1F Monday February 8th

Welcome
What do you know after this lesson:

- You can ask and tell the time in English
- You can talk about timetables and schoolsubject
 

1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Welcome
What do you know after this lesson:

- You can ask and tell the time in English
- You can talk about timetables and schoolsubject
 

Slide 1 - Tekstslide

Telling time
Een heel uur: 
it's ...... o'clock

Kwart over / kwart voor:
it's a quater past ......
it's a quater to ........

Half .......:*
it's half past ...............
(*Let op: wij kijken vooruit en de Engelsen kijken achteruit)


Slide 2 - Tekstslide

Hoe zeg je :

Het is 5 uur.
A
It's 5 o'clock
B
It's 5 hours

Slide 3 - Quizvraag

Hoe zeg je:

Het is half 9
A
It's half 9
B
It's half 8
C
It's half past 8
D
It's half past 9

Slide 4 - Quizvraag

Hoe zeg je:

Het is kwart voor 2
A
It's a quater past 2
B
it's 45 minutes past 1
C
It's 15 minutes minus 2
D
It's a quater to 2

Slide 5 - Quizvraag

Hoe zeg je:

Het is kwart over 4
A
It's a quater past 4
B
it's 45 minutes past 3
C
It's 15 minutes minus 4
D
It's a quater to 4

Slide 6 - Quizvraag

Hoe schrijf je:

Het is half 3

Slide 7 - Open vraag

Telling time
Yellow part of the clock:
1 until 30 minutes past ......


Blue part of the clock
29 until 1 minute to ........



Slide 8 - Tekstslide

Hoe zeg je :

Het is 5 over 10
A
It's 5 to 10
B
It's 5 past 10
C
It's 5 over 10
D
It's 5 after 10

Slide 9 - Quizvraag

Hoe zeg je:

Het is 5 voor 8
A
it's 55 past 7
B
It's 5 minus 8
C
It's 5 to 8
D
It's 5 past 8

Slide 10 - Quizvraag

Hoe zeg je:

Het is 5 voor half 3
A
It's 5 to half 3
B
It's 5 to half past 2
C
It's 25 past 2
D
It's 25 to 3

Slide 11 - Quizvraag

Hoe zeg je:

Het is 10 voor 5.
A
It's 10 to 5
B
It's 50 past 4
C
It's 5 minus 10
D
It's 20 past half 5

Slide 12 - Quizvraag

Hoe schrijf je:
Het is 12 over 5

Slide 13 - Open vraag

Klokkijken
Kan jij nu de tijd vertellen in het Engels?
A
Ja!
B
Jawel, maar ik wil er nog mee oefenen.
C
Jawel, maar ik zou het fijn vinden om het nog een keer te herhalen.
D
Ik snap er niks van.

Slide 14 - Quizvraag