Les 1: Volksverhalen: Inleiding en Sprookje

Volksverhalen



Les 1: inleiding en sprookje

1 / 31
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNederlandsSecundair onderwijs

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Volksverhalen



Les 1: inleiding en sprookje

Deze slide heeft geen instructies



 Alle verhalen eindigen gelukkig, als je maar op tijd stopt. 

- Annie M. G. Schmidt (1911-1995) - 

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen

Je leert …

… de typische kenmerken van volkssprookjes herkennen en benoemen in tekst en beeld. (LPD 8, 10)

… de opbouw van een sprookje chronologisch ordenen en benoemen (expositie → crisis/queeste → hulp/tegenstand → climax → afloop). (LPD 1, 8)

… een sprookje kort samenvatten in eigen woorden en de hoofdgedachte + moraal formuleren. (LPD 3, 6)

Deze slide heeft geen instructies

Inleiding

  • Legenden, mythen, sagen, fabels en sprookjes => epiek 

  • Vaak bovennatuurlijk: wonderlijke plaatsen - magische voorwerpen - bovennatuurlijke wezens/monsters - helden

  • Genres kunnen overlappen

Deze slide heeft geen instructies

Met welke zin begint een sprookje vaak?

A

Er was eens...

B

Honderd jaar geleden...

C

In het begin...

D


Deze slide heeft geen instructies

Wie zou de wolf graag opeten?

A

Hans en Grietje

B

De 3 biggetjes

C

Het lelijke eendje

D


Deze slide heeft geen instructies

Wie werd er opgesloten in het peperkoekenhuisje?

A

Roodkapje

B

Sneeuwwitje

C

Hans en Grietje

D


Deze slide heeft geen instructies

Wat had Roodkapje bij zich?

A

Een fiets

B

Een rugzak

C

Een mandje

D


Deze slide heeft geen instructies

De wolf kon één geitje niet vinden. Waar zat dat geitje?

A

In de klok

B

Onder de tafel

C

Onder het bed

D


Deze slide heeft geen instructies

Hoe heten de laarzen van de reus van klein duimpje?

A

Zevenkilometerslaarzen

B

Zevenmijlslaarzen

C

Reuzenlaarzen

D


Deze slide heeft geen instructies

Wat kreeg Sneeuwwitje van de heks?

A

Een lekkere appel

B

Een vergiftigde appel

C

Een halve appel

D


Deze slide heeft geen instructies

In welk sprookje komt geen wolf voor?

A

Roodkapje

B

De gelaarsde kat

C

De 3 biggetjes

D


Deze slide heeft geen instructies

Hoe heet het mannetje dat goud kan spinnen?

A

Windekind

B

Goudhaartje

C

Repelsteeltje

D


Deze slide heeft geen instructies

Hoe eindigt een sprookje meestal?

A

En ze waren heel blij ...

B

En ze leefden nog lang en gelukkig...

C

En hier eindigt het ...

D


Deze slide heeft geen instructies

Een meisje dat koekjes naar haar oma brengt.

A

Roodkapje

B

Assepoester

C

Doornroosje

D


Deze slide heeft geen instructies

Een keizer die dacht dat hij prachtige kleren aan had.

A

De nieuwe kleren van de keizer

B

De gelaarsde kat

C

De keizer en de nachtegaal

D


Deze slide heeft geen instructies

Een meisje dat de hele dag moest poetsen.

A

Doornroosje

B

Sneeuwwitje

C

Assepoester

D


Deze slide heeft geen instructies

Een meisje dat haar gouden bal verliest.

A

Hans en Grietje

B

De kikkerkoning

C

Het gouden meisje

D


Deze slide heeft geen instructies

Een meisje met een huid zo wit als sneeuw.

A

Roodkapje

B

Sneeuwwitje

C

Doornroosje

D


Deze slide heeft geen instructies

Sprookje: inleiding


  • Sprookje => Middelnederlandse sproke = verhaal/vertelling

  • Volksverhalen => mondeling doorgegeven

  • Voor volwassenen => bevatten geweld en erotiek

  • Later bewerkt/vertalingen → aangepast voor kinderen



Deze slide heeft geen instructies


Twee soorten:

  • Volkssprookjes: anoniem, erg oud, mondeling overgeleverd → veel varianten en herhaling; later verzameld (o.a. Gebroeders Grimm)


  • Cultuursprookjes: auteur is bekend (bv. Hans Christian Andersen, Godfried Bomans, Koningin Fabiola)

Deze slide heeft geen instructies


Beantwoord volgende vragen adhv een trailer:


1. Welke typische sprookjeselementen herken je in het fragment?

2. De film Gretel & Hansel is de horrorversie van het bekende sprookje. Waaraan merk je dat?

3. Welke elementen herken je uit het sprookje Hansje en Grietje?


Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies


Beantwoord volgende vragen adhv een trailer:


1. Welke typische sprookjeselementen herken je in het fragment?

2. De film Gretel & Hansel is de horrorversie van het bekende sprookje. Waaraan merk je dat?

3. Welke elementen herken je uit het sprookje Hansje en Grietje?


1. sprookjesbos, oude vrouw, akelige lach, heks, magische gaven,...

2. angstaanjagende muziek, donker gefilmd, griezelige figuren,...

3. persoonlijk

Opdracht p. 4-5

Lees de tekst 

Beantwoord de bijhorende vragen

Deze slide heeft geen instructies

Waarom zijn sprookjes onverwoestbaar?

Deze slide heeft geen instructies

Waar of niet waar? Sprookjes zijn gecensureerd door de jaren heen.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Oorspronkelijke versies waren gruwelijker, directer en soms erotisch. Disney maakte bv. van de moeder een stiefmoeder en verzachtte het verhaal.

Waar of niet waar? Sprookjes worden in verschillende culturen steeds op dezelfde manier verteld.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Er bestaan veel verschillende versies. Sprookjes zijn “levende materie”, iedereen geeft er een eigen twist aan en er zijn grote verschillen per cultuur/land.

Waar of niet waar? De gebroeders Grimm hebben de bekende sprookjes zelf bedacht.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Ze waren verzamelaars: ze haalden verhalen op die mondeling verteld werden.

Sprookjes bevestigen genderstereotypes. Geef een voorbeeld en een tegenvoorbeeld.

Deze slide heeft geen instructies

Verklaar de woordspeling “een grimmig sprookje”

Deze slide heeft geen instructies