organisatie van de gezondheidszorg les 2

1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
Kennismaken met de zorgMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

terugblik op vorige week
organisatie van de gezondheidszorg

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waardoor werd Florence Nightingale bekend? (meerdere antwoorden mogelijke)
A
's Nachts over de ziekenzalen lopen
B
Aanzet voor professionaliseren verpleegkundige beroep
C
Ze werd geboren in 1950
D
Ze bracht effect van hygiëne maatregelen onder de aandacht

Slide 3 - Quizvraag

Florence Nightingale (1820-1910) was een wetenschapper, verpleegkundige en sociaal hervormster. Ze begon in 1860 in Engeland een opleiding voor verpleegsters. Zij werkte voor het eerst met toelatingseisen.
Een voorbeeld van extramurale zorg is de huisarts. Welke zorg valt NIET onder extramurale zorg?
A
Verloskundige zorg
B
Thuiszorg
C
Ambulante geestelijke gezondheidszorg
D
Dagbehandeling

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

in een intramurale organisatie wordt ook semimurale zorg gegeven
juist
onjuit

Slide 5 - Poll

dagbehandeling
wat valt onder de cure?

Slide 6 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

‘Voldoende lichamelijke beweging is verreweg de belangrijkste manier om osteoporose te voorkomen. Daarmee moet je al op jonge leeftijd beginnen, maar ook als je begint op latere leeftijd heeft het effect.

Is er in het voorbeeld sprake van primaire, secundaire of tertiaire preventie?
A
primaire preventie
B
secundaire preventie
C
tertiaire preventie

Slide 9 - Quizvraag

het gaat hierbij om het voorkomen van, door in beweging te blijven voorkom je dat er problemen ontstaan

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

cliënt gerichte zorg houd in dat?
A
lichaam geest en sociale problemen centraal staan
B
wensen en behoeften van de zorgvrager centraal staan
C
de zorg van enkele zorgvrager aan een verzorgende wordt gekoppeld
D
De casemanager de zorg coördineert die de zorgvrager intra- en extramuraal krijgt.

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

waar denk je aan bij een zelfsturend team? heb je een voorbeeld hiervan?

Slide 12 - Open vraag

Kenmerkend voor een zelfsturend team is dat het team alle taken uitvoert, zonder dat een leidinggevende zich ermee bemoeit. De teamleden plannen en organiseren de zorg zelf, voeren de zorg uit en lossen de dagelijkse problemen op. Ook werken ze rechtstreeks samen met andere disciplines.
wat denk je dat een casemanager doet?

Slide 13 - Open vraag

De casemanager coördineert de zorg die de zorgvrager intra- en extramuraal krijgt. Denk daarbij aan psychische, sociale, medische en materiële hulp.
een casemanager dementie geeft bijvoorbeeld veel informatie over de fasen van dementie, waar mensen terecht kunnen.
wat houd taakgerichte zorg in?

Slide 14 - Open vraag

Bij taakgerichte zorg wordt het werk opgedeeld in deeltaken. De leidinggevende is verantwoordelijk voor de zorg en is de centrale persoon. het voordeel hiervan is dat de organisatie eenvoudig is en je taken en werkzaamheden duidelijk zijn.
een nadeel is dat je niet alle zorg die geleverd wordt ziet en daardoor informatie van de zorgvrager mist.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

wat denk jij wat wordt verstaan onder participatiemaatschappij?

Slide 17 - Open vraag

In de zorg ligt de laatste jaren de nadruk veel meer op zelfredzaamheid, zelfmanagement en meedoen in de maatschappij. Dit noemen we ook wel de participatiemaatschappij. Het idee hierachter is dat iedereen in de maatschappij verantwoordelijkheid neemt voor zijn eigen leven en omgeving.
wat betekent keten zorg?
A
zorgvragers met een chronische ziekte krijgen 24 per dag zorg
B
zorgvragers met een chronische aandoening kunnen zonder wachttijd over geplaatst worden
C
de samenwerking van verschillende disciplines en verschillende organisaties in de zorg voor de zorgvragers met een chronische aandoening

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies