WBC 30-10 (afronden thema 6 lowan het huis; de seizoenen, herfst)

Startklaar
  • Op je plek zitten
  • Telefoon in het Zakkie
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2ISK

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Startklaar
  • Op je plek zitten
  • Telefoon in het Zakkie
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 

Slide 1 - Tekstslide

vandaag
  • De laatste les thema 6 "het huis" (de en het)
  • tegenstellingen
  • toets thema 6
  • Thema 7 "de omgeving"
  • lezen

Slide 2 - Tekstslide

Donderdag 30 oktober
           Welkom 

Slide 3 - Tekstslide

Thema 6 Het huis 

Slide 4 - Tekstslide

Het huis

Slide 5 - Woordweb

De lidwoorden
..... huis
..... slaapkamer              
...... wasmachine
...... stofzuiger
......kledingkast



Slide 6 - Tekstslide

De lidwoorden
..... kledingkast
..... gordijn            
...... kussen
...... televisie
......bed



Slide 7 - Tekstslide

De lidwoorden
..... strijkijzer
.....   tuin    
...... flat
...... schuur
......bad



Slide 8 - Tekstslide

Groot en klein
Tegenstellingen

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Lowan 6 toets

Slide 11 - Tekstslide

De seizoenen

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Video

Wat is een ander woord voor frisser?
A
kouder
B
warmer
C
heet
D
gezellig

Slide 14 - Quizvraag

Waar zie jij de regen?
A
B
C
D

Slide 15 - Quizvraag

Wat is dit?
A
rugpijn
B
verkouden
C
oorpijn
D
hoofdpijn

Slide 16 - Quizvraag

Wat zijn de regen laarzen?
A
B
C
D

Slide 17 - Quizvraag

Wat is dit?
A
de prullenbak
B
de papegaai
C
de paraplu
D
de parasol

Slide 18 - Quizvraag

Waar zie je de sjaal?
A
B
C
D

Slide 19 - Quizvraag

Wat is dit?
A
Dit is wandelen.
B
Dit is voetballen.
C
Dit is lezen.
D
Dit is fietsen.

Slide 20 - Quizvraag

Wat is dit?
A
Dit is wandelen.
B
Dit is fietsen.
C
Dit is zitten.
D
Dit is zwemmen.

Slide 21 - Quizvraag

Waar zie je het bos?
A
B
C
D

Slide 22 - Quizvraag

Wat zijn dit?
A
het papier
B
de bladeren
C
het bad
D
de bakker

Slide 23 - Quizvraag

Waar zie je de eekhoorn?
A
B
C
D

Slide 24 - Quizvraag

Welk seizoen?
Het sneeuwt, het is.............................
De bladeren vallen van de boom, het is........................
Het is heel erg warm, het is.........................
De vogels leggen een ei, het is.............................
  • Herhaal de seizoenen.

Slide 25 - Tekstslide

Werken
  • Werk, alleen aan Lowan  Thema 7
  • Ben je klaar? Je gaat lezen 

Slide 26 - Tekstslide

Wat heb je geleerd?
  • Nieuwe woorden> in het huis
  • tegenstellingen herhalen
  • de seizoenen herhalen
 

Slide 27 - Tekstslide