cross

Sadhoes en symbolen

Sadhoe's en symbolen

en

symbolen
1 / 39
volgende
Slide 1: Tekstslide
Godsdiensthavo, vwoLeerjaar 4

In deze les zitten 39 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Sadhoe's en symbolen

en

symbolen

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Je kunt uitleggen wat een sadhoe is.
  • Je kent de 4 fasen in het leven van een sadhoe.
  • Je bent instaat om de belangrijkste symbolen binnen het hindoeïsme te herkennen en te benoemen.

Slide 2 - Tekstslide

Wie worden er niet gecremeerd in het Hindoeïsme?
A
oude mensen
B
mensen met een beperking
C
alleenstaanden
D
baby's

Slide 3 - Quizvraag

Wat hoort er niet bij?
Tijdens de zwangerschap/ na de geboorte
A
moet de vrouw apart wonen.
B
krijgt ze een zegenspreuk van de priester.
C
wordt de horoscoop geraadpleegd.
D
wordt het haar van de baby geschoren.

Slide 4 - Quizvraag

Heilge plaatsen

  • "Oversteekplaatsen" 
  • Het goddelijke beter ervaren omdat de godheid zich heeft gemanifesteerd op die plaats.

  • Tempel aan de godheid gewijd.

Slide 5 - Tekstslide

Voorbeelden
  • Himalaya                                        Woonplaats van Shiva.
  • Ganges                                                      Zou uit de haarlokken van Shiva      zijn ontstaan.
  • Varanasi (Benares)                           Als je daar overlijdt reïncarneer je   niet meer.

Slide 6 - Tekstslide

sadhoe's
Schaars geklede mannen.
As op hun lichaam en gezicht; symbool voor boete en vergankelijkheid.

Ze bezitten niks en hebben hun aardse leven opgegeven.

Slide 7 - Tekstslide

Niet voor mannen uit de lage kasten.

Door het beoefenen van yoga en meditatie proberen zij hun geest en lichaam onder controle te houden.


Slide 8 - Tekstslide

Wat is de term voor iemand die in afzondering als kluizenaar woont?

Slide 9 - Open vraag

4 fasen in het leven van een sadhoe.

Slide 10 - Tekstslide

Fase 1.
  • Ontvangst heilig koord.            (2e geboorte)
  • Altijd om schouders.
  • Opleiding bij hindoe leraar.

Slide 11 - Tekstslide

Fase 2.
  • Hij sticht een gezin.
  • Trekt zich terug  (meditatie) als oudste zoon oud genoeg is om gezin te stichten.

Slide 12 - Tekstslide

Fase 3.
  • Onthechten van het aardse leven.
  • Als hij opa is geworden maakt hij  zich  los van familie en vrienden.

Slide 13 - Tekstslide

Fase 4.
  • Hij leeft als asceet zonder huis en zonder bezit.
  • Wordt vereerd als heilige.
  • Trekt van pelgrimsplaats tot pelgrimsplaats.
  • Geen contact met familie.
  • Wordt niet gecremeerd maar begraven in lotushouding.

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Video

Shiva
  • De meesten zijn aanhanger van shiva.
  • Herkenbaar aan de horizontale strepen op het voorhoofd.
Shiva is god van de hasj.
(Voor eeuwig high)

Slide 16 - Tekstslide

Vraag
Waarom wordt een sadhoe aan het eind van zijn leven niet gecremeerd?

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Tekstslide

Ohm
Zou het eerste geluid zijn van de schepping.

Het staat symbool voor eeuwigheid, oneindigheid en het universum.

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Video

Svastika
  • Symbool voor voorspoed en geluk.
  • Vaak te vinden aan de voet van een boeddha.

In feite is het hakenkruis een swastika maar dan 1/8 slag gedraaid.

Slide 35 - Tekstslide

Lotusbloem
  • Symboliseert o.a schoonheid, eeuwige jeugd, vruchtbaarheid.
  • Troon van de goden.
  •  symbool voor de godin Lakshmi.

Slide 36 - Tekstslide

De paardensprong
Het paard in het schaakspel beweegt 2 velden horizontaal met 1 veld verticaal of een beweging van 2 velden verticaal met 1 veld horizontaal. 

Er ontstaat bij een paardensprong altijd een L-vorm.
Maak met de paardensprong uit het schaakspel een woord van acht letters. Sleep daarna de letters naar de vakjes zodat het woord zichtbaar wordt. Tot slot leg je uit wat het woord betekent.
a
s
v
a
r
i
n
a

Slide 37 - Sleepvraag

De paardensprong
Het paard in het schaakspel beweegt 2 velden horizontaal met 1 veld verticaal of een beweging van 2 velden verticaal met 1 veld horizontaal. 

Er ontstaat bij een paardensprong altijd een L-vorm.
Maak met de paardensprong uit het schaakspel een woord van acht letters. Sleep daarna de letters naar de vakjes zodat het woord zichtbaar wordt. Tot slot leg je uit wat het woord betekent.
m
E
c
r
e
n
e
r

Slide 38 - Sleepvraag

De paardensprong
Het paard in het schaakspel beweegt 2 velden horizontaal met 1 veld verticaal of een beweging van 2 velden verticaal met 1 veld horizontaal. 

Er ontstaat bij een paardensprong altijd een L-vorm.
Maak met de paardensprong uit het schaakspel een woord van acht letters. Sleep daarna de letters naar de vakjes zodat het woord zichtbaar wordt. Tot slot leg je uit wat het woord betekent.
s
k
s
i
a
a
t
v

Slide 39 - Sleepvraag