Informal Writing

Writing an email
1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Writing an email

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Weet je niet hoe de ontvanger heet?

Aanhef 
Dear Sir / Madam,

Afsluiting
Yours faithfully,
Weet je wél hoe de ontvanger heet?

Aanhef
Dear Mr / Ms Smith,

Afsluiting
Yours sincerely,

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Let op!
Let op je taalgebruik. Hou het netjes / formeel!

Gebruik geen samentrekkingen:
Do not                          Don't
  Will not                         Won't

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

" Dear " gebruik je voor..
A
informeel
B
formeel
C
beide

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

So.....with
Dear .......,

you can't go wrong!

Slide 5 - Tekstslide

Vraag aan een paar leerlingen wat een goede aanheft zou zijn:
Email aan je vriendin Anna,
Email aan je oude oom,
Email voor een sollicitatie,
Email aan een hotel voor informatie 
Een email beginnen met: hello
No, never! 

Hoe dan wel? 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 My name is 
I'm writing to you because

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

What is formal language?
A
Neat, business like
B
Street talk
C
less formal, but still correct

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Formele mail afsluiten
A
Best wishes,
B
Kind regards,
C
See you soon,

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Gonna, wanna, cause, u
A
Is always allowed in formal writing
B
is always allowed in an informal email
C
is never allowed

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

What can you use?
gonna = going to
wanna = want to
cause, cuz = because
u = you
Always write full words, never abbreviations

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een zin beginnen met and/but
Kan nooit


Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

What can you do with
and/but?
and other linking words?

Combine sentences!
I want to go to Canada. But I can't afford it.
I want to go to Canada, but I can't afford it.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

How do you write 'ik' in English?

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

When do you use 'I' in a sentence?

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ALTIJD HOOFDLETTER i 
Engelsen/Amerikanen vinden zichzelf heel belangrijk
Groot ego.
Ik is dus altijd met hoofdletter.
Whenever I go outside I take my keys with me

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mind your punctuation!

Slide 17 - Tekstslide

Wat is het verschil tussen deze 2 zinnen?
Begin je zin met een hoofdletter, eindig met een punt. Schrijf leesbaar.
Layout, overzichtelijkheid:

Slide 18 - Tekstslide

Welke email ziet er overzichtelijker uit en makkelijker om te lezen? Versie A of B?
Voor de oplettende leerling: ziet iemand hier een fout?
(Ja, er hoort een witregel na 'Looking forward to seeing you again,' en de regel daaronder met de naam.
Hoe schrijf je de datum in een Engelse formele brief?
A
9/2/2021
B
February 9, 2021
C
9 February, 2021
D
2/9/2021

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Je schrijft een brief naar Mevrouw Evans. Hoe begin je je brief?
A
Dear Sir/Madam,
B
Dear Miss,
C
Dear Mr Evans,
D
Dear Mrs Evans,

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Spelling and punctuation

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

My birthday is in december.
A
true
B
false

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Thanks for your letter.
A
true
B
false

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Lets go to the cinema tonight!
A
true
B
false

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

i love to go shopping in Amsterdam.
A
true
B
false

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

My favourite food is pasta.
A
true
B
false

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

She live in Zwolle
A
true
B
false

Slide 27 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

I work on mondays.
A
true
B
false

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vertaal de volgende zin:
Ik zou graag een rondleiding hebben door Londen

Slide 29 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Verbeter de volgende zin:
I want more information about your company.

Slide 30 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke zin is juist? (Let op spelling en grammatica)
A
I'm looking forward to hearing from you
B
I look forward to hear from you
C
I am looking forward to hearing from you
D
I looked forwards to hear from you

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vertalen:
Is het mogelijk om korting te krijgen?

Slide 32 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Vertalen:
Ik heb interesse in uw voorstel

Slide 33 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Vertalen:
Ik ben een 16 jarige jongen

Slide 34 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Vertalen:
Ik zou een paar vragen willen stellen

Slide 35 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Vertalen:
Ik hoop dat u mijn brief snel antwoordt

Slide 36 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

De maanden in het Engels schrijf je met een

Slide 37 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies