Samenvatting H2 - Formules

HOOFDSTUK 2

Formules
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

HOOFDSTUK 2

Formules

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen hoofdstuk 2:
  • Je leert werken met een assenstelsel met negatieve assen.
  • Je leert een grafiek bij een formule tekenen.
  • Je leert dat er verschillende formules bij een tabel kunnen horen.
  • Je leert formules anders te schrijven.
  • Je leert een pijlenketting maken bij een formule.
  • Je leert onderzoeken of formules gelijk zijn.
  • Je leert een vergelijking oplossen m.b.v. een omgekeerde pijlenketting.

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen 2.1
  • Je leert werken met een assenstelsel met negatieve assen.

Slide 3 - Tekstslide

Coördinaten 

Punt(x,y)

A(-3,2)
B(-2,-3)
C(4,-1)
D(3,2)
E(-4,0)


Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Leerdoelen 2.2
  • Je leert hoe je een grafiek bij een formule tekent.

Slide 6 - Tekstslide

2
1
3
Grafiek, formule, tabel?
1, 2 of 3? 

Slide 7 - Tekstslide

Hoe teken je een grafiek bij een formule?
1) Teken een tabel bij de formule. Er staat aangegeven hoe groot deze tabel            moet zijn.
2) Teken een assenstelsel
    Zet de gegevens bovenin de tabel op de horizontale as en de gegevens            onderin de tabel op de verticale as. 
    Kies een geschikte stapgrootte voor de assen.
3)Teken de grafiek bij de tabel.

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Leerdoelen 2.3
  • Je leert dat bij een tabel verschillende formules kunnen horen.
  • Je leert een formule anders schrijven.

Slide 10 - Tekstslide

Welke formule hoort bij de tabel?








Om er achter te komen maak je bij iedere formule een tabel!
x
-2
-1
0
1
2
y
-8
-3
2
7
12
1. y = 5 × X + 2 
2. y = (X + 2) × 5
3. y = (2 + 5) × X

Slide 11 - Tekstslide

Welke formule hoort bij de tabel?

a
-2
-1
0
1
2
b
-8
-3
2
7
12
1. b = 5 × a + 2 
a
-2
-1
0
1
2
b
-8
-3
2
7
12
2. b = (a + 2) × 5
a
-2
-1
0
1
2
b
0
5
10
15
20
3. b = (2 + 5) × a
a
-2
-1
0
1
2
b
-14
-7
0
7
14
Dus alleen formule 1 hoort bij de tabel, 
want die tabel is hetzelfde als de gegeven tabel!

Slide 12 - Tekstslide

Hoe schrijf je formules op een andere manier?


1) Schrijf het '=-teken' aan de andere kant van de som.


2)  Zet een plus voor de min, zo krijg je "+-". We hebben geleerd dat dit gewoon min blijft. 
6 - 8 × p = q
q = 6 - 8 × p
6 + - 8 × p = q 

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Leerdoelen 2.4
  • Je leert een formule met een aftrekking schrijven als een formule met een optelling.
  • Je leert wanneer formules aan elkaar gelijk zijn.

Slide 15 - Tekstslide

Wat is een pijlenketting?

Een pijlenketting laat je zien in welke volgorde je met de formule moet rekenen.

De formule b = 3 × a + 4 

Ziet er in een pijlenketting als volgt uit:


Slide 16 - Tekstslide

Pijlenketting maken bij een formule
4 - 5 × p = h







p × 5 - 4 = h
 

Het helpt soms om voor de min een plus te zetten om er makkelijker een pijlenketting bij te maken.







p             
...             
h
× -5
+ 4 
-4 
× 5
p             
h
...             

Slide 17 - Tekstslide

Wanneer zijn formules gelijk?
1) Wanneer de bijbehorende tabellen gelijk zijn.



2) Wanneer de bijbehorende pijlenkettingen gelijk zijn. 

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

Leerdoelen 2.5:
  • Je leert wat een omgekeerde pijlenketting is.
  • Je leert hoe je een omgekeerde pijlenketting maakt.
  • Je leert hoe je een vergelijking oplost met een omgekeerde pijlenketting. 

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Video

Slide 22 - Video


Ben je voldoende voorbereid voor de toets? 
😒🙁😐🙂😃

Slide 23 - Poll


Welk cijfer ga je halen?
010

Slide 24 - Poll

Veel succes!
Je kan het!

Slide 25 - Tekstslide