Steden van de zijderoute (11de-13de eeuw)

Steden van de zijderoute 
Volle middeleeuwen (11de-13de eeuw)
1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare school

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Steden van de zijderoute 
Volle middeleeuwen (11de-13de eeuw)

Slide 1 - Tekstslide

Benodigdheden + informatie 
  • Werkboek p. 153-161
  • Werkboek p. 143-152
  • Luister altijd eerst naar het audiofragment indien aanwezig op de slide.

Slide 2 - Tekstslide

Herhaling 
Beantwoord met behulp van de kaarten de vragen op de volgende slides. 

Tip: Je kan gebruik maken van je werkboek p. 143-152.

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Welke positie had West-Europa binnen de internationale handel? Leg dit kort uit.

Slide 6 - Open vraag

Welke twee gebieden vormden het kernpunt van de internationale handel?
A
Arabieren en India
B
China en India
C
Arabieren en China

Slide 7 - Quizvraag

In deze les leer je:
  • De betekenis van de zijderoute. 
  • Enkele steden van de zijderoute en hun kenmerken. 
  • Het belang van de steden van de zijderoute.
  • Vergelijking tussen de steden binnen en buiten Europa.

Slide 8 - Tekstslide

1) Inleiding

Slide 9 - Tekstslide

2) Zijderoute

Slide 10 - Tekstslide

Personen en producten van de zijderoute
Personen: 
  • Handelaars 
  • Ontdekkingsreizigers
  • Missionarissen 
  • Pelgrims
Producten (meer dan zijde alleen):
  • Specerijen
  • Zwaarden
  • Porselein
  • Textiel
  • ... Vooral luxe producten

Slide 11 - Tekstslide

3) Steden van de zijderoute

Slide 12 - Tekstslide

A) Damascus 'De poort naar het Oosten'

Slide 13 - Tekstslide

Situering:
  • Eén van de oudste oasesteden van het Midden-Oosten.
  • Vandaag is het de hoofdstad van Syrië.
  • Vanuit Constantinopel: 'de poort naar het Oosten'.
  • Voor handelaars van de zijderoute: 'de poort naar het Westen'.
  • Voor bedevaarders naar Mekka: laatste stop naar het Zuiden. 


Slide 14 - Tekstslide

Kenmerken:
In de middeleeuwen had Damascus een bloeiende ambachtelijke industrie:
  • Beroemd om de ambacht van    zwaardenmakers
  • Parfum
  • Textiel = damast = vorm van textiel dat naar de stad vernoemd was omdat er in Damascus een speciale soort weeftechniek werd gebruikt.
Soek:  Arabische markt meestal in openlucht, waar de prijzen worden onderhandeld.  

Bron: weven van Damast in het Deutsches Damast- Und Frottiermuseu

Slide 15 - Tekstslide

Lees document 1 en beantwoord de volgende vraag; Wat was een chans en welke functie(s) vervulde het?

Slide 16 - Open vraag

B) Boekhara en Samarkand 'Parels van de zijderoute'

Slide 17 - Tekstslide

Boekhara
Situering: 
Middeleeuwse stad in Centraal-Azië (langs de zijderoute).
De stad ligt in het hedendaagse Oezbekistan ten noorden van Iran

Kenmerken:
Meesters in decoratie en baksteen
Bekend voor zijn blauwe koepels
Bron: Mir-i-Arab Madrasa, Unesco Website

Slide 18 - Tekstslide

Samarkand 
Situering:
Aziatische binnenland
De stad ligt in het hedendaagse Oezbekistan ten noorden van Iran (dichtbij Boekhara).

Kenmerken:
  • Het stond bekend om zijn blauwe koepels en tegels
  • Gelegen aan rivier waar waterwielen de oevers overstroomde
  • Terrassen en zitbanken langs de oevers 
Bron: Pionier 3

Slide 19 - Tekstslide

Reisverslag van Ibn Batuta
Ibn Batuta
  • Marokkaanse wereldreiziger
  • In de 14de eeuw reisde hij de bekende wereld af van West-Europa tot China
  • In één van zijn reisverslagen gaf hij een omschrijving van Samarkand. 

Opdracht: Lees doc. 4 + beantwoord de vraag op de volgende slide. 
 

Bron: Pionier 3

Slide 20 - Tekstslide

Hoe beschreef Ibn Batuta Samarkand in zijn reisverslag? Wat was er langs de stad gelegen en waarvoor gebruikten de stedelingen het?

Slide 21 - Open vraag

C) Karakorum 'De trots van de Mongoolse steppen'

Slide 22 - Tekstslide

De Mongolen
Mongolen:
Nomaden: bevolkingsgroepen die geen vaste woonplaats hadden en rondtrokken. 
Steppevolkeren: verzamelnaam voor nomadische bevolkingsgroepen uit Centraal-Azië.  

Mongoolse rijk:
Vereniging van de Mongoolse stammen door Djengis Khan. Na de vereniging startte de Mongoolse veroveringen van Centraal-Azië tot in China. 
Na de dood van Djengis Khan in 1227 werd het Mongoolse rijk verdeeld onder zijn vier zonen. 

Bekijk kaart van de Mongoolse veroveringen op de volgende slide of in jullie werkboek op p. 159.  

Slide 23 - Tekstslide

kaart van veroveringen

Slide 24 - Tekstslide

Karakorum
Situering:

  • Gelegen op grensgebied Pakistan, India, Afghanistan en China. 

Kenmerken:
  • Administratieve hoofdstad van het Mongoolse Rijk. 
  • Geen grote stad omdat de Mongolen van nature geen stadsmensen waren.
  • Handel in blauw/wit porselein
Bron: Pionier 3

Slide 25 - Tekstslide

Willem van Rubroek
Opdracht:
Lees Doc. 7: 'Het reisverslag van 
Willem van Rubroek'.

Hoe omschreef Willem van Rubroek de indeling van de stad Karakorum? Wat kenmerkte deze indeling? 
 

Slide 26 - Tekstslide

Hoe omschreef Willem van Rubroek de indeling van de stad Karakorum? Wat kenmerkte deze indeling?

Slide 27 - Open vraag

D) Chinese steden 'De grootste ter aarde'

Slide 28 - Tekstslide

Chinese steden 
Doc 10:  Hedendaagse schrijver Lucas Catharina over de Chinese steden
Situering:
  • Einde van de zijderoute in Xian. 
Kenmerken:
  • Grootste van zijn tijd
  • Onderverdeeld in verschillende wijken (administratie en ambachtslieden)
  • Sterk centraal gezag over de steden vanuit de administratie
  • Restaurants, theehuizen, bordelen, bars 
  • Belangrijkste producten = zout en thee
Bron: Pionier 3

Slide 29 - Tekstslide

Sterke centrale macht:
Economisch vlak
Staatsmonopolie over thee en zout. Dat betekende dat de staat de volledige controle had en alle opbrengsten kreeg.
Bars en bordelen werden door de staat uitgebaat en de opbrengsten daarvan waren voor de schatkist.
Er werd papierengeld gebruikt door de Chinezen doorheen de 12de eeuw. 
Politiek vlak 
Volledige bestuur van de stad door ambtenaren klasse.
Ambachtslui werden ook gecontroleerd door de staat. Zij betaalden belastingen en moesten diensten leveren aan de staat. 



weinig vrijheden en veel staatscontrole voor de steden

Slide 30 - Tekstslide

Papiergeld
In de 12de eeuw werd er in China al gebruik gemaakt van papiergeld.

Dit eindigde omdat de overheid geld bleef bijdrukken waardoor het zijn waarde verloor. 

Bron: Storia 3 p. 80

Slide 31 - Tekstslide

Kunstvoorwerpen
Buitenlandse handelaars hadden vooral interesse in Chinese kunstvoorwerpen. 
  • Groen/geglazuurde vazen
  • Neksteun (keramiek)
Chinezen stonden bekend voor hun keramiek. 
Bron: Storia 3 p. 80

Slide 32 - Tekstslide

4) Belang van de steden van de zijderoute 
De steden waren plaatsen waar de handelaars van de zijderoute hun goederen konden verhandelen en waar ze zelf konden overnachten. 

De steden waren plaatsen van interculturele contacten:
  • Het waren ontmoetingsplaatsen tussen de verschillende culturen en godsdiensten. 
  • De interactie tussen de culturen was geen eenrichtingsfenomeen, de verschillende culturen gingen elkaar beïnvloeden. Bijvoorbeeld: wanneer China werd veroverd door de Mongolen behielden zij de werking van de Chinese politiek. 

Slide 33 - Tekstslide

5) Vergelijking de steden binnen en buiten Europa 
Bron: grondplan van Leuven in de 12de eeuw
Bron: Pionier 3

Slide 34 - Tekstslide

Overeenkomsten 
  • Gelegen aan rivier (bron van water)
  • Indeling in wijken
  • Een wirwar van kleine straatjes
  • Omwalling van de stad
  • Aanwezigheid van kooplieden/handelaars
  • Aanwezigheid van ambachtslieden

Slide 35 - Tekstslide

Verschillen
  • Moskee of Boeddhistische tempel Versus kerken en kathedralen
  • Specerijen winkels
  • Kamelen
  • Stad van de Islam Versus Christendom
  • Sterke staatscontrole: uitgebreide administratie Versus steden streden voor autonomie (zelfbestuur)
  • Steden waren kruispunt van culturen (Oost en West) Versus steden lagen eerder in periferie

Slide 36 - Tekstslide

Vragen
Als er bepaalde onderdelen van de les onduidelijk waren, is er de mogelijkheid om vragen te stellen op vrijdag 26 februari. 

We zullen vrijdag 26 februari ook samen de leerstof actief inoefenen door middel van opdrachten. 

Slide 37 - Tekstslide