17 september

Wat doen we vandaag?
  • Vragen grammatica?
  • Erga 1 en 2
  • Opdracht 5 en 6
  • Grammatica
  • Hellas
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
GrieksMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Wat doen we vandaag?
  • Vragen grammatica?
  • Erga 1 en 2
  • Opdracht 5 en 6
  • Grammatica
  • Hellas

Slide 1 - Tekstslide

Vragen grammatica?

Slide 2 - Open vraag

Geen vragen (meer)?
  • Maak maar twee rijtjes.... 

Slide 3 - Tekstslide

Hulpboek blz. 84.

Tweeklanken en medeklinkers. 

Slide 4 - Tekstslide

Grammatica 1.1
Doel ▶︎

Je leert welke tweeklanken en medeklinkercombinaties in het Grieks voorkomen.

Slide 5 - Tekstslide

Tweeklank
  • Twee letters, één klank
  •  deur
  • buiten
  • roepen

Slide 6 - Tekstslide

Tweeklank
  • Twee letters, één klank
  • Ζευς
  • ταυρος
  • Ουρανος

Slide 7 - Tekstslide

Τweeklanken met een iota
  • met lange of met korte klinker – dat maakt verschil
  • Ποσειδων
  • Φοιβος
  • Αθηναι

Slide 8 - Tekstslide

Τweeklanken met een iota
  • met lange of met korte klinker – dat maakt verschil
  • Μῃονιη
  • Πτῳον
  • Θρᾳκη

  • dit noemen we een iota subscriptum

Slide 9 - Tekstslide

Τweeklanken met een iota
  • MAAR:
  • Μῃονιη     ΜHIΟΝΙΗ
  • Πτῳον       ΠΤΩΙΟΝ
  • Θρᾳκη       ΘΡΑΙΚΗ

  • dus niet bij hoofdletters

Slide 10 - Tekstslide

Medeklinkercombinaties
  • combinatie van γ met andere keelklank
  • Γαγγης        Ganges
  • Ζαγκλη       Zanklè
  • Κεγχρεια    Kenchreia
  • λυγξ              lynx

Slide 11 - Tekstslide

Alle combinaties op een rij

Slide 12 - Tekstslide

Hulpboek blz. 85.
Ergon 1 en 2.

Slide 13 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 1 β en γ
  •  1 ΜΟΥΣΕΙΟΝ 
  • 2 ΚΡΟΚΟΔΕΙΛΟΣ 
  • 3 ΜΕΛΩΙΔΙΑ 
  • 4 ΔΙΑΙΤΑ 
  • 5 ΨΕΥΔΩ 

Slide 14 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 1 β en γ
  • 6 ΠΑΙΔΑΓΩΓΟΣ 
  • 7 ΠΟΙΗΤΗΣ 
  • 8 ΚΩΜΩΙΔΙΑ 
  • 9 ΠΑΥΣΙΣ 

Slide 15 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 1 δ
  • 1 museum 
  • 2 krokodil 
  • 3 melodie 
  • 4 dieet 
  • 5 pseudo 
  • 6 pedagoog 
  • 7 poëet 
  • 8 komedie 
  • 9 pauze

Slide 16 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 2 β en γ
  • 1 παραδεισος 
  • 2 τραυμα 
  • 3 φοινιξ 
  • 4 θεραπευτης 
  • 5 χειρουργια

Slide 17 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 2 β en γ
  • 6 παρανοια 
  • 7 νευρον 
  • 8μαγεια 
  • 9 τραγῳιδια 

Slide 18 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 2 δ
  • 1 paradijs 
  • 2 trauma
  • 3 Phoenix 
  • 4 therapeut 
  • 5 chirurgie 
  • 6 paranoia 
  • 7 neuron(en) 
  • 8 magie 
  • 9 tragedie

Slide 19 - Tekstslide




Tekstboek blz. 24
Handboek blz. 18, opdr.  en 6. 

Slide 20 - Tekstslide

Opdracht 5
  • a Een mythe is een oud en doorverteld verhaal; een verhaal waarin goden en helden een belangrijke rol spelen.
  • b In een mythe werden verklaringen gegeven voor dingen die mensen niet begrepen en kon men leren hoe de wereld in elkaar zat, waarom de dingen waren zoals ze waren.
  • c Bijvoorbeeld: een sprookje gaat over een fantasiewereld met heksen en monsters, een mythe gaat over meer dan dat alleen en verklaart zaken die men niet begreep.

Slide 21 - Tekstslide

Opdracht 6
  • De mythen reisden mee door de Griekse wereld en werden doorverteld en niet opgeschreven.

Slide 22 - Tekstslide

Hulpboek blz. 86.

Spiritus en leestekens. 

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide

Slide 30 - Tekstslide

Hulpboek Blz. 87 
Maak Erga 4, 5, 6

timer
15:00

Slide 31 - Tekstslide

ΕΡΟΝ 4

  • ΕΡΓΟΝ 4 α en β Eigen verwerking.

Slide 32 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 5
  • α Regel twee, zes en negen. De hoge punt. 
  • β Nee: in de Nederlandse vertaling wordt dit niet weergegeven met een ; of : maar met , of . 
  • γ Het vraagteken en aanhalingstekens.

Slide 33 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 6 α
  • 1 ἠχω
  • 2 ὁριζων
  • 3 ὠκεανος
  • 4 αὐλη
  • 5 ὑποθηκη
  • 6 ἁρμονια
  • 7 ἐνθουσιασμος

Slide 34 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 6 α
  • 8 εἰδωλον
  • 9 οἰκονομια
  • 10 ῥοδοδενδρον

Slide 35 - Tekstslide

ΕΡΓΟΝ 1
  • M

Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Tekstslide

Aan het werk.
  • Lees tekstboek 24
  • Maak blz. 18, opdr. 5-6

Slide 38 - Tekstslide

Opdracht 6
  • De mythen reisden mee door de Griekse wereld en werden doorverteld en niet opgeschreven.

Slide 39 - Tekstslide

Aan het werk.
  • Leer het alphabet.
  • Leer gramm. blz. 77-84.
  • Maak Ergon 6.
  • Lees Tekstboek blz. 25-26.
  • Maak Hulpboek opdr. 12, 13, 16. 
    Dit is ook huiswerk. 

Slide 40 - Tekstslide



Tekstboek blz. 24-25
Handboek blz. 18-19
Opdr. 6, 12 en 13.

Slide 41 - Tekstslide

Opdracht 6
  • De mythen reisden mee door de Griekse wereld en werden doorverteld en niet opgeschreven.

Slide 42 - Tekstslide

Opdracht 12
  • a Odysseus [ staat in het bijschrift] 
  • b Helios Hyperions zoon
  • c De vrienden van de man hebben de koeien van Helios geslacht en opgegeten, en daarom werden zij gestraft en kwamen zij niet thuis.

Slide 43 - Tekstslide

Opdracht 13
  • De man/ de held staat rechtop en kijkt naar het dreigende gevaar / de monsters op de kust terwijl zijn vrienden de andere kant opkijken.

Slide 44 - Tekstslide

Wat heb je vandaag geleerd?

Slide 45 - Open vraag

Wat is nog onduidelijk?
Waar wil je meer over weten?

Slide 46 - Open vraag