</div>
rechthoekszijde
rechthoekszijde

Slide 3 - Tekstslide

C
A
B
vanuit LC : 
AB is de overstaande zijde, 
AC is de aanliggende zijde
vanuit LB : 
AC is de overstaande zijde, 
AB is de aanliggende zijde
BC is altijd de schuine zijde 
(tegenover de rechte hoek)

Slide 4 - Tekstslide


Wat is de schuine zijde?
A
PQ
B
QR
C
PR

Slide 5 - Quizvraag


Vanuit ∠ P, wat is de 
aanliggende zijde?
A
PQ
B
QR
C
PR

Slide 6 - Quizvraag


Vanuit ∠ P, wat is de 
overstaande zijde?
A
PQ
B
QR
C
PR

Slide 7 - Quizvraag


Vanuit ∠ Q, wat is de 
aanliggende zijde?
A
PQ
B
QR
C
PR

Slide 8 - Quizvraag


Vanuit ∠ Q, wat is de 
overstaande zijde?
A
PQ
B
QR
C
PR

Slide 9 - Quizvraag

tangens
tan∠=​aanliggendezijde​​overstaandezijde​​
tangens ronden we af op 3 decimalen

Slide 10 - Tekstslide

timer
10:00

Slide 11 - Tekstslide


Wat is de tangens van ∠ Q?
A
3:4 (0,750)
B
4:3 (1,333)

Slide 12 - Quizvraag


Wat is de tangens van ∠ P?
A
3:4 (0,750)
B
4:3 (1,333)

Slide 13 - Quizvraag

Als je de tangens van een hoek hebt berekend, 
kan je de hoek berekenen met:
shift tan (getal) = hoek
hoeken ronden we af op hele graden

Slide 14 - Tekstslide


tan∠P=​A​​O​​=​3​​4​​=1,333
∠P=53°
shift tan 1,333

Slide 15 - Tekstslide


tan∠Q=​A​​O​​=​4​​3​​=0,750
∠Q=37°
shift tan 0,750

Slide 16 - Tekstslide

Welke hoek hoort bij de tangens van 1,279
A
52 º
B
0,022º

Slide 17 - Quizvraag

Welke hoek hoort bij de tangens van 14,301
A
86º
B
0,255º

Slide 18 - Quizvraag

Welke hoek hoort bij de tangens van 0,600
A
31º
B
1,73º

Slide 19 - Quizvraag

Drieletternotatie van een hoek
De middelste letter geeft de hoek aan, de andere letters de driehoek. 

 ∠ADC betekent 
∠ D in driehoek ADC

∠ ADB betekent
∠D in driehoek ADB

Slide 20 - Tekstslide

Wanneer is het hellingspercentage 100%?
Als de hellingshoek ...... is
A
90º
B
45º

Slide 21 - Quizvraag

zijde berekenen als de hoek bekend is
C
A
B
15 cm
35°
?
tan∠B=​A​​O​​
tan35=​15​​?​​

Slide 22 - Tekstslide

zijde berekenen als de hoek bekend is
C
A
B
15 cm
35°
?
tan∠B=​A​​O​​
tan35=​15​​?​​
2=​3​​6​​
?=tan35⋅15
de '6' moet je weten&nbsp;<div>dus '2x3'&nbsp;</div>
tan35⋅15=10,5

Slide 23 - Tekstslide

zijde berekenen als de hoek bekend is
C
A
B
15 cm
35°
?
tan∠B=​A​​O​​
tan35=​15​​?​​
2=​3​​6​​
?=tan35⋅15
de '6' moet je weten&nbsp;<div>dus '2x3'&nbsp;</div>
tan35⋅15=10,5
AC = 10,5 cm

Slide 24 - Tekstslide

zijde berekenen als de hoek bekend is
C
A
B
?
40°
68
cm
tan∠B=​A​​O​​
tan40=​?​​68​​

Slide 25 - Tekstslide

zijde berekenen als de hoek bekend is
C
A
B
?
40°
68
cm
tan∠B=​A​​O​​
tan40=​?​​68​​
2=​3​​6​​
?=​tan40​​68​​
de '3' moet je weten&nbsp;<div>dus '6:2'&nbsp;</div>
​tan40​​68​​=81,0

Slide 26 - Tekstslide

zijde berekenen als de hoek bekend is
C
A
B
?
40°
68
cm
tan∠B=​A​​O​​
tan40=​?​​68​​
2=​3​​6​​
?=​tan40​​68​​
de '3' moet je weten&nbsp;<div>dus '6:2'&nbsp;</div>
AB = 81,0 cm
​tan40​​68​​=81,0

Slide 27 - Tekstslide

Hoe zit het ook alweer: de stelling van Pythagoras
kz
kz
lz
_________________+
5
12
?
25
144
169
PR=√​169​​​=13

Slide 28 - Tekstslide

Hoe zit het ook alweer: de stelling van Pythagoras
kz
kz
lz
_________________+
6
?
10
36
64
100
DF=√​64​​​=8
100-36

Slide 29 - Tekstslide

Wat heb je dit hoofdstuk geleerd?

Slide 30 - Open vraag

Noem twee dingen die je nog lastig vindt aan berekeningen met tangens

Slide 31 - Open vraag