SOVA neurodiversiteit

SOVA neurodiversiteit
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
MentorlesMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 33 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

SOVA neurodiversiteit

Slide 1 - Tekstslide

Neurodiversiteit

Slide 2 - Tekstslide

verschillende soorten neurodivergentie

Slide 3 - Tekstslide

AD(H)D
De drie belangrijkste kenmerken van ADHD zijn:
  • onoplettend, concentratieprobleem;     
  • erg druk zijn (hyperactief);                          
  • impulsiviteit (niet denken, maar doen).

Slide 4 - Tekstslide

kenmerken concentratie
* onvoldoende aandacht en daardoor fouten maken
* moeite om de aandacht erbij te houden *  snel afgeleid zijn
* dromerigheid * passiviteit * teruggetrokkenheid
* niet goed kunnen luisteren * niet doen wat anderen je vragen
* moeite om taken af te maken *  regelmatig spullen kwijt zijn
* vaak iets vergeten * moeilijk tot actie komen/uitstelgedrag
* onder niveau presteren * meer denken dan doen

Slide 5 - Tekstslide

kenmerken hyperactief
* wiebelen, veel bewegen met handen/voeten, draaien op de stoel * niet kunnen blijven zitten * rondrennen, overal op klimmen * geen rust nemen, voortdurend bezig zijn * bij oudere kinderen: onrust, moeilijk kunnen ontspannen * moeilijk rustig kunnen spelen * veel praten * moeite om op de beurt te wachten

Slide 6 - Tekstslide

Andere kenmerken
* weinig tot geen gevoel hebben voor tijd. (vaak te laat komen)
* moeite hebben met plannen * moeilijk in slaap kunnen vallen
* prikkelbaarheid *  Snel angstige gevoelens en gedachten hebben * snel boos worden * sociaal onhandig  * emotionele uitbarstingen. Plotselinge  driftbuien en huilbuien) * hoofd- en bijzaken moeilijk kunnen scheiden * Onhandigheid en houterigheid (Vaak vallen en knoeien)

Slide 7 - Tekstslide

Kenmerken ADD
* te stil en angstig gedrag * dromerigheid * passiviteit
* teruggetrokkenheid * gebrek aan zelfcontrole 
* traag leertempo
Hoewel veel van deze kenmerken bij alle kinderen in meer of mindere mate voorkomen, hebben kinderen met ADD vaker een aantal kenmerken in ernstige mate en kunnen deze de ontwikkeling van het kind belemmeren.

Slide 8 - Tekstslide

ADD
* de aandacht niet genoeg inzetten bij het leren of gedrag. 
* taakgericht werken op school/ bij het maken van huiswerk 
* omgang met leeftijdgenoten. 
* het aanleren van dagelijkse routines verlopen trager
* De passiviteit en vergeetachtigheid bij taken die niet direct in de belangstellingssfeer liggen. 
Dit heeft niets te maken met onwil, maar juist met onmacht!

Slide 9 - Tekstslide

AD(H)D POSITIEVE kenmerken
* Creatief * Spontaan * Empathisch * Sterke intuïtie 
* Plezier hebben * Gevoel voor humor 
* Goed in het vinden van nieuwe oplossingen
* Goed in crisissituaties * Niet lang boos * Open
* Gedreven * Enthousiast * eerlijk

Slide 10 - Tekstslide

Autisme
Twee definities van autisme
  • Een medische diagnose autisme of autismespectrumstoornis (ASS). 
Alleen een bevoegde arts kan dat vaststellen. Het is een classificatie uit de DSM, een officieel handboek dat psychische stoornissen opsomt.
  • Een autistisch brein, waarbij de hersenen een autistische manier van informatieverwerking hebben. 
Dit kun je ook hebben als je geen diagnose of problemen hebt.

Slide 11 - Tekstslide

Kenmerken
* moeite met het begrijpen van sarcasme * moeite om oogcontact te maken (vooral in het begin) * Moeite met (onverwachts) aanraken * Graag bedenktijd krijgen na een vraag * Hebben graag een vaste plek * Gevoel hebben dat je hoofd vol zit en dan geen ruimte hebben voor iets anders * Weten graag wat ze wel en niet mogen doen * Houden van voorspelbaarheid, weten waar ze aan toe zijn * Moeite met het aanvoelen van gevoelens van anderen* Houden van luisteren naar rustige stemmen/stemmen (niet van harde geluiden)* Krijgen graag uitleg over wat er in hun omgeving gebeurd.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

ASS positieve kenmerken
• Creatief • Oog voor detail • Eerlijk • Realistisch
• Objectief • Perfectionistisch • Analytisch denken
• Concreet zijn • Leven volgens dezelfde regels
• Gericht op feiten • Deductief redenerend
• berekenend

Slide 14 - Tekstslide

Hoogbegaafdheid
Over het algemeen wordt uitgegaan van hoogbegaafdheid bij een IQ van 130 of hoger. 
Hoogbegaafdheid is meer dan alleen (cognitieve) intelligentie. Het gaat om een wezenlijk andere manier van denken en doen. Persoonlijkheid, creativiteit en doorzettingsvermogen spelen ook een belangrijke rol. Het is een wezenlijk deel van het ´zijn´ van de mens, hoe je als mens denkt en handelt. 

Slide 15 - Tekstslide

Kenmerken hoogbegaafdheid
Actieve hersenen en  daardoor ook last hebben van overprikkeling of onderprikkeling.
In één of meer van de onderstaande aspecten
Intellectueel
Emotioneel
Zintuiglijk
Psychomotorisch

Slide 16 - Tekstslide

Intellectueel:
steeds op zoek naar intellectuele uitdagingen. Gaan ‘uit’ als hieraan een gebrek is.

Emotioneel:
Betrokkenheid bij anderen, regelmatige drift- en woedeaanvallen, angst en depressies

Slide 17 - Tekstslide

Zintuiglijk:
Veel sterker dan anderen zien, voelen, horen, ruiken, etc.
Intense en diepe beleving van bijvoorbeeld muziek, eten en taal.
Maar ook sterk voelen van ruwe sokken, labels in T-shirts, sneller afgeleid op school, eerder gefrustreerd, gevoelig voor textuur van het eten waardoor dat een probleem kan worden. Kinderen kunnen situaties gaan vermijden waarin zij overprikkeld kunnen raken.


Slide 18 - Tekstslide

Psychomotorisch:
Een vergrote mogelijkheid om actief en energiek te zijn. Houden van beweging en hebben van een overschot aan energie. Snel praten, veel energie, overenthousiast. Waardoor een sterke kans op onterecht vermoeden van ADHD. Het kan zich namelijk ook uiten in impulsiviteit, rusteloosheid of nerveuze gewoonten.

Slide 19 - Tekstslide

Positieve kenmerken
Creatief * Intelligent * Taalkundig * Gevoel voor humor
* Gemotiveerd * Eigenwijs * Artistiek * Muzikaal
* Veel kennis * Goed georganiseerd * Kunnen goed concentreren * Inventief in vinden van verklaringen * Hoog leertempo * Inzicht in complexe leerstof * Vragen vaak door
* Grote en rijke woordenschat * Experimenten graag * Denkt graag buiten reguliere kaders * Kritische instelling


Slide 20 - Tekstslide

Hoogsensitief
Als je hoogsensitief bent, verwerk je informatie op een andere manier dan mensen die dat niet zijn.  
Je merkt veel prikkels op, die sterk binnenkomen en die je diepgaand verwerkt. Je bent hierdoor gevoelig voor fysieke sensaties. Maar ook voor emotionele prikkels. Je hoeft als hoogsensitief persoon niet voor alle prikkels even gevoelig te zijn.  

Slide 21 - Tekstslide

Kenmerken hoogsensitief
* Je ziet dingen die anderen misschien niet opvallen.
* Je kunt overweldigd worden door harde geluiden, fel licht en sterke geuren.
* Je begrijpt goed hoe anderen zich voelen en voelt dat zelf ook sterk.
* Je wil graag harmonie in je familie- en vriendengroep.
* Je hebt vaak rust en tijd alleen nodig om weer energie te krijgen.
* Je bent vaak goed in dingen die met creativiteit te maken hebben en je let op kleine dingen.

Slide 22 - Tekstslide

Kenmerken hoogsensitiviteit
* Je weegt de verschillende keuzes af voordat je een beslissing neemt.
* Veranderingen in je omgeving of te veel dingen tegelijk kunnen je gestrest maken.
* Je vindt het belangrijk om goede, diepe relaties met mensen te hebben
* Je denkt veel na over jezelf en hoe je kunt groeien.

Slide 23 - Tekstslide

4 vlakken
Er zijn vier vlakken waarop je hoogsensitief kan zijn. Je hoeft niet op elk vlak hoogsensitief te zijn. Het kan ook dat je je maar in 1 of 2 vlakken herkent (of allemaal).
Fysiek/mentaal/emotioneel/spiritueel

Slide 24 - Tekstslide

fysiek/lichamelijk

Slide 25 - Tekstslide

Emotioneel

Slide 26 - Tekstslide

Mentaal

Slide 27 - Tekstslide

Spiritueel

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Tekstslide

Opdracht
Maak de HSP test

Slide 33 - Tekstslide