cross

H5.2 Isomeren en systematische naamgeving_4H

H5.2 Isomeren en systematische naamgeving
NOVA - Hoofdstuk 5 - 4H
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

H5.2 Isomeren en systematische naamgeving
NOVA - Hoofdstuk 5 - 4H

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deze les
  • Wat weet je nog over isomeren?
  • Bespreken HW opgaven
  • Uitleg systematische naamgeving 
  • Aan de slag 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk bespreken

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij het kraken wordt één eicosaanmolecuul  C20H42 afgebroken tot drie kleinere koolwaterstofmoleculen.
Neem aan dat twee van deze moleculen C4H8  en C11H24 zijn.        Daarnaast is er nog een derde koolwaterstofmolecuul.


a Geef de reactievergelijking voor het kraken van
    eicosaan in molecuulformules.
b Geef de reactievergelijking voor de volledige
    verbranding van eicosaan in molecuulformules.



Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij het kraken wordt één eicosaanmolecuul  C20H42 afgebroken tot drie kleinere koolwaterstofmoleculen.
Neem aan dat twee van deze moleculen C4H8  en C11H24 zijn.        Daarnaast is er nog een derde koolwaterstofmolecuul.
 
a Geef de reactievergelijking voor het kraken van
    eicosaan in molecuulformules.

  C20H42 --> C11H24 + C4H8 + C5H10

   20x C --> 11x C + 4x C + 5x C
   42x H --> 24x H + 8x H + 10x H

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij het kraken wordt één eicosaanmolecuul  C20H42 afgebroken tot drie kleinere koolwaterstofmoleculen.
Neem aan dat twee van deze moleculen C4H8  en C11H24 zijn.        Daarnaast is er nog een derde koolwaterstofmolecuul.
 
b Geef de reactievergelijking voor de volledige
    verbranding van eicosaan in molecuulformules.

C20H42 (s) + 30 1/2 O2 (g) --> 20 CO2 (g) + 21 H2O (l)

2 C20H42 (s) + 61 O2 (g) --> 40 CO2 (g) + 42 H2O (l)


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maak de volgende zin af:
Isomeren zijn moleculen met........

Slide 7 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke alkanen zijn isomeren van elkaar?
1
2
3
A
1 en 2
B
2 en 3
C
1 en 3
D
1 en 2 en 3

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welk blok staan twee isomeren en
 in welk blok staan twee dezelfde moleculen? 
dezelfde moleculen
isomeren

Slide 9 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Alle isomeren van een stof....
Teken alle isomeren van
1. 
2.  

Teken de structuurformules in je schrift
Nabespreken: hoe heb je het aangepakt?
C4H10
C5H12

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle isomeren van een stof....
Teken alle isomeren van
1. 
2.  
C4H10
C5H12

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nog een keer alle isomeren.....
Teken de structuurformules van alle isomeren
met de molecuulformule
in je schrift

Nabespreken:
hoeveel verschillende isomeren zijn er?
timer
3:00
C6H14

Slide 12 - Tekstslide

Bewaar deze tekening goed, hiermee gaan we de volgende les mee verder
Alle isomeren van hexaan
  • er zijn 5 isomeren met de molecuulformule C6H14
  • elk isomeer heeft een andere structuurformule
  • elke structuurformule heeft een andere systematische naam

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel
  1. Je kunt een systematische naam geven bij een structuurformules van een alkanen.
  2. Je kunt een structuurformule tekenen bij een gegeven naam van een alkaan.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Boek blz 146

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle isomeren van hexaan
  • stap 1: de langste keten bestaat uit 6 C-atomen
  • naam: hexaan of n-hexaan

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle isomeren van hexaan
  • stap 1: de langste keten bestaat uit 5 C-atomen
  • stamnaam: pentaan 
  • stap 2: zijketen: methyl
  • stap 3: methylpentaan
  • stap 4: nummering 
  • stap 5: 2-methylpentaan

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle isomeren van hexaan
  • stap 1: de langste keten bestaat uit 5 C-atomen
  • stamnaam: pentaan 
  • stap 2: zijketen: methyl
  • stap 3: methylpentaan
  • stap 4: nummering 
  • stap 5: 3-methylpentaan

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle isomeren van hexaan
  • stap 1: de langste keten bestaat uit 4 C-atomen
  • stamnaam: butaan 
  • stap 2: 2x zijketen: methyl
  • stap 3: dimethylbutaan
  • stap 4: nummering 
  • stap 5: 2,3-dimethylbutaan

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle isomeren van hexaan
  • stap 1: de langste keten bestaat uit 4 C-atomen
  • stamnaam: butaan 
  • stap 2: 2x zijketen: methyl
  • stap 3: dimethylbutaan
  • stap 4: nummering 
  • stap 5: 2,2-dimethylbutaan

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de juiste naam van stof I?
A
1,2-dimethylpropaan
B
1,2,2-trimethylethaan
C
3-methylbutaan
D
2-methylbutaan

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

antwoord D: 2-methylbutaan
  • stap 1: langste keten is 4 C-atomen dus butaan
  • stap 2: zijgroep is methylgroep
  • stap 3: methylbutaan
  • stap 4: geef de zijketen een zo laag mogelijk nummer,
                     dus begin aan de rechterkant te tellen
  • stap 5: 2-methylbutaan

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welk molecuul hoort bij de naam 2,2-dimethylpropaan
A
B
C
D

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

2,2-dimethylpropaan: antwoord A
  • het koolstofskelet heeft als enige molecuul een langste keten van 3 C-atomen
  • alle andere afbeeldingen hebben langere C-ketens, ook al staan ze soms in een bocht getekend
  • het koolstofskelet heeft op het middelste (=tweede) C-atoom twee zijgroepen ( = dimethyl)
  • elke zijgroep krijgt zijn eigen nummer (2,2)

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk
Lees H5.2 helemaal goed door
Leer de tabellen 1 t/m 7
Bestudeer alle voorbeeldopgaven
Maken + nakijken opgaven 10 + 12 + 14 + 16 in je schrift



Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies