science werkstuk

Science werkstuk.
Lot van Schooten.
Dth1o.
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
Middelbare school

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Science werkstuk.
Lot van Schooten.
Dth1o.

Slide 1 - Tekstslide

3.1 constructies.
Een constructie is iets dat is gebouwd dus bijvoorbeeld een achtbaan of een brug. Het moet stevig en sterk en stabiel zijn zodat het niet in elkaar valt. Dat word meestal met een boog of driehoek constructie gedaan. Er zijn twee soorten massief, Niet massief en wel massief. Niet = Ze zijn niet helemaal opgevuld. Wel = Ze zijn wel helemaal opgevuld. Door materiaal uit een massieve balk te halen ontstaat er een profielbalk. 

Slide 2 - Tekstslide

Driehoeks constructie.
In het plaatje hiernaast zie je een brug. Het is een driehoeksconstructie die erg stevig en sterk is. Hij is ook stabiel, Want als je erop loopt breekt hij niet door. De palen zitten in een driehoek waardoor het extra stevig is. Deze palen zijn massief.

Slide 3 - Tekstslide

Boogconstructie.
Dit is een boogconstructie. Deze constructie is erg stevig en is tussen 2 punten vast geklemd. De profielbalken zijn massief en sterk. Het plaatmateriaal is sterk.

Slide 4 - Tekstslide

Wat is een profiel balk?
A
Als je materiaal weg haalt uit een massievebalk.
B
Een balk van je instagram waar je je profiel kan zien.
C
Een balk met een profiel.
D
Ik heb geeen idee.

Slide 5 - Quizvraag

3.2 Veiligheid en stabiliteit.
Dit hoofdstuk gaat vooral over de veiligheid van de constructies. Dus bijvoorbeeld de remzones en de veiligheidsvoorschriften.

Slide 6 - Tekstslide

Achtbaan 1.
Dit is een achtbaan uit de efteling. Zoals je ziet gaat deze achtbaan best wel heel erg snel dus moeten er op sommige plekken remzones zitten zodat de achtbaan afremt. Het zwaarte punt in deze attractie zit ongeveer in het midden. Een paar veiligheidsvoorschriften voor deze attractie zijn: De karretjes moeten goed vastzitten, Genoeg remzones, De achtbaan moet sterk zijn.

Slide 7 - Tekstslide

Achtbaan 2.
Deze attractie is in Hellendoorn, Ik ben er ook in geweest en ik vond hem heel leuk! Hij was best eng omdat hij zo hoog ging. Hij moest namelijk ook stabiel zijn want anders viel je er uit als je bovenaan was. Der zitten ook kleine sensoren aan de onderkant want als een beugel los schiet dan schiet de sensor aan en dan zit je beugel weer vast. Dat gebeurd nooit maar toch als het gebeurd zit het daar.

Slide 8 - Tekstslide

Ben jij weleens in een achtbaan geweest?
A
Jaa!
B
Nee, dat wil ik niet.
C
Nee nog niet.
D
Ja, en vond het vreselijk.

Slide 9 - Quizvraag

3.3 verbindingen.
Dit hoofdstuk gaat over verbindingen tussen constructies.
Zoals hoe de constructies aan elkaar vast zitten, Bijvoorbeeld met lijm of punaises. 

Slide 10 - Tekstslide

Achtbaan 3.
Deze achtbaan heeft een starre verbinding. Dat betekend dat de achtbaan heel moeilijk is los te maken en dat je het alleen maar kan losmaken als je het kapot maakt. Ik denk dat deze achtbaan aan elkaar is gelast want het is erg sterk en blijft goed aan elkaar zitten. Er zijn ook andere opties om iets aan elkaar vast te maken: Spijkeren, Nagelen, Klinken, Lijmen of Naaien!

Slide 11 - Tekstslide

Wiel van een fiets.
Het wiel van een fiets is ook vol met verbindingen. Een fietswiel is een Flexibele verbinding. Aan de binnenkant van het wiel zit meestal een kogellager en soms scharnieren. Om een fietswiel in elkaar te zitten heb je wel gereedschap nodig zoals: Moeren en bouten, Schroeven, Soms een schroevendraad of spoed. Om de spaken aan elkaar vast te maken heb je een fels nodig of een las apparaat. 

Slide 12 - Tekstslide

Een rol plakband.
Een rol plakband is een demontabele verbinding. Dat betekend dat je het uit elkaar kan halen zonder dat het kapot gaat. Het is net zoals lijm, Het kan niet echt kapot gaan. 

Slide 13 - Tekstslide

3.4 Krachten.
3.4 gaat over krachten.
dus bv trekkracht en duwkracht.

Slide 14 - Tekstslide

De aarde.

Dit is de aarde. We leven allemaal op de aarde.( tenzij je een Alien bent natuurlijk .)  Er is zwaarte kracht op de wereld en dat betekend dat je nu gewoon op kan staan. Er zijn allemaal verschillende krachten met hun werkingen. Zoals bijvoorbeeld wrijf kracht, Als je nu een tijdje met je handen over elkaar heen wrijft voel je je handen ook gloeien. Maar er is ook windkracht dat de wind veroorzaakt. Maar ook trek kracht, Want als ik nu heel hard aan een elastiekje trek staat er spanning op, dat noem je dan trek kracht maar ook span kracht.

Slide 15 - Tekstslide

Zwaarte kracht meters.
Dit zijn zwaarte kracht meters. Hiermee kan je de zwaarte kracht meten. Als het product dat je aan het hangertje hangt komt er een getal uit dat de zwaarte kracht meet. Als er 100 staat is het 1 newton, Dus 200 gram 2 newton, enzovoort.

Slide 16 - Tekstslide

Veerkracht, spierkracht, drukkracht.
De overige krachten zijn: Veerkracht, Spierkracht en drukkracht. Als je een constructie of iets induwt noem je dat drukkracht want de constructie word ingedrukt dus komt er druk op. Veerkracht is drukkracht en trekkracht bij elkaar. En spierkracht is de kracht dat mensen of dieren uitoefenen. Dus bijvoorbeeld als je je spieren aanspant of als je gaat sporten train je je spieren.

Slide 17 - Tekstslide

Wat is veerkracht?

Slide 18 - Open vraag

Dat was mijn lesson-up !
Ik vond het een leuke maar moeilijke opdracht. Ik heb er ook hartstikke lang aan lopen te werken en hoop dat dit goed is. 

Slide 19 - Tekstslide