5.3 Nederland na 1945 real

Nederland na 1945
De wereld na 1945
Wie is deze vrouw?
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmboLeerjaar 4

In deze les zitten 31 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Nederland na 1945
De wereld na 1945
Wie is deze vrouw?

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

...beschrijven wat er tussen 1945 en 1960 in Nederland
veranderde op economisch en politiek gebied

...beschrijven wat er in de jaren 1960 en 1970
veranderde in de positie van jongeren en vrouwen

...beschrijven hoe Nederland vanaf 1980
veranderde op politiek en economisch gebied
Aan het einde van de les kan je...

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Herhaling

Klassikale uitleg

Oefenopdrachten maken
DOEN

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Na de oorlog waren de VS en de SU grootmachten.

De VS was kapitalistisch (vrij, democratisch)
en de SU was ______________ (onvrij, planeconomie)

Duitsland en Europa werden verdeeld. Er ontstonden invloedssferen van de VS en de SU in Europa: het Oostblok (com.) en het Westblok (kap.). 

De Oostbloklanden waren __________ van de SU. Het ___________ deelde Europa in tweeën.


Herhaling

Slide 4 - Tekstslide

communistisch
satellietstaten
IJzeren Gordijn
Met de Blokkade van Berlijn (1948) probeerde Stalin West-Berlijn op de knieën te krijgen. 
Dit lukt niet door ______________.

De westerse landen richtten de _____ op in 1949. 
Als reactie richtten de communistische landen het Warschaupact op.

Er vindt een (kern)wapenwedloop plaats; er is contant dreiging tussen oost en west. 
We noemen dat de ___________.


Herhaling

Slide 5 - Tekstslide

Amerikaanse luchtbrug
NAVO
Koude Oorlog
Amerikanen voeren containmentpolitiek om het communisme tegen te houden. 

Toch grijpen ze vaak niet in uit angst voor een oorlog,
zoals bij de bouw van de ___________ in 1961.

In 1962 is de ________: het komt bijna tot een oorlog. 
Herhaling

Slide 6 - Tekstslide

Berlijnse Muur

Cubacrisis
De Hongaarse opstand (1956): 
In Hongarije kwamen burgers in opstand tegen de communisten. 
Het Rode Leger (Sovjetleger) maakte met tanks en geweld een einde aan de opstand.

De ___________ (1968): 
De communistische leider van Tjescho-Slowakije stond meer vrijheden toe in zijn land. 
Het Sovjetbestuur keurde deze vrijheden af
en herstelde het communistische gezag met het Sovjetleger.

Herhaling

Slide 7 - Tekstslide

Praagse Lente
In 1985 werd _________ president van de SU. 
Hij voerde de glasnost (openheid) en de perestrojka (hervormingen) in.




Deze veranderingen zorgden voor ______ in de satellietstaten. 
In Berlijn viel de muur in 1989 en in de Oostbloklanden kwamen vrije verkiezingen.
De SU was gevallen en de _________ was in 1989 afgelopen.

Herhaling

Slide 8 - Tekstslide

Gorbatsjov
onrust
Koude oorlog
In Rusland kwam ______ aan de macht. 
De overgang naar het kapitalisme verliep moeizaam. 
In Rusland waren voedseltekorten en in Oostbloklanden konden de verouderde fabrieken niet concurreren; er kwam veel ____________.

In 1990 was de _________: west-Duitsers moesten extra belasting betalen.

Tsjecho-Slowakije viel uiteen en in Joegoslavië kwam een bloedige burgeroorlog.


Herhaling

Slide 9 - Tekstslide

Jeltsin
werkloosheid
Duitse eenwording
Herhaling

Slide 10 - Tekstslide

Jeltsin
werkloosheid
Duitse eenwording
§5.3
Nederland na 1945
A
Wederopbouw en groei, 1945-1960
Leerdoel:
Je kan beschrijven wat er tussen 1945 en 1960 in Nederland veranderde op economisch en politiek gebied
Begrippen:
wederopbouw
gastarbeiders
consumptiemaatschappij
B
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980
Leerdoel:
Je kan beschrijven wat er in de jaren 1960 en 1970 veranderde in de positie van jongeren en vrouwen
Begrippen:
amerikanisering
jeugdculturen
individualisering
C
Economie en politiek vanaf de jaren 1980
Leerdoel:
Je kan beschrijven hoe Nederland vanaf 1980 veranderde op politiek en economisch gebied
Begrippen:
poldermodel
populisme

verzorgingsstaat

democratisering
secularisatie
ontzuiling
tweede feministische golf

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§5.3
Nederland na 1945
A
Wederopbouw en groei, 1945-1960

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§5.3
Nederland na 1945
A
Wederopbouw en groei, 1945-1960
B
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980
C
Economie en politiek vanaf de jaren 1980

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§5.3
Nederland na 1945
A
Wederopbouw en groei, 1945-1960
B
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980
C
Economie en politiek vanaf de jaren 1980

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§5.3
Nederland na 1945
A
Wederopbouw en groei, 1945-1960

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§5.3
Nederland na 1945
A
Wederopbouw en groei, 1945-1960

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§5.3
Nederland na 1945
A
Wederopbouw en groei, 1945-1960
Leerdoel:
Je kan beschrijven wat er tussen 1945 en 1960 in Nederland veranderde op economisch en politiek gebied
Begrippen:
wederopbouw
gastarbeiders
consumptiemaatschappij
B
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980
Leerdoel:
Je kan beschrijven wat er in de jaren 1960 en 1970 veranderde in de positie van jongeren en vrouwen
Begrippen:
amerikanisering
jeugdculturen
individualisering
C
Economie en politiek vanaf de jaren 1980
Leerdoel:
Je kan beschrijven hoe Nederland vanaf 1980 veranderde op politiek en economisch gebied
Begrippen:
poldermodel
populisme

verzorgingsstaat

democratisering
secularisatie
ontzuiling
tweede feministische golf
Vraag 1 en 3
Vraag 6 en 8
Vraag 9 en 11

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Na de Tweede Wereldoorlog lag Nederland in puin en moest weer opgebouwd worden: de tijd van de wederopbouw begon.

Leerdoel:
Je kan beschrijven wat er tussen 1945 en 1960 in Nederland veranderde op economisch en politiek gebied
Begrippen:
wederopbouw
gastarbeiders
consumptiemaatschappij
§5.3
Nederland na 1945
A
DeBoze burgers
Wederopbouw en groei, 1945-1960

verzorgingsstaat

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ten eerste:
  • Lage lonen

  • Vanaf 1948 Marshallhulp
§5.3
Nederland na 1945
A
DeBoze burgers
Wederopbouw en groei, 1945-1960
George Marshall
VS - Minister van Buitenlandse Zaken

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Emigratie
§5.3
Nederland na 1945
A
DeBoze burgers
Wederopbouw en groei, 1945-1960

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vanaf de jaren 1950 ontstond er een tekort aan arbeidskrachten.

Twee gevolgen:
  • gastarbeiders 
  • Vanaf 1960: consumptiemaatschappij.
§5.3
Nederland na 1945
A
DeBoze burgers
Wederopbouw en groei, 1945-1960

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Na de oorlog komt de verzuiling weer terug en stemt iedereen weer op zijn eigen politieke partij.

De sociaal-democraten onder leiding van Drees komen voor het eerst aan de macht en voeren een verzorgingsstaat in:
  • Overheid zorgt voor inkomen 
  • Burgers krijgen zorg indien nodig
  • AOW wordt ingevoerd


§5.3
Nederland na 1945
A
DeBoze burgers
Wederopbouw en groei, 1945-1960

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Er was een grote groep jongeren ontstaan na de oorlog (de babyboom).

Stijgende welvaart> langer naar school> meer vrije tijd, geld> amerikanisering

Vanaf de jaren ‘50 ontstonden jongerencultuur

Leerdoel:
Je kan beschrijven wat er in de jaren 1960 en 1970 veranderde in de positie van jongeren en vrouwen
Begrippen:
amerikanisering
jongerenculturen
individualisering
§5.3
Nederland na 1945
B
DeBoze burgers
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980
democratisering
secularisatie
ontzuiling
tweede feministische golf

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Drie voorbeelden:
  • Nozems 
  • Provo's 
  • Hippies 
§5.3
Nederland na 1945
B
DeBoze burgers
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Jongeren wilden meer hun eigen keuzes maken. Dit past bij individualisering
Dit zorgde voor veranderingen:
  • toenemende democratisering van de samenleving: 
  • secularisatie
  • ontzuiling
§5.3
Nederland na 1945
B
DeBoze burgers
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In de jaren ‘60 leefde het feminisme opnieuw op: de tweede feministische golf.

Vrouwen kwamen op voor hun rechten (emancipatie):
  • Eisen kinderopvang
  • Deeltijdwerk beter geregeld
  • Gelijke lonen

§5.3
Nederland na 1945
B
DeBoze burgers
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§5.3
Nederland na 1945
B
DeBoze burgers
Jongeren en vrouwen eisen veranderingen, 1960-1980

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In de jaren ’70 ontstond een langdurige economische crisis. Deze crisis had twee oorzaken:
  • Lonen in Nederland waren hoog. Hierdoor waren producten duur en kon er niet geconcurreerd worden met het buitenland. 
    Investeringen in automatisering zorgde voor werkloosheid.
  • De verzorgingsstaat was erg duur geworden. 
    Werklozen kregen uitkering, terwijl er minder belasting binnenkwam.
Leerdoel:
Je kan beschrijven hoe Nederland vanaf 1980 veranderde op politiek en economisch gebied
Begrippen:
poldermodel
populisme
§5.3
Nederland na 1945
C
DeBoze burgers
Economie en politiek vanaf de jaren 1980

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Om uit de crisis te komen werden er afspraken gemaakt met werkgevers en werknemers:
  • de lonen werden verlaagd
  • er werd bezuinigd op de verzorgingsstaat; uitkeringen werden verlaagd

De samenwerking tussen staat, werkgevers en werknemers noemen we het poldermodel
§5.3
Nederland na 1945
C
DeBoze burgers
Economie en politiek vanaf de jaren 1980

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vanaf 1990 gaat de economie weer groeien en neemt de werkloosheid af. 

Industrie > dienstensector
Dienstensector: overheid, banken, ict, onderwijs, gezondheidszorg. 
§5.3
Nederland na 1945
C
DeBoze burgers
Economie en politiek vanaf de jaren 1980

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ook in het politieke landschap veranderde veel.

Socialisten en liberalen kwamen door het poldermodel nader tot elkaar. 

Echter, een groeiende groep in de samenleving voelde zich niet gehoord door de politiek. Zij hadden het idee dat politici niet opkwamen voor hun belangen.

Hierdoor groeide het populisme. Een politieke stroming die opkomt voor de belangen van het 'volk' en zich afzet tegen zittende politici. Voorbeeld: Pim Fortuyn.
§5.3
Nederland na 1945
C
DeBoze burgers
Economie en politiek vanaf de jaren 1980

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies