SB Motivatie

Motivatie !
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Motivatie !

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Twee soorten motivatie:
Intrinsieke motivatie
Extrinsieke motivatie


Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

? motivatie
? motivatie

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Intrinsieke motivatie

komt vanuit jezelf. Je wilt iets zelf, bijvoorbeeld omdat je het heel leuk vindt!
Extrinsieke motivatie

ontstaat vanuit de omgeving. Dingen van buiten jezelf motiveren je iets te doen!

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Intrinsieke motivatie of extrinsieke motivatie?
Intrensiek
Extrensiek
Je wilt supergraag profvoetballer worden
Je moet van je ouders de havo halen!
Je vrienden dragen een bepaald merk waardoor jij deze kleding ook wil!
Je doet extra je best bij Engels, omdat je later een reis door Amerika wilt maken!
Je doet mee aan een sport omdat je prijzen wilt winnen!

Slide 5 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe kan jij je motivatie verbeteren?

Slide 6 - Tekstslide

  • Lees de tekst op de slide voor.
Extra informatie
Het is mogelijk om motivatie van buitenaf in motivatie van binnenuit te veranderen door vrijwillig te kiezen voor de dingen die je nu opgelegd worden. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Door na te denken over waar je heen wilt en je vervolgens te bedenken hoe de dingen die je moet doen daar naartoe leiden kun je motivatie creëren voor dingen waar je geen zin in hebt.
Intrinsiek of extrinsiek:
"Ze gaat babysitten, want dat levert extra geld op."
A
Intrinsieke motivatie
B
Extrinsieke motivatie

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Intrinsiek of extrinsiek:
"Hij gaat naar de tekenles, omdat hij graag tekent."
A
Intrinsieke motivatie
B
Extrinsieke motivatie

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Intrinsiek of extrinsiek:
"Hij leest graag in dat boek omdat hij zoveel mogelijk over dieren wil weten."
A
Intrinsieke motivatie
B
Extrinsieke motivatie

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Intrinsiek of extrinsiek:
"Ze leert graag voor wiskunde, omdat ze dan de beste van de klas kan zijn."
A
Intrinsieke motivatie
B
Extrinsieke motivatie

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vragen aan elkaar
Wie of wat heeft je gemotiveerd om het vwo te doen?
Wat doe je als je het gevoel krijgt om op te geven?
Waarom maak jij je huiswerk?
In welk vak zou jij je willen verdiepen?



Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar denk jij aan bij cijfers?

Slide 12 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom maak jij je huiswerk?

Slide 15 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Graag gedaan
Bedankt
Pardon
Dag
Nee
Ja
Zolang
Erg bedankt
Hallo
Alstublieft

Da
Net
Spasibo
Bolshoe spasibo
Pazhaluista
Pazhaluysta
Izvinite
Zdravstvuyte
Do svidaniya
Poka

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Graag gedaan
Bedankt
Pardon
Erg bedankt
Alstublieft
Dag
Nee
Pazhaluista
Spasibo
Izvinite
Bolshoe spasibo
Pazhaluysta
Do svidaniya
Net

Slide 19 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe weet een docent hoe jij het doet zonder een toets af te nemen?

Slide 21 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe weet jij hoe je het doet zonder een toets te maken?

Slide 23 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies