VWO 4 Thema 6 Mens en milieu B2 Voedselproductie

Thema 6 Mens en Milieu
B2 
Voedselproductie
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Thema 6 Mens en Milieu
B2 
Voedselproductie

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen B2
6.2.1 Je kunt de oorzaken en gevolgen van eutrofiëring van water uitleggen en mogelijke oplossingen hiervoor aandragen.
6.2.2 Je kunt uitleggen op welke manieren een optimale productie van voedsel kan worden verkregen en wat de eventuele gevolgen hiervan voor de natuur zijn.
6.2.3 Je kunt de verschillen in de wijze van voedselproductie in de gangbare en de biologische landbouw beschrijven.

De Britse econoom Malthus voorspelde rond 1800 hongersnood op grote schaal, doordat de groei van de wereldbevolking groter was dan de groei van de voedselproductie. Door de intensivering van de landbouw groeide de voedselproductie uiteindelijk relatief sneller dan de bevolking.

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Effecten voedselproductie op milieu
  • Bodem raakt uitgeput
  • Biodiversiteit neemt af (monoculturen)
  • Leefomgeving verslechtert

Manieren om voedselproductie te verhogen
  • bemesting
  • bescherming van landbouwgewassen en landbouwhuisdieren tegen ziekten en plagen
  • aanpassing van de erfelijke eigenschappen van landbouwgewassen en -huisdieren 

Slide 4 - Tekstslide

Bemesting
Abiotische omstandigheden die geregeld worden:  
- bodembewerking
- bescherming tegen ziekten en plagen 
- Anorganische stoffen (voedingszouten) in de bodem

Anorganische stoffen (voedingszouten) verdwijnen doordat:
1. gewassen van het land weggehaald worden (oogsten)
2. door regen op een kale bodem anorganische stoffen (mineralen) uitspoelen naar diepere lagen.

Slide 5 - Tekstslide

Bemesting:
kunstmest (NO3- of PO43-) of drijfmest
  • Drijfmest (urine en uitwerpselen van dieren, vermengd met stro) wordt door reducenten afgebroken, zodat de mineralen beschikbaar komen voor de planten.
  • Effeciënte landbouwmethoden verbouwen in monocultuur: op een grote oppervlakte staat één soort gewas.  
  • Nadeel plaagvorming en ziektes

Een plaag kan ontstaan door: 
1. Groot voedselaanbod 
2. Ontbreken van natuurlijke vijand

Slide 6 - Tekstslide

Eutrofiëring en waterbloei
Gevolgen van eutrofiëring:
– Verandering van de soortensamenstelling treedt op.
Waterbloei: sommige soorten waterplanten, bijv. algen, breiden zich enorm uit en kleuren het water groen.
Gevolgen van waterbloei:
– Veel ondergedoken planten sterven --> door minder licht 
Algen leven kort en sterven snel.
– Hierdoor grote hoeveelheden organische afvalstoffen.
Reducenten vermeerderen snel en verbruiken veel zuurstof.
Waterdieren sterven door zuurstofgebrek.
– De hoeveel organisch materiaal neemt toe (met als gevolg nog meer reducenten en meer zuurstofgebrek).
– Uiteindelijk ontstaat er water waarin vrijwel geen planten, dieren en reducenten meer voorkomen.

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Link

Water
  • Het water op aarde is aanwezig als oppervlaktewater of als grondwater. Oppervlakte water is naast rivieren en sloten ook de bovenste laag van zeeën en oceanen.

  • Vervuiling van oppervlaktewater komt via natuurlijke weg: dode resten van planten en dieren. Reducenten zetten dit om in anorganische stoffen. Dit is het zelfreinigende vermogen van water.

Slide 9 - Tekstslide

Bestrijding van ziekten en plagen
  • mechanisch
       - het vangen of wegjagen van dieren (door bijv. vallen of vogelverschrikkers). Door 
          gewenning wordt dit minder effectief. 
       - Maar onkruid kun je ook mechanisch bestrijden met behulp van werktuigen, machines en 
         gereedschappen.
  • chemische bestrijding: pesticiden (herbiciden en insecticiden)

Deze zijn erg effectief, maar:
- niet soort-specifiek, dus nuttige dieren gaan ook dood
- organismen kunnen resistent (ongevoelig) voor gif worden

Slide 10 - Tekstslide

Pesticiden
  • Pesticiden zijn ook persistent: ze worden niet of nauwelijks langs natuurlijke weg afgebroken. 
  • Gevolg accumulatie....de concentratie in elke schakel van de voedselketen neemt naar verhouding toe.
  • Pesticiden komen deels in het oppervlaktewater terecht. Een ander deel komt in het grondwater en zodoende ook in ons drinkwater...

Slide 11 - Tekstslide

Maak opdracht 17 t/m 19

Slide 12 - Tekstslide

Methoden voor ver-betering van organismen
  • veredelen of fokken: nakomelingen met de meest gunstige eigenschappen worden geselecteerd (kunstmatige selectie) om verder te kruisen. Hierdoor worden de meest gunstige eigenschappen in de nakomelingen gekregen.

  • Recombinant-DNAtechniek: DNA wordt ingebracht, eventueel van een ander soort, om de gewenste eigenschappen te krijgen, bijv. resistentie bij planten.

Slide 13 - Tekstslide

Biologische landbouw
  • Door in een cyclus verschillende gewassen te verbouwen (wisselteelt), wordt uitputting van de bodem voorkomen en is er een kleinere kans op een plaag.

  • Dieren krijgen voldoende ruimte, biologisch geteeld voer zonder standaard antibiotica.

  • Doel Europa: 25% van de landbouw moet in 2030 vervangen zijn door biologische landbouw

Slide 14 - Tekstslide

Milieuvriendelijke ontwikkelingen
  • Ledlampen in glastuinbouw:
- Optimalisatie fotosynthese door de juiste kleur licht en de juiste intensiteit
- Verticale landbouw nu mogelijk 

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Biologische bestrijding van witte vlieg met sluipwespen

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Overbevissing
  • Overgrote deel van de aarde bestaat uit water
  • De biodiversiteit in zeeën en oceanen is enorm
  • Vraag naar vis is afgelopen 50 jaar verdubbeld met als gevolg grootschalige visvangst 
  • Als er meer wordt gevangen dan er door natuurlijke aanwas bijkomt, noem je dat overbevissing.
  • Bijvangst
  • Leefgebied beschadigd

Slide 19 - Tekstslide

Maak opdracht 20 t/m 27

Klaar? Oefen de Flitskaarten en maak Test Jezelf

Neem daarna de leefwereldcontext 'Ben jij klaar voor het eten van insecten?' door en maak opdracht 28




Slide 20 - Tekstslide

Afsluiter B2

6.2.1 Je kunt de oorzaken en gevolgen van eutrofiëring van water uitleggen en mogelijke oplossingen hiervoor aandragen.

6.2.2 Je kunt uitleggen op welke manieren een optimale productie van voedsel kan worden verkregen en wat de eventuele gevolgen hiervan voor de natuur zijn.

6.2.3 Je kunt de verschillen in de wijze van voedselproductie in de gangbare en de biologische landbouw beschrijven.




Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Link

Maak een mindmap met alle begrippen van B2 en lever die hieronder in als foto...

Slide 23 - Open vraag